• De kwaliteit en toegankelijkheid van scholen en kinderopvang bijvoorbeeld bepaalt welke kansen kinderen krijgen om zich te ontwikkelen.
• Ook verenigingen, de buurt,… oefenen invloed uit op wat kinderen leren en hoe ze zich gedragen. In een omgeving met veel criminaliteit of armoede worden kinderen vaak sneller geconfronteerd met verantwoordelijkheid of gevaar.
• In een welvarende omgeving is er meer ruimte voor ontspanning, hobby’s en persoonlijke ontwikkeling. In een minder welvarende omgeving ligt de nadruk vaker op overleven, werken en bijdragen aan het gezin.
• Een kind in een grootstad leert bijvoorbeeld al vroeg omgaan met druk verkeer.
• Een kind in een sloppenwijk ontwikkelt dan weer vaak creativiteit en overlevingsvaardigheden in moeilijke omstandigheden.
• Een kind dat opgroeit in Groenland leert jagen en vissen om te kunnen overleven in een uitdagende natuur.