3.3 Chili brand - platentektoniek en vulkanen in Chili

Vulkanen in Chili

1 / 29
next
Slide 1: Slide
New lesson editorAardrijkskundeVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 3

This lesson contains 29 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 35 min
Report this lesson

Items in this lesson

Vulkanen in Chili

Open met Chili als voorbeeld van een actief plaatrandgebied langs de Andes. Verbind meteen plaats, schaal en systeem: een oceaanplaat duikt onder een continentale plaat, en dat zie je terug in aardbevingen en vulkanen.

Leerdoel

Ik kan verklaren hoe platentektoniek in Chili zorgt voor vulkanisme en verschillende vulkaantypen herkennen en uitleggen.

This item has no instructions

Welke woorden koppel jij aan vulkanen in Chili?

Gebruik de antwoorden om voorkennis op te halen over platen, aardbevingen, magma, Andes, subductie en vulkaantypen.

Chili ligt op een actieve plaatrand

  • Voor de kust van Chili ligt de Nazcaplaat

  • Op het continent ligt de Zuid-Amerikaanse plaat

  • Deze platen bewegen naar elkaar toe

  • Daardoor hoort Chili bij de Ring van Vuur rond de Stille Oceaan

  • Hier komen veel aardbevingen en vulkanen voor

Benadruk dat dit aardrijkskunde is op systeemschaal: ligging bepaalt processen. Noem de Andes als lang vulkanisch gebergte langs deze plaatgrens.

Subductie onder Chili

  • De zwaardere Nazcaplaat duikt onder de Zuid-Amerikaanse plaat

  • Dit heet subductie

  • De plaat zakt de aardmantel in

  • Door wrijving en druk ontstaat veel geologische activiteit

Leg uit dat oceanische korst dichter is dan continentale korst en daarom onderduikt. Houd het eenvoudig: niet alle details van plaatbeweging zijn nodig, wel het basismechanisme.

Gevolgen van subductie

Nazcaplaat duikt omlaag → spanning en wrijving nemen toe → aardbevingen


Nazcaplaat zakt dieper weg → gesteente verandert en smelt deels → magma ontstaat


Magma stijgt op → verzamelt zich in de korst → vulkanen vormen zich

De pijlen zijn hier functioneel: één plaatproces leidt tot meerdere zichtbare gevolgen. Benoem dat niet elk deel volledig smelt; het gaat om gedeeltelijke smelting en magma dat opstijgt.

Waarom juist in een lijn?

  • Vulkanen liggen in Chili vaak in een langgerekte zone

  • Die zone volgt de plaatrand langs de Andes

  • Het opstijgende magma bereikt vooral daar de aardkorst

  • Daarom ontstaat geen losse vulkaan, maar een vulkanische boog

Gebruik hier het geografische patroon: vulkanen verschijnen niet willekeurig, maar in een boog evenwijdig aan de subductiezone.

Welk proces veroorzaakt in Chili zowel aardbevingen als magmavorming?

A

Subductie

B

Verwering

C

Erosie

D

Sedimentatie

Toetst het kernmechanisme uit slides 2-5: de Nazcaplaat duikt onder de Zuid-Amerikaanse plaat, wat spanning, aardbevingen en magmavorming veroorzaakt.

Maak het oorzaak-gevolgverband compleet

Voor de kust van Chili duikt de Nazcaplaat onder de Zuid-Amerikaanse plaat. Door subductie ontstaan aardbevingen, en opstijgend magma kan vulkanen vormen in een vulkanische boog langs de Andes.

Nazcaplaat
Zuid-Amerikaanse plaat
subductie
magma
hotspot
schildvulkaan
lava
Ring van Vuur

Alle kernbegrippen komen letterlijk of bijna letterlijk terug uit de voorgaande slides.

Waarom liggen vulkanen in Chili vaak in een lange zone?

Bespreek dat vulkanen niet willekeurig liggen: magma bereikt vooral de korst langs de plaatrand, waardoor een langgerekte vulkanische boog ontstaat evenwijdig aan de subductiezone.

Explosief vulkanisme

Bij subductiezones is magma vaak taaier en gasrijker dan op andere plekken. Gas kan dan moeilijk ontsnappen. De druk in de vulkaan loopt op, waardoor uitbarstingen plotseling en heftig kunnen verlopen.

Koppel hier magma-eigenschappen direct aan eruptiestijl. Vermijd een te scheikundige uitwerking; focus op viscositeit, gas en drukopbouw.

Kenmerken van een stratovulkaan

  • Steile hellingen

  • Opgebouwd uit lagen lava, as en ander uitgeworpen materiaal

  • Meestal verbonden met explosief vulkanisme

  • Komt veel voor bij subductiezones zoals in Chili

Noem dat 'strato' verwijst naar lagen. Laat leerlingen de vorm koppelen aan de manier waarop materiaal wordt afgezet.

Waarom is een stratovulkaan steil?

  • Taaie lava stroomt niet ver weg

  • Veel materiaal blijft dicht bij de krater liggen

  • As en pyroclastisch materiaal stapelen zich op

  • Zo groeit een hoge, kegelvormige vulkaan met steile flanken

Pyroclastisch materiaal hoeft niet diep uitgewerkt te worden; benoem het als heet uitgeworpen fragmentmateriaal zoals as, lapilli en blokken.

Heftige uitbarstingen

  • Gas blijft opgesloten in taaie magma

  • De druk neemt steeds verder toe

  • Bij een uitbarsting komen aswolken en pyroclastisch materiaal vrij

  • Daarom zijn uitbarstingen van stratovulkanen vaak gevaarlijk en krachtig

Maak onderscheid tussen lava-uitvloeiing en explosieve eruptieproducten. Het gaat hier vooral om het patroon van drukopbouw en plots vrijkomen.

Waarom verlopen uitbarstingen van stratovulkanen vaak explosief?

A

Lava koelt direct af

B

Magma is taai en gasrijk

C

De krater is erg breed

D

De hellingen zijn flauw

De juiste redenering is: taaie magma laat gas moeilijk ontsnappen, daardoor loopt de druk op.

Vul de kenmerken van een stratovulkaan in

Een stratovulkaan heeft vaak steile hellingen. Taaie lava stroomt niet ver, terwijl as en pyroclastisch materiaal zich dicht bij de krater opstapelen. Daardoor zijn uitbarstingen vaak explosief.

steile hellingen
as
pyroclastisch materiaal
explosief
dunvloeibare lava
rustig
hotspot
brede vorm

Controleert of leerlingen vorm, materiaal en eruptiestijl aan elkaar koppelen.

Schildvulkanen: een ander type

  • Schildvulkanen horen meestal niet bij subductiezones

  • Ze ontstaan vaak boven een hotspot

  • Daar stijgt magma op vanuit diepere delen van de aarde

  • Dat levert een heel ander soort vulkaan op

Benadruk het ruimtelijke verschil: ligging aan een plaatrand versus ligging boven een hotspot in of onder een plaat.

Kenmerken van schildvulkanen

  • Brede, flauwe vorm

  • Lava is dunvloeibaar

  • Uitbarstingen zijn meestal rustiger

  • Lava kan over grote afstanden uitstromen

Laat zien dat vorm en eruptiestijl samenhangen. Schildvulkanen bouwen zich breed uit doordat de lava ver kan uitvloeien.

Waarom zijn schildvulkanen minder explosief?

Dunvloeibare magma laat gas makkelijker ontsnappen. Daardoor bouwt minder druk op in de vulkaan. De uitbarsting verloopt vaker als een rustige uitstroom van lava dan als een explosie met veel as.

Noem eventueel dat 'minder explosief' niet hetzelfde is als 'ongevaarlijk'. De kern hier is de relatie tussen viscositeit en gasontsnapping.

Stratovulkaan en schildvulkaan

  • Ligging: hotspot

  • Magma: dunvloeibaar

  • Uitbarsting: rustiger

  • Vorm: breed en flauw

  • Producten: vooral uitvloeiende lava

  • Ligging: subductiezone

  • Magma: taai en gasrijk

  • Uitbarsting: explosief

  • Vorm: steil en hoog

  • Producten: lava, as, pyroclastisch materiaal

Schildvulkaan

Stratovulkaan

Deze vergelijking is de samenvattende kapstok van het tweede deel van het leerdoel: herkennen én uitleggen.

Magma bepaalt de vulkaanvorm

  • Samenstelling van magma beïnvloedt de viscositeit

  • Hoge viscositeit: magma stroomt moeilijk

  • Lage viscositeit: magma stroomt makkelijk

  • Viscositeit beïnvloedt drukopbouw, eruptiestijl en uiteindelijk de vorm van de vulkaan

Houd samenstelling algemeen; de leerling hoeft hier vooral de causale relatie te begrijpen: samenstelling → viscositeit → eruptie → vorm.

Ligging en vulkaantype hangen samen

  • In Chili verwacht je vooral vulkanen bij een subductiezone

  • Daar passen vaak stratovulkanen bij

  • Bij een hotspot verwacht je eerder schildvulkanen

  • De plek van een vulkaan zegt dus veel over het soort magma en de uitbarsting

Land hier de geografische kern: processen in de ondergrond zijn af te lezen aan patronen op de kaart.

Welk vulkaantype past het best bij een hotspot?

A

Stratovulkaan

B

Caldera

C

Schildvulkaan

D

Vulkanische boog

Plausibele afleiders sluiten aan bij termen uit de les, maar alleen schildvulkaan hoort hier bij de hotspot-context.

Vergelijk de twee vulkaantypen

Bij een schildvulkaan is de magma dunvloeibaar en kan gas makkelijker ontsnappen. Daardoor is de uitbarsting vaak rustiger en ontstaat een brede, flauwe vorm. Bij een stratovulkaan is de viscositeit hoger en is de uitbarsting vaker explosief.

schildvulkaan
rustiger
brede, flauwe vorm
explosief
subductiezone
steile hellingen
aswolk
vulkanische boog

Laat leerlingen het verschil koppelen aan viscositeit, eruptiestijl en vorm.

Waarom verwacht je in Chili eerder een stratovulkaan dan een schildvulkaan?

Verwachte elementen: in Chili ligt een subductiezone; daar hoort vaak een stratovulkaan bij; taaie en gasrijke magma zorgt voor drukopbouw en explosieve uitbarstingen; ligging zegt dus iets over magma en vulkaantype.

Wat is één inzicht uit deze les dat je goed onthoudt?

Reflectievraag zonder goede of foute antwoorden. Laat leerlingen benoemen welk inzicht is blijven hangen, bijvoorbeeld subductie, viscositeit of het verschil tussen vulkaantypen.

Welk deel van deze les vond je het lastigst?

Reflectievraag zonder goede of foute antwoorden. Gebruik antwoorden om te zien waar extra uitleg nodig is.

Begrippenlijst

Nazcaplaat - oceanische plaat voor de westkust van Zuid-Amerika

Zuid-Amerikaanse plaat - continentale plaat waarop onder andere Chili ligt

subductie - het onderduiken van een oceanische plaat onder een andere plaat

aardbeving - trilling in de aardkorst door plotseling vrijkomende spanning

magma - gesmolten gesteente onder het aardoppervlak

explosief vulkanisme - vulkanisme met plotselinge, krachtige uitbarstingen

stratovulkaan - steile vulkaan met vaak explosieve uitbarstingen

This item has no instructions

Begrippenlijst

schildvulkaan - brede vulkaan met flauwe hellingen en rustige lava-uitvloeiing

hotspot - plek waar magma vanuit diepere delen van de aarde opstijgt

viscositeit - mate waarin magma dik of dunvloeibaar is

pyroclastisch materiaal - heet uitgeworpen fragmentmateriaal zoals as en stenen

aswolk - wolk van fijne vulkanische deeltjes in de lucht

vulkanische boog - rij vulkanen langs een subductiezone

This item has no instructions