H3-2 Klas 2HV: Geluid in beeld Trillingstijd: extra les

Trillingstijd en frequentie
Afgelopen maandag (18 januari) hebben we samen bekeken hoe we frequentie en trillingstijd kunnen berekenen. We hebben toen geoefend met een aantal sommetjes. In deze LessonUp-les gaan we hiermee verder. Ook gaan we leren hoe we met een oscilloscoop kunnen werken. We gaan leren hoe we een oscilloscoop kunnen aflezen. Dit doen we m.b.v. filmmateriaal, voorbeelden en opdrachten. Succes!
1 / 30
next
Slide 1: Slide
NatuurkundeVoortgezet speciaal onderwijs

This lesson contains 30 slides, with interactive quizzes, text slides and 2 videos.

time-iconLesson duration is: 30 min

Items in this lesson

Trillingstijd en frequentie
Afgelopen maandag (18 januari) hebben we samen bekeken hoe we frequentie en trillingstijd kunnen berekenen. We hebben toen geoefend met een aantal sommetjes. In deze LessonUp-les gaan we hiermee verder. Ook gaan we leren hoe we met een oscilloscoop kunnen werken. We gaan leren hoe we een oscilloscoop kunnen aflezen. Dit doen we m.b.v. filmmateriaal, voorbeelden en opdrachten. Succes!

Slide 1 - Slide

Slide 2 - Video

Trillingstijd

Slide 3 - Slide

Geluid?

  • Hoogte van toon verschillen
  • Hoge toon geluidsbron trillend deel gaat snel heen en weer
  • Lage toon geluidsbron trillend deel gaat langzaam heen en weer
  • Aantal keren heen en weer (trilling)  in 1 seconde heet frequentie
  • Eenheid van frequentie is hertz (Hz) 

Slide 4 - Slide

Voorbeeld geluidstrilling

Slide 5 - Slide

Frequentie wordt uitgedrukt in ...?
A
sec
B
uren
C
F
D
Hz

Slide 6 - Quiz

Wat betekent Hz?
A
Aantal trillingen per uur
B
Aantal trillingen per s
C
Amplitude per s
D
Aantal trillingen per min

Slide 7 - Quiz

Hoe groter de amplitude des te .......... het geluid
A
zachter
B
hoger
C
harder
D
lager

Slide 8 - Quiz

Welk golf geeft het zachtste geluid weer?
A
beide geluidsgolven hebben gelijke geluidssterkte
B
Rode geluidsgolf zachtste
C
Witte geluidsgolf het zachtste
D
Is niet af te lezen

Slide 9 - Quiz

Trillingstijd T wordt uitgedrukt in?
A
s
B
min
C
h
D
m/s

Slide 10 - Quiz

Welke formule is juist?
A
f=1 x T
B
f = 1 / T
C
T = f x 1
D
T = f + 1

Slide 11 - Quiz

Welk antwoord klopt niet?
A
Frequentie wordt uitgedrukt in Hz
B
Amplitude (uitslag van de golf) geeft de frequentie weer
C
T is de periodetijd
D
Hoe smaller de geluidsgolf des te hoger het geluid

Slide 12 - Quiz

T = 2 sec. Bereken de frequentie!
A
2 Hz
B
20 Hz
C
1 Hz
D
0,5 Hz

Slide 13 - Quiz

De geluidssterkte van beide geluids- golven zijn...
A
gelijk
B
rood is harder
C
blauw is harder

Slide 14 - Quiz

Golven met een hoge frequentie hebben..?
A
lange golven
B
hoge golven
C
korte golven
D
lage golven

Slide 15 - Quiz

0,024 kHz = ....... Hz
A
0,024 Hz
B
2,4 Hz
C
24 Hz
D
24000 Hz

Slide 16 - Quiz

Bekijk de film!
In de volgende dia kun je een film kijken.
Beantwoord daarna de vragen

Slide 17 - Slide

Slide 18 - Video

Als de frequentie hoger wordt wat gebeurt er met de toon?

Slide 19 - Open question

Als de frequentie lager wordt hoe ziet dan de trilling er dan uit? Wat gebeurt er met de trilling?

Slide 20 - Open question

20 sec = ...... ms
A
20000 ms
B
2000 ms
C
2 ms
D
0,02 ms

Slide 21 - Quiz

Bereken of bepaal de trillingstijd T van de trilling in de afbeelding.
A
T = 2 sec
B
T = 1 sec
C
T = 0,5 sec
D
T = 0,25 sec

Slide 22 - Quiz

De vleugel van een vogel gaat 200 keer per minuut op en neer. Bereken de frequentie van het op en neer gaan van de vleugels. Laat de berekening zien.

Slide 23 - Open question

De tijdas staat ingesteld op 2ms per hokje. (2ms/div). Hoe groot is de trillingstijd (periodetijd) T?
A
2 ms
B
4 ms
C
8 ms
D
12 ms

Slide 24 - Quiz

Bereken de frequentie ( f ) van de trilling uit de vorige vraag. Elk hokje stond ingesteld op 2ms.
A
8 Hz
B
125 Hz
C
12,5 Hz
D
250 Hz

Slide 25 - Quiz

Uitslag (amplitude) staat ingesteld op 2,5 per hokje (2,5/div). Hoe groot is de amplitude van de trilling in de afbeelding?
A
15
B
7,5
C
3
D
2,5

Slide 26 - Quiz

Sleep de afbeelding naar de juiste plek!
Oscilloscoop
Weegschaal
Digitale thermometer
Voltmeter

Slide 27 - Drag question

Zie de afbeelding hiernaast. Wat is dit voor een apparaat?
A
Drukmeter
B
Multimeter analoog
C
dB meter
D
Multimeter met oscilloscoopfunctie

Slide 28 - Quiz

Frequentie van geluid =
A
Toonhoogte van geluid
B
Hardheid van geluid
C
Aantal dB
D
hoogte drukgolf

Slide 29 - Quiz

Wie maakt het meeste lawaai in het weiland ? Zie de afbeelding.
A
Koe
B
Schaap
C
Varken
D
Kip/gans

Slide 30 - Quiz