Week 2: Waar of niet waar?

ICT-kernwoorden herkennen

1 / 12
next
Slide 1: Slide
New lesson editorNederlandsICTMBOStudiejaar 1,2

This lesson contains 12 slides, with interactive quizzes and text slides.

Report this lesson

Items in this lesson

ICT-kernwoorden herkennen

Open de les met het idee dat woorden in ICT pas echt duidelijk zijn als je ze in een situatie kunt herkennen en goed gebruikt.

Lesdoel

Ik kan belangrijke ICT-kernwoorden herkennen, begrijpen en correct toepassen in een situatie.

This item has no instructions

ISO/schijfkopie: waar of niet waar?


Stelling:

Een ISO-bestand is een exacte digitale kopie van een cd, dvd of ander opslagmedium.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions

Benodigdheden: waar of niet waar?

Stelling:

Als je Windows opnieuw wilt installeren op een laptop met een lege harde schijf, is een internetbrowser (zoals Google Chrome of Microsoft Edge) op die laptop een verplichte benodigdheid om de installatie te starten.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions

Emulator: waar of niet waar?

Stelling:

Een emulator bootst de werking van een ander apparaat of besturingssysteem na.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions

Voordeel en nadeel: waar of niet waar?

Stelling:

Een voordeel van virtualisatie is dat je meerdere besturingssystemen op één computer kunt gebruiken.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions

Virtuele machine: waar of niet waar?

Stelling:

Een virtuele machine is een softwarematig nagebootste computer binnen een bestaande computer.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions

Grenzeloos: waar of niet waar?

Stelling:

De opslagruimte en rekenkracht van een virtuele machine is grenzeloos.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions

Setup: waar of niet waar?

Stelling:

De set-up van een virtuele machine kan pas worden afgerond nadat er handmatig een ISO-bestand van een besturingssysteem is gekoppeld.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions

Toepassingen: waar of niet waar?

Stelling:

Virtuele machines kunnen toegepast worden voor testen, softwareontwikkeling en onderwijs.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions

Cores: waar of niet waar?

stelling:

Cores zijn de rekeneenheden van een processor die taken kunnen uitvoeren.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions

Locatie: waar of niet waar?

Stelling:

De opslaglocatie van een virtuele machine kan nooit worden gewijzigd.

A

Waar

B

Niet waar

This item has no instructions