Rapportage GO2E-VIG/VPK

1 / 37
next
Slide 1: Slide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 1

This lesson contains 37 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Wat is rapporteren?

Slide 3 - Open question

This item has no instructions

Rapporteren
Het schiftelijk/mondeling verslag doen van gebeurtenissen of situaties die zijn waargenomen. 

Je rapporteert het zorgproces van de zorgvrager

Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Wat hoort er allemaal in
een rapportage?

Slide 5 - Mind map

This item has no instructions

rapportage
Wie rapporteert: 
Evver, verpleegkundige, verzorgende, arts, fysio, ergo 
(alle betrokken disciplines)

Wat rapporteer je: 
Alle informatie die belangrijk is voor goede zorgverlening. 
Bijvoorbeeld hoe het gaat met iemand, evt problemen, behaalde doelen, veranderingen, wensen, afspraken, etc.

Slide 6 - Slide

This item has no instructions

Vaardigheden in het beroepsmatig handelen:

Vaardigheden in het beroepsmatig handelen:
* Waarnemen
*Observeren
*Signaleren
*Rapporteren

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Wat is waarnemen?

Slide 8 - Open question

This item has no instructions

Waarnemen
Waarnemen:
  • Opnemen van informatie d.m.v. de zintuigen
  • Onbewust, de hele dag, elk moment
  • Selectief waarnemen: Je bepaalt (bewust of onbewust) zelf wat je wilt waarnemen

Slide 9 - Slide

This item has no instructions

Met welke zintuigen kan je waarnemen?

Slide 10 - Open question

This item has no instructions

Waarnemen
  • Oren= luisteren
  • Ogen= kijken
  • Tastzin= voelen
  • Reukzin= ruiken
  • Smaakzin = proeven

Slide 11 - Slide

This item has no instructions

Wat is het verschil tussen waarnemen en observeren?

Slide 12 - Open question

This item has no instructions

Observeren

Bewust, doelgericht iets waarnemen

Slide 13 - Slide

This item has no instructions

Signaleren
  • Het vaststellen van veranderingen bij de zorgvrager. 
  • Signaleren van veranderingen kan leiden tot evt acties.
  • De stap na signaleren = rapporteren

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Iemand ziet erg rood. Welk zintuig kan je inzetten om te bepalen wat de temperatuur van de huid is
A
Gezichtsvermogen
B
Gehoor
C
Tastzin
D
Reuk

Slide 15 - Quiz

This item has no instructions

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Voordelen mondeling rapporteren
- Het is rechtstreeks.
- Vragen kunnen direct gesteld worden.
- Er is gelegenheid om toelichting te geven bij vragen.
- Spreken is vaak overtuigender.
- Je ziet hoe de ander reageert op de informatie en kunt dit direct bespreken.

Slide 21 - Slide

This item has no instructions

Wat is een nadeel van schriftelijk rapporteren?
A
Er is beïnvloeding van anderen of door anderen.
B
Het is niet efficiënt.
C
Er is geen directe feedback dus je weet niet of informatie goed overkomt.
D
De kern van de rapportage gaat vaak verloren.

Slide 22 - Quiz

This item has no instructions

Hulpmiddel bij rapporteren 
SOAP methode 
Kan helpen om rapportage concreet en duidelijk op te schrijven 

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

SOAP methode
De SOAP-methode structureert het rapporteren. Dit geeft niet alleen een beter overzicht, maar biedt ook veel mogelijkheden om beter te observeren, te analyseren en om betere zorgplannen te maken.

Slide 24 - Slide

This item has no instructions

SOAP methode
S: Subjectieve gegevens
O: Objectieve gegevens
A: Analyse van het probleem
P: Planning

Slide 25 - Slide

Subjectief: Wat de cliënt zegt over zijn eigen belevingen.
Objectief: De directe observatie van de situatie door de medewerker.
Analyse: Een conclusie getrokken uit de subjectieve en objectieve gegevens die de medewerker heeft verzameld.
Plan: Wat de medewerker vervolgens gaat doen.

Slide 26 - Video

This item has no instructions

Subjectief: 

Wat de cliënt zegt over zijn eigen belevingen.
Meneer zegt dat hij zich niet goed voelt. Hij heeft buikpijn en hoofdpijn

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Objectief: 
De directe observatie van de situatie door de medewerker. Met andere woorden: het gedrag van de cliënt zoals de medewerker dit waarneemt.
Meneer heeft koorts (39.4 ) Hij heeft vandaag niet gegeten en alleen wat water gedronken

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Analyse: 
Een conclusie getrokken uit de subjectieve en objectieve gegevens die de medewerker heeft verzameld.
Meneer heeft vermoedelijk een griepvirus opgelopen

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Plan:
Hier schrijf je op wat je gedaan hebt of de volgende keer zou kunnen doen.
Graag vanavond en morgenochtend nog een keer de temperatuur opnemen en een vochtbalans bijhouden

Slide 30 - Slide

This item has no instructions

VOORBEELD RAPPORTAGE VOLGENS SOAP
Subjectief:
Mevrouw weigerde haar middag-medicijnen en zei dat ze ze niet meer wilde hebben. 
Objectief:
Werd onrustig en raakte van streek.
Analyse: 
Weigert in de regel geen medicijnen, maar ik heb pas kort geleden met mevrouw kennisgemaakt en ze kent me niet goed.
Plan:
Ik zal wat tijd samen met haar doorbrengen zodat ze meer vertrouwd raakt met mijn gezelschap en vraag haar of zij de medicijnen later wil innemen.

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

Wees specifiek!
Niet zo.. 
Mw ging vandaag vaak naar het toilet.

Maar zo..
Mw ging vandaag 5x naar het toilet , normaal is dit 3x

Slide 32 - Slide

This item has no instructions

Slide 33 - Slide

This item has no instructions

Slide 34 - Slide

This item has no instructions

Zakboekje rapporteren
https://www.wzh.nl/images/downloads/wzh_zakboekje_rapporteren_soap_soep_0.pdf


Slide 35 - Slide

This item has no instructions

Slide 36 - Link

This item has no instructions

Wat is observeren?
A
Luisteren naar wat er gezegd wordt
B
Je collega volgen en feedback geven
C
Zien en horen wat er om je heen gebeurd

Slide 37 - Quiz

This item has no instructions