les 1 Krachten herkennen

Hoofdstuk 4 Krachten
1 / 31
next
Slide 1: Slide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo kLeerjaar 3

This lesson contains 31 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Hoofdstuk 4 Krachten

Slide 1 - Slide

Toetsen
- Theorietoets H3 (komt vandaag op magister)
- Praktische toets (moet nog nakijken)

- Praktische toets
- Theorietoets

Slide 2 - Slide

Uitwerking van krachten.

Krachten kan je normaal niet gelijk zien maar de uitwerking wel.

De kracht bepaald de richting maar ook een snelheid. De vorm van een voorwerp wordt ook veranderd dit hoeft niet voor altijd te zijn. 

Slide 3 - Slide

Slide 4 - Video

Soorten krachten.
Er bestaan verschillende soorten krachten.

je kan vaak aan de naam al zien wat voor kracht het is denk hierbij aan:
spierkracht, veerkracht, spankracht, zwaartekracht, wrijvings-kracht, magnetische kracht en elektrische kracht.

Slide 5 - Slide

Leerdoelen
4.1 krachten 
Je weet wat een kracht is
Je weet welke krachten er zijn
Je kan een kracht tekenen
Je kan een kracht opmeten
Je weet hoe krachten kunnen samenwerken

Slide 6 - Slide

Spierkracht

Deze kracht vind je bij mensen en dieren. 

De kracht komt uit de spieren.


Slide 7 - Slide

Veerkracht.

Veerkracht komt uit een materiaal of een voorwerp.

Een elastiek heeft veel veerkracht. 
Als je een elastiek uitrekt verandert de vorm en laat je het los keert de vorm weer terug.

Slide 8 - Slide

spankracht.
Spankracht zit in een touw, kabel of ketting.

Als je aan een touw trekt komt deze strak te staan zo ontstaat er spankracht

Slide 9 - Slide

Zwaartekracht.


Zwaartekracht is de kracht waarmee aarde voorwerpen aantrekt.

Door zwaartekracht val je altijd naar beneden.


Slide 10 - Slide

Wrijvingskracht.
Als twee voorwerpen langs elkaar wrijven onstaat er wrijving. 

Door wrijving kan iets beter voortbewegen of juist slechter.

Slide 11 - Slide

Magnetische kracht.

Magnetische kracht zit de kracht in een magneet.

Een magneet kan iets aantrekken of juist afstoten.

Slide 12 - Slide

Elektrische kracht.
Als een voorwerp een elektrische lading ontstaat zit er ook een elektrische kracht in.

De elektrische lading trekt iets aan. de kracht die op het iets wordt uitgeoefend noemen we elektrische kracht.

Slide 13 - Slide

Een pijl.

We tekenen krachten met pijlen.

De pijl laat de richting zien van de kracht en de lengte de grootte van de kracht.


De pijl wordt getekend vanuit het aangrijpingspunt.

 

Slide 14 - Slide

Force
We schrijven in de natuurkunde geen kracht op maar daar gebruiken we een letter (Symbool) voor.

De letter F betekent kracht

Slide 15 - Slide

Krachten en krachtenschaal
krachten schaal geeft aan hoe groot/lang een kracht is

1cm=50N

Hoe veel cm is een kracht van 150 N?

Slide 16 - Slide

Kracht meten
De grootte van de kracht meet je in Newton 
met behulp van een krachtmeter.

Op de weegschaal thuis meet je de massa. 
Je kunt dat omrekenen naar Kracht.
bv als je 50 kg weegt geeft dat een kracht 
van 50x 10 = 500 Newton.


Slide 17 - Slide

Krachten omrekenen
0,1 kg = 1 N
2,5 kg = 25 N
75 kg = 750 N

Slide 18 - Slide

Opdrachten maken
Opdracht 4 t/m 15
Blz.8 t/m 11
Klaar: Verder werken 4.1
timer
10:00

Slide 19 - Slide

Planning les
- Herhaling vorige les
- Uitleg 4.1
- Maken 14 t/m 20
- Nakijken zelfstandig

Slide 20 - Slide

Wat is de eenheid van kracht
A
Newton
B
Kilogram
C
Force

Slide 21 - Quiz

Hoe groot is de zwaartekracht op een voorwerp van 10 kg
A
100 kg
B
10 kg
C
1 kg
D
0,1 kg

Slide 22 - Quiz

Hoe groot is de zwaartekracht op een voorwerp van 6,8 kg
A
10 N
B
68 N
C
0,68 N
D
680 N

Slide 23 - Quiz

Hoe groot is de zwaartekracht op een voorwerp van 400 gram
A
4N
B
4000N

Slide 24 - Quiz

Een kracht kan 3 gevolgen hebben. Noem er 1

Slide 25 - Open question

Veerunsters
Het bereik van een veerunster is afhankelijk van de sterkte van de veer.

Slide 26 - Slide

veerunster aflezen

Slide 27 - Slide

Krachten in gelijke richting
Krachten optellen

Slide 28 - Slide

Netto kracht

Slide 29 - Slide

De netto kracht of resultante is hier dus
80 N naar rechts.

Slide 30 - Slide

Opdrachten maken
- Maken 14 t/m 20
- Nakijken zelfstandig
timer
10:00

Slide 31 - Slide