Zelfstandig werkwoordStaat er maar 1 van in de zin
Zegt zelfstandig iets over wat je doet (lopen, denken, lachen etc.)
Hulpwerkwoord
Zegt iets over de de tijd(is/was, worden/werden, hebben/hadden etc.)
Kan niet zelfstandig voorkomen en komt altijd voor met een ander werkwoord
Koppelwerkwoord
Persoonsvorm van de zin (zin vragend maken
Zijn, worden, blijven, blijken, lijken, schijnen, heten, dunken en voorkomen