1. ik weet dat door verbranding zuurstof nodig is
2. ik weet dat bij verbranding koolstofdioxide en water (damp) ontstaat.
3. ik weet dat er bij verbranding energie ontstaat, zoals, licht, warmte en beweging.
4. Ik kan uitleggen wat een indicator is.
5. ik kan koolstofdioxide aantonen met een indicator. Wat heb ik daarvoor nodig?