Hoofdrekenen met oppervlakte en omtrek
Hoofdrekenen met oppervlakte en omtrek
Wat weet je al over oppervlakte en omtrek berekenen?
Leerdoel
Aan het einde van deze les kun je uit je hoofd de oppervlakte en de omtrek van verschillende figuren berekenen.
Wat weet jij al?
Noteer voor jezelf wat je al weet over het berekenen van de oppervlakte en omtrek.
1. Omtrek van een rechthoek
Bereken de omtrek van een rechthoek van 8 cm lang en 5 cm breed.
2. Oppervlakte van een vierkant
Een vierkant heeft zijden van 7 m. Wat is de oppervlakte?
3. Omtrek van een driehoek
Bestaat uit zijden van 6 cm, 9 cm en 11 cm. Wat is de omtrek?
4. Oppervlakte van een rechthoek
Een rechthoek is 12 m lang en 4 m breed. Wat is de oppervlakte?
5. Omtrek van een cirkel
Een cirkel heeft een diameter van 10 cm. Gebruik π = 3,14. Wat is de omtrek?
6. Oppervlakte van een cirkel
Een cirkel heeft een straal van 5 cm. Gebruik π = 3,14. Wat is de oppervlakte?
7. Omtrek van een vierkant
Een vierkant heeft zijden van 12 m. Wat is de omtrek?
8. Oppervlakte van een driehoek
De basis is 10 cm, de hoogte 8 cm. Wat is de oppervlakte?
9. Omtrek van een parallellogram
Een parallellogram met zijden van 6 cm en 14 cm (twee van elk). Wat is de omtrek?
10. Oppervlakte van een rechthoekige driehoek
Rechthoekszijden: 9 cm en 12 cm. Wat is de oppervlakte?
Vraag 1: uitwerking
Omtrek rechthoek = (2 × 8) + (2 × 5) = 16 + 10 = 26 cm.
Vraag 2: uitwerking
Oppervlakte vierkant = 7 × 7 = 49 m².
Vraag 3: uitwerking
Omtrek driehoek = 6 + 9 + 11 = 26 cm.
Vraag 4: uitwerking
Oppervlakte rechthoek = 12 × 4 = 48 m².
Vraag 5: uitwerking
Omtrek cirkel = π × diameter = 3,14 × 10 = 31,4 cm.
Vraag 6: uitwerking
Oppervlakte cirkel = π × straal² = 3,14 × 25 = 78,5 cm².
Vraag 7: uitwerking
Omtrek vierkant = 4 × 12 = 48 m.
Vraag 8: uitwerking
Oppervlakte driehoek = (10 × 8) / 2 = 80 / 2 = 40 cm².
Vraag 9: uitwerking
Omtrek parallellogram = 2 × (6 + 14) = 2 × 20 = 40 cm.
Vraag 10: uitwerking
Oppervlakte = (9 × 12) / 2 = 108 / 2 = 54 cm².
Schrijf 3 dingen op die je deze les hebt geleerd.
Schrijf 2 dingen op waarover je meer wilt weten.
Stel 1 vraag over iets dat je nog niet zo goed hebt begrepen.