COURS COD COI KLAS 3

Persoonlijk voornaamwoord als lijdend voorwerp en meewerkend voorwerp


- Lijdend voorwerp (COD= complément d'objet direct)
Lvw geeft antwoord op de vraag: Wat? 
- Meewerkend voorwerp (COI= complément d'objet indirect)
Mwvw geeft antwoord op de vraag: Aan wie? Voor wie? 

1 / 14
next
Slide 1: Slide
FransMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

This lesson contains 14 slides, with interactive quizzes, text slides and 1 video.

time-iconLesson duration is: 45 min

Items in this lesson

Persoonlijk voornaamwoord als lijdend voorwerp en meewerkend voorwerp


- Lijdend voorwerp (COD= complément d'objet direct)
Lvw geeft antwoord op de vraag: Wat? 
- Meewerkend voorwerp (COI= complément d'objet indirect)
Mwvw geeft antwoord op de vraag: Aan wie? Voor wie? 

Slide 1 - Slide

Persoonlijk voornaamwoord als lijdend voorwerp-'COD'
Ik stuur een brief 
brief is lijdend voorwerp - objet direct (geen voorzetsel) 

J'envoie une lettre - objet direct (envoyer quelque chose) 

Ingekort naar:
Ik stuur het (het verwijst naar mannelijk of vrouwelijk)  = Je l'envoie 
l' (la lettre) = PV als LV 

Slide 2 - Slide

Persoonlijk voornaamwoord als lijdend voorwerp-'COD' in 3 stappen
1. Kijken naar het lijdend voorwerp
2. Vervangen het lijdend voorwerp door een persoonlijk voornaamwoord 




3. Zetten LV vóór persoonsvorm of vóór de infinitief, na vervoegd werkwoord in gebiedende wijs 
Enkelvoud 
me
te
le (m)
la (v)
Meervoud
nous
vous
les 

Slide 3 - Slide

Voorbeeld COD
Nederlands
Français
Pascal zoekt me
Pascal me cherche
Pascal zoekt je
Pascal te cherche
Pascal zoekt hem
Pascal le cherche
Pascal zoekt haar
Pascal la cherche
Pascal zoekt ons
Pascal nous cherche
Pascal zoekt jullie
Pascal zoekt u
Pascal vous cherche
Pascal zoekt hen (mannen eb vrouwen)
Pascal les cherche

Slide 4 - Slide


Je prends un livre
A
je la prends
B
je le prends
C
je prends le
D
je prends la

Slide 5 - Quiz

Nous regardons l'émission (v)
A
nous la regarde
B
nous le regardons
C
nous la regardons
D
nous les regardons

Slide 6 - Quiz

Elle voit Marcus (m) hier soir.

Slide 7 - Open question

Persoonlijk voornaamwoord als meewerkend voorwerp -'COI' (indirect)
Ik stuur een brief aan een vriend
aan een vriend - objet indirect (voorzetsel) 

J'envoie une lettre à un ami - objet indirect (envoyer quelque chose à quelqu'un - sturen iets aan iemand

Ingekort naar: Ik stuur hem een brief = Je lui envoie une lettre
lui = meewerkend voorwerp  

Slide 8 - Slide

P.V als meewerkend voorwerp-'COI' in 3 stappen
1. Kijken naar de meewerkend voorwerp
2. Vervangen meewerkend voorwerp door persoonlijk voornaamwoord 




3. Zetten MV vóór persoonsvorm of vóór de infinitief, na vervoegd werkwoord in gebiedende wijs 
Enkelvoud 
me
te
lui (man en vrouw)
Meervoud
nous
vous
leur 

Slide 9 - Slide

voorbeelden
Nederlands
Français
Hij geeft me een cadeau
Il me donne un cadeau
(donner quelquechose à quelqu'un)
Ik geef je een cadeau
Je te donne un cadeau
Ik geef haar een cadeau
Ik geef hem een cadeau
Je lui donne un cadeau
Je lui donne un cadeau
Ik geef ons een cadeau
Je nous donne un cadeau
Ik geef u een cadeau
Ik geef jullie een cadeau
Je vous donne un cadeau
Ik geef hen een cadeau
Je leur donne un cadeau

Slide 10 - Slide

COD - LV
COI - MV
me
me
te
te
le (l') 
lui
la (l')
lui
nous
nous
vous
vous
les (mannelijk meervoud)
leur (mannelijk meervoud)
les (vrouwelijk meervoud)
leur (vrouwelijk meervoud)

Slide 11 - Slide

Je parle à une dame.
A
Je lui parle
B
Je le parle
C
Je la parle
D
Je lui parles

Slide 12 - Quiz

On envoie un cadeau à mes parents.
A
On lui envoie un cadeau
B
On leurs envoie un cadeau
C
on les envoie un cadeau
D
On leur envoie un cadeau

Slide 13 - Quiz

Slide 14 - Video