Unidad 9 V5

unidad 9
- ser & estar: huiswerk bespreken
- el futuro: 
- comparaciones
1 / 11
next
Slide 1: Slide
SpaansMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

This lesson contains 11 slides, with text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

unidad 9
- ser & estar: huiswerk bespreken
- el futuro: 
- comparaciones

Slide 1 - Slide

El sistema - Venezuela
Ser/ estar: 
TB 2b, p. 78/ TB 3, p. 79

Futuro:
TB 4 & 5 p. 79
TB 6, p. 80

Slide 2 - Slide

el futuro
- tarea con "qué será"
- TB 4, p. 79
- TB 5, p. 79/80
- WB 6, 7, 12, 15

Slide 3 - Slide

José Feliciano ¿Qué será?
In dit liedje hoor je de futuro. Probeer de vormen in je schrift te schrijven. Begrijp je waar de zanger het over heeft?

Slide 4 - Slide

TB 4, p. 79
Pablo en Lidia vertellen over hun toekomstplannen. Vul de zinnen aan in het Spaans en bekijk de vormen in de futuro.

¿Y tú? ¿Qué planes tienes para el futuro? > Beschrijf nu jouw eigen toekomstplannen in het Spaans!

Slide 5 - Slide

El futuro en una canción
Luister naar de rap, welke futuro's kom je tegen? En kun je bedenken tegen wie hij zegt: ni estabas ni estarás

https://www.youtube.com/watch?v=h937AIpMlSs

Slide 6 - Slide

PRACTICAR EL FUTURO
WB 6, p. 82: zoek de zinnen bij elkaar
WB 7, p. 83: vervang de presente door de futuro
WB 12, p. 85: vervang schuingedrukt door futuro
WB 15, p. 86: vervang het ww tussen haakjes door de futuro
>>> Op een los blaadje: ¿Cómo será tu vida en veinticinco años?
¿Estarás casado/a?  ¿Tendrás hijos? (Cuántos) ¿En qué trabajarás? ¿Dónde vivirás? Etc. 

Slide 7 - Slide

Vergelijken en NGO's
TB 9a, : zoek bij ieder goed doel een zinnetje.
Cáritas = luchar contra la pobreza

WB 4: maak de puzzel, Hulp: 3 = autoayuda, 6 = asociación
Lees ook de vragen!

Slide 8 - Slide

Vergelijken
TB 10, p. 82: bekijk het schema op de vorige pagina, welke zinnen zijn waar, welke niet?
WB 10, p. 90
>>> Op een los blaadje: vergelijk elkaar (magister maakt duo's), en gebruik de volgende zinnetjes:
1. (no) tan + bijv nw como ...                                    
2. (no) tanto/a/os/as + zelfstandig naamwoord + como ...
3. (no) werkwoord + tanto como ...

Slide 9 - Slide

condicional
WB pp. 102 aanvullen. Wat zijn de overeenkomsten met de futuro? Zoek er twee!
TB 5, p. 90: vervoeg het werkwoord tussen haakjes in de condicional.
WB 6, p. 94: Geef adviezen aan een vriend die naar Peru wil reizen. Begin de zin met "yo en tu lugar"= ik, in jouw plaats. En dan deel 1 met een condicional.


Slide 10 - Slide

vervolg WB
WB 7, p. 94: Wat zeggen deze personen om toestemming te vragen?
Gebruik de condicional van poder in  iedere vraag.

Slide 11 - Slide