Paard trekt een schuit, Kennet and Avon Canal (publiek domein)
EXAMENSTOF · C2 · ARBEID EN VERMOGEN
Quiz
Terugblik: Arbeid en vermogen
Paard trekt een schuit, Kennet and Avon Canal (publiek domein)
EXAMENSTOF · C2 · ARBEID EN VERMOGEN
Quiz
Terugblik: Arbeid en vermogen
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Wikimedia Commons, publiek domein
Een kist wordt met constante snelheid omhoog gehesen. Welke bewering over de arbeid klopt?
Kabel +, zwaartekracht −, samen nul
Alleen de kabel verricht arbeid, ΣW > 0
De zwaartekracht verricht geen arbeid
Beide krachten verrichten positieve arbeid
Constante snelheid: ΔEk = 0, dus ΣW = 0. De kabelkracht verricht positieve arbeid, de zwaartekracht even veel negatieve. Syllabus C2.2.
Fietser en fiets (80 kg) rijden 5,0 m/s een helling van 3,0° op. Bereken P tegen Fz.
3,9·10³ W
21 W
5,5·10² W
2,1·10² W
De zwaartekracht maakt een hoek 90° + β met de snelheid: P = m·g·sin β·v = 80 × 9,81 × 0,0523 × 5,0 = 205 W = 2,1·10² W. Afleiders: zonder sin β (3,9·10³ W), g vergeten (21 W), rekenmachine op radialen (5,5·10² W). Syllabus C2.1.
Zelfde remkracht en beginsnelheid, maar 1,5 keer zo veel massa. Hoeveel keer zo lang is de remweg?
2,25 keer
1,5 keer
1,0 keer
0,67 keer
Uit −Fw·s = 0 − ½·m·v² volgt s = m·v²/(2·Fw): s is recht evenredig met m, dus 1,5 keer zo lang. Afleiders: kwadraat genomen (2,25), massa doet er niet toe (1,0), omgekeerd evenredig (0,67). Syllabus C2.2, context verkeer.
10 kg zakt met constante v 0,50 m. Wspier?
Uitwerking: bij constante snelheid is Fspier = m·g = 98,1 N omhoog, de verplaatsing is omlaag (α = 180°): Wspier = −98,1 × 0,50 = −49 J. Verwachte fout: +49 J, of 0 J omdat 'de spieren niets doen'. Syllabus C2.2: negatieve arbeid, context de bewegende mens.
Zet op volgorde: meest negatief eerst
W = F·s·cos α: −60 J, 0 J, +30 J en +100 J. Fout: het teken van α = 180° negeren. Syllabus C2.1.
25 N onder 37° verricht 3,0·10² J. Bereken s.
Uitwerking: s = W/(F·cos α) = 3,0·10²/(25 × 0,799) = 15 m. Verwachte fout: sin gebruiken (s = 20 m) of cos α vergeten (s = 12 m). Syllabus C2.1.
Vul in
Door wrijvingsarbeid neemt de kinetische energie af en ontstaat warmte in de remmen en het wegdek.
Syllabus C2.2: wrijvingsarbeid, kinetische energie, warmte.
Een kar van 5,0 kg staat stil. Je trekt 4,0 m met 30 N onder 60° boven het vlak, wrijving 5,0 N. Hoe groot is de eindsnelheid?
4,0 m/s
4,9 m/s
6,3 m/s
2,8 m/s
ΣW = 30 × 4,0 × cos 60° − 5,0 × 4,0 = 60 − 20 = 40 J; v = √(2 × 40/5,0) = 4,0 m/s. Afleiders: wrijving vergeten (4,9), cos vergeten (6,3) en de 2 vergeten (2,8). Syllabus C2.1 en C2.2.
Een auto rijdt met constante snelheid een helling op. Welke krachten verrichten negatieve arbeid?
Alleen de wrijving
Alleen de zwaartekracht
Wrijving en de zwaartekracht
De motorkracht en de normaalkracht
De motorkracht verricht positieve arbeid, de normaalkracht nul. Wrijving en de zwaartekracht (omhoog) verrichten negatieve arbeid; samen is ΣW = 0. Syllabus C2.2.
Een sleeplift trekt een skiër met 3,0·10² N onder 25° met de piste, bij 2,5 m/s. Bereken P.
7,5·10² W
6,8·10² W
3,2·10² W
1,2·10² W
Alleen de component F·cos α werkt in de bewegingsrichting: P = F·v·cos α = 3,0·10² × 2,5 × cos 25° = 680 W = 6,8·10² W. Afleiders: zonder cos (7,5·10² W), sin in plaats van cos (3,2·10² W), F/v (1,2·10² W). Syllabus C2.1.
Een kracht van 12,0 N verplaatst een kist 3,5 m in de richting van de kracht. Wat is de arbeid met de juiste significante cijfers?
42,0 J
42,00 J
4·10¹ J
42 J
12,0 × 3,5 = 42,0 J; bij vermenigvuldigen telt het gegeven met de minste significante cijfers (3,5 m: twee), dus 42 J. Syllabus A8.3.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
EXAMENSTOF · C2 · ARBEID EN VERMOGEN
Goed gedaan!
Je kunt nu arbeid onder een hoek, uit een (F,s)-diagram en met ΣW = ΔEk berekenen en het vermogen van een kracht bepalen. Bekijk de vragen die je fout had nog eens in les 1.
This item has no instructions