Diagrammen

Diagrammen
1 / 28
next
Slide 1: Slide
RekenenMiddelbare schoolvmbo lwooLeerjaar 2

This lesson contains 28 slides, with interactive quizzes and text slides.

Items in this lesson

Diagrammen

Slide 1 - Slide

Wat hebben we samen voor de carnavalsvakantie geleerd?

Slide 2 - Slide

Wat voor diagrammen ken je nu?

Slide 3 - Open question

De lesdoel
Ik kan gegevens van de diagrammen gebruiken om opdrachten te oplossen

Slide 4 - Slide

Welke verband zie
je bij deze lijngrafiek ?
A
tussen km en aantal uren
B
tussen de lengte en aantal uren
C
tussen de lengte en breedte
D
tussen uren en aantal liters

Slide 5 - Quiz

Hoe lang was de kaars
om 5 uur?
A
8 cm
B
4 cm
C
6 cm
D
5 cm

Slide 6 - Quiz

Hoeveel cm was de kaars
in het begin?
A
0 cm
B
8 cm
C
Alle kaarsen zijn standaard 20 cm
D
16 cm

Slide 7 - Quiz

Nieuwe begrippen
    Stijgen
 Dalen
          Constant

Slide 8 - Slide

Welke grafiek
daalt harder?
A
I
B
II

Slide 9 - Quiz

Hoeveel euro
zakgeld een
5-jarige krijgt?
A
0,50
B
5
C
10
D
12

Slide 10 - Quiz

Hoeveel euro meer
zakgeld krijgt een
12 12 jarige dan 10 jarige?
A
15
B
3
C
2,50
D
1,50

Slide 11 - Quiz


Welke fruit weegt het minst?
A
kersen
B
druiven
C
appels
D
bananen

Slide 12 - Quiz


Welke deel van fruiten zijn druiven ?
A
20/30
B
1/2
C
1/6
D
1/4

Slide 13 - Quiz

Welke soort
kaas eten
de Nederlanders
het liefst?
A
Geitenkaas
B
Oude kaas
C
Jonge kaas
D
Blauwe kaas

Slide 14 - Quiz

Op school zitten
totaal 250 leerlingen.
Hoeveel leerlingen komen lopend
naar school?
A
50 leerlingen
B
55 leerlingen
C
10 leerlingen
D
20 leerlingen

Slide 15 - Quiz

Totaal 560 leerlingen.
Hoeveel procent
leerlingen
komen met de OV?
A
20%
B
33%
C
25%
D
24%

Slide 16 - Quiz

Totaal 600 leerlingen.
Hoeveel leerlingen
komen met de fiets?
A
150
B
144
C
250
D
34

Slide 17 - Quiz

Welke deel van
de
leerlingen
komt lopend?
Totaal 90 leerlingen
A
1/2
B
3/4
C
3/5
D
1/6

Slide 18 - Quiz

Staafdiagram

Slide 19 - Slide

In welke maand
is hard geregend?
A
juli
B
juni
C
augustus
D
september

Slide 20 - Quiz

Hoeveel kinderen zijn
minder geboren in
Luxemburg vergelijking
met Frankrijk?
A
650
B
1200
C
120
D
500

Slide 21 - Quiz

In welke groep is
het aantal jongens
gelijk aan het aantal
meisjes?
A
groep 6
B
groep8
C
groep 5
D
geen van de groepen

Slide 22 - Quiz

In welke jaar
druiven waren
duurder?
A
2018
B
2019

Slide 23 - Quiz

In 2019 kocht Victor 100 gram druiven,
100 gram mandarijnen,
100 gram appels en
100 gram kiwi's.
Hoeveel euro hij moest
betalen.
A
1,20
B
0,80
C
1
D
1,10

Slide 24 - Quiz

Slide 25 - Slide

Schrijf de antwoorden op.

Slide 26 - Open question

Wat wil je volgende keer oefenen?
A
breuken
B
procenten
C
diagrammen

Slide 27 - Quiz

Is de doel van de les behaald?
Heb je alles begrepen?

Slide 28 - Open question