NLA2P kleding + adjectieven

Kleding
+ bijvoeglijke naamwoorden
1 / 12
next
Slide 1: Slide
NT2MBOStudiejaar 1

This lesson contains 12 slides, with interactive quizzes and text slide.

time-iconLesson duration is: 15 min

Items in this lesson

Kleding
+ bijvoeglijke naamwoorden

Slide 1 - Slide

De ... muts
A
warme
B
warm
C
warmen

Slide 2 - Quiz

Het ... vest
A
grote
B
groote
C
groot
D
groten

Slide 3 - Quiz

Ik draag een ... broek
A
nieuw
B
nieuwe
C
nieuwen

Slide 4 - Quiz

Lisa draagt ... laarzen
A
leer
B
lere
C
leere
D
leren

Slide 5 - Quiz

Jij draagt een ... jasje
A
mooi
B
mooie
C
moie
D
mooien

Slide 6 - Quiz

Ik draag een ... trui
A
wol
B
wolle
C
wolen
D
wollen

Slide 7 - Quiz

Wij houden van ... handschoenen
A
dik
B
dikke
C
dikken

Slide 8 - Quiz

Ik draag een ... rok
A
rood
B
roode
C
rode
D
roden

Slide 9 - Quiz

Peter koopt een ... overhemd
A
nieuw
B
nieuwe
C
nieuwen

Slide 10 - Quiz

Ik draag vandaag ... sokken
A
wit
B
wite
C
witte
D
witten

Slide 11 - Quiz

Marie draagt vandaag een ... blouse
A
zwart
B
zwarte
C
zwarten

Slide 12 - Quiz