25/26 Zwaartekracht en krachten meten 3K

NaSk klas 3
1 / 15
next
Slide 1: Slide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolvmbo, mavo, havoLeerjaar 2,3

This lesson contains 15 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

NaSk klas 3

Slide 1 - Slide

Leswissel 5 min
Wat gaan we vandaag doen?
10 min
30 min
5 min
  • Herhalen
  • Zelf aan de slag
  • Afsluiten

Slide 2 - Slide

Lesstart 5 min
Herhaling
Als er een kracht werk op een voorwerp kun je de kracht niet zien, maar wel herkennen dat er een kracht werkt doordat:
  • de snelheid waarmee het voorwerp beweegt veranderd
  • de richting waarin het voorwerp beweegt veranderd
  • de vorm van het voorwerp veranderd

Slide 3 - Slide

Welke krachten werken hier?
Hoe weet je dat die krachten hier werken?
Wat weet je nog?
Schrijf op je wisbordje bij ieder voorbeeld hoe je kunt zien dat er een kracht werkt:

  1. Een elastiek wordt uitgerekt
  2. Een bal waar tegen aangetrapt wordt maakt een draai
  3. Bij aanrijding tussen een fiets en een scooter is het wiel verbogen.
  4. Een auto remt voor een stoplicht

Slide 4 - Slide

Welke krachten werken hier?
Hoe weet je dat die krachten hier werken?
Herhaling
Kracht         F         Newton         N

Verschillende soorten krachten:
Spierkracht – Veerkracht – Spankracht – Zwaartekracht –Magnetische kracht – Normaalkracht 


Slide 5 - Slide

Welke krachten werken hier?
Hoe weet je dat die krachten hier werken?
Wat weet je nog?
Schrijf op je wisbordje bij ieder voorbeeld welke krachten er werken:

  1. Een touw hangt aan het plafond met een lamp (twee krachten)
  2. Een magneet trekt paperclips aan
  3. Een boek ligt stil op tafel (twee krachten)

Slide 6 - Slide

Welke krachten werken hier?
Hoe weet je dat die krachten hier werken?
Herhaling
Een kracht teken je als pijl. 
Daarbij is het belangrijk dat je let op deze drie dingen:
  • aangrijpingspunt
  • richting
  • schaal (bijv. 1 cm = 2 N)


Slide 7 - Slide

Welke krachten werken hier?
Hoe weet je dat die krachten hier werken?
Wat weet je nog?
Je hoeft geen rekening te houden met de schaal!

Teken de volgende krachten en zet het symbool erbij:
  • de duwkracht van de persoon tegen de doos
  • de zwaartekracht op de doos
  • de normaalkracht op de doos

Slide 8 - Slide

Welke krachten werken hier?
Hoe weet je dat die krachten hier werken?
Wat weet je nog?
Je wil een kracht tekenen van 500 N. 
De krachtenschaal is 1 cm = 150 N. 
  1. Hoe lang teken jij deze kracht?

Slide 9 - Slide

Welke krachten werken hier?
Hoe weet je dat die krachten hier werken?
Wat ga je leren?
  • Hoe je krachten kunt meten.
  • Hoe je de zwaartekracht kunt berekenen

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

2.2 Krachten meten
Veerunster

Slide 11 - Slide

Vraag tussendoor:
➡️ Waarom zouden we verschillende soorten nodig hebben?
2.3 Zwaartekracht

Slide 12 - Slide

Voorbeeld op het bord: 
  • koffer 20 kg
  • pak koffie 1 kg
  • persoon van 70 kg
  • pakje boter 500 g
  • pak koekjes 200 g
  • op een blok beton werkt een zwaartekracht van 2000 N
Zelf aan de slag
Maak opdracht 2, 3, 4, 5, 7 en 10 van 3.2
timer
10:00

Slide 13 - Slide

Lesstart 5 min
De volgende les

Gaan we aan de slag met: 
Gasdruk

Huiswerk: 
Kader: 
Mavo: Lees de tekst over druk in een ruimte (blz. 84)

Slide 14 - Slide

Lesstart 5 min
Wat jullie vandaag hebben geleerd...

Schrijf op je blaadje:
  1. Wat vindt je nog lastig
  2. Wat gaat goed

Kies uit:
  • het herkennen van krachten
  • verschillende soorten krachten herkennen 
  • krachten tekenen
  • krachten meten
  • de zwaartekracht berekenen

Slide 15 - Slide

Lesstart 5 min