Homeostase kopie

Homeostase

1 / 41
next
Slide 1: Slide
New lesson editorBiologieSecundair onderwijs

This lesson contains 41 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

Homeostase

Doelen

  • Ik kan uitleggen wat glucose doet in het menselijk lichaam

  • Ik kan uitleggen wat insuline doet en waar het geproduceerd wordt

  • Ik kan uitleggen wat glucagon doet en waar het geproduceerd doet

  • Ik kan beide vormen van diabetes toelichten

  • Ik kan uitleggen wat de eilandjes van Langerhans doen

  • Ik kan uitleggen hoe de bloedsuikerspiegel gereguleerd wordt

  • Ik kan uitleggen hoe de lichaamstemperatuur gereguleerd wordt

  • Ik kan uitleggen hoe de bloedzuurstofconcentratie gereguleerd wordt

Glucose

  • Een soort suiker

  • Belangrijkste energieleverancier (ook vet en eiwitten)

  • Genoeg nodig voor hersenen

  • Te veel = stroperig bloed, verstopte bloedvaten (trombose)

  • Suikerziekte, zwaarlijvigheid

Wat is een neurale prikkel?

Is de stijging van de glucoseconcentratie een inwendige of uitwendige prikkel?

A

Inwendig

B

Uitwendig

C

Allebei

D

Geen van beide

Trombose

  • Verstopte ader

  • Bloed kan niet doorstromen

  • Hersentrombose dodelijk door zuurstoftekort

    • Zo snel mogelijknaar het ziekenhuis

P. 238

P. 239

P. 240

Waar vinden we α-cellen en β-cellen?

A

In de lever

B

In de galblaas

C

In de eilandjes van Langerhans

D

In de maag

Alfa- en bètacellen

  • In de pancreas/alvleesklier

  • Eilandjes van Langerhans

  • Merken en meten hoeveelheid glucose

  • Bètacellen produceren insuline als glucose te hoog ligt

-> pancreas = receptor van regelsysteem

Insuline

  • Hormoon

  • Bètacellen

  • Alle lichaamscellen nemen glucose op -> effectoren

    • Spier- en levercellen: glycogeen

  • Gevolg: glucoseconcentratie in bloed daalt

  • Bloedsuikerspiegel voortdurend gemeten en bijgestuurd

Glycogeen

  • Aaneengeschakelde glucosemoleculen -> glycogenese

  • Opgeslagen in de spier- en levercellen

  • Wordt afgebroken tot glucose als er te weinig glucose in het bloed zit

Glucose

Diabetes

Type II

  • Auto-immuunaandoening

  • Immuunsysteem valt bètacellen van de pancreas aan

  • Behandeling: insulinetoediening

  • Symptomen: veel plassen, dorst

  • Lichaam reageert te weinig op insuline -> suiker blijft in bloed

  • Te weinig insuline geproduceerd

  • Grotendeels te voorkomen

  • Risicofactoren: erfelijkheid, leeftijd, ongezonde levensstijl

  • Behandeling: medicatie, gezonde levensstijl

  • Symptomen niet altijd uitgesproken

Type I

P. 240

P. 241

P. 241

P. 242

Wat doet glucagon als je weet dat het omgekeerde effect van insuline heeft?

Glucagon

  • Hormoon

  • Alfacellen

  • Levercellen geven glucose af in de bloedbaan -> effectoren

  • Gevolg: glucoseconcentratie in bloed stijgt

  • Bloedsuikerspiegel voortdurend gemeten en bijgestuurd

P. 242

P. 243

P. 243

P. 244

Prikkel

Prikkel

Receptor

Effector

Reactie

Te lage bloedsuikerspiegel

alfacellen

eilandjes van Langerhans

bètacellen

eilandjes van Langerhans

levercellen

omzetten glycogeen in glucose

+vrijzetten in bloedbaan

Reactie

Effector

Receptor

Te hoge bloedsuikerspiegel

lichaamscellen

opnemen glucose vanuit bloedbaan

diabetes type I: onvoldoende

insulineproductie

diabetes type II: onvoldoende

gevoeligheid voor insuline

P. 245

P. 245

Bij wie gaat de glucoseconcentratie in het bloed stijgen?

A

De man die een stuk taart eet

B

Jij die aan het fietsen bent

Stel: je hebt 's middags enkel boterhammen gegeten. Hoe heb je dan toch energie om te fietsen?

Sleepvraag

Diabetes type I

Diabetes type II

Autoimmuunaandoening

Lichaam reageert te weinig op insuline

Symptomen niet altijd uitgesproken

Behandeling: insulinetoediening

Glycogeen

  • Aaneengeschakelde glucosemoleculen -> glycogenese

  • Opgeslagen in de spier- en levercellen

  • Wordt afgebroken tot glucose als er te weinig glucose in het bloed zit

Glucose

Oefeningen

  • 1, 2, 3, 4, 5 vanaf p. 269

3

m

00

s

P. 269

P. 269

P. 269

P. 270

Glucoseconcentratie meten

  1. Druppel bloed op teststrip

  2. Glucosemeter geeft waarde

Bloedglucosemeter

Glucosesensor

  • Onderhuidse sensor

  • Meet voortdurend glucoseconcentratie in het bloed

  • Glucosewaarden zichtbaar bij het flashen van de sensor

  • Flash Glucose Monitoring (FGM)

P. 247

Insuline is een hormoon dat slechts kort in het bloed blijft. Het is na elke maaltijd noodzakelijk om glucose uit het bloed naar de cellen te transporteren. Dit geldt voor iedereen, ook voor mensen met diabetes.

  • Dieet aanpassen: suikerarm, minder en andere vetten

  • Meer bewegen

P. 247