H4.5 Het wijk- en buurtprofiel 4.6 inrichting van de openbare ruimte

4.5 Het wijk- en buurtprofiel + 
4.6. De inrichting van de openbare ruimte
1 / 60
next
Slide 1: Slide
AardrijkskundeMiddelbare schoolvwoLeerjaar 5

This lesson contains 60 slides, with interactive quizzes and text slides.

time-iconLesson duration is: 50 min

Items in this lesson

4.5 Het wijk- en buurtprofiel + 
4.6. De inrichting van de openbare ruimte

Slide 1 - Slide

This item has no instructions

4.5.
Als je deze paragraaf hebt bestudeerd: 
- kun je wijk- en buurtprofielen opstellen aan de hand van de inrichting van de openbare ruimte, woningkenmerken en bewonerskenmerken en deze met elkaar vergelijken.
- kun je uit een (gedeeltelijk) wijk- en buurtprofiel de samenstelling van de woningvoorraad afleiden.
- kun je uit een (gedeeltelijk) wijk- en buurtprofiel de bevolkingssamenstelling afleiden.
4.6.
Als je deze paragraaf hebt bestudeerd:
- kun je de gevolgen beschrijven van stedelijk beleid voor de sociale veiligheid van wijken en buurten.
- kun je de gevolgen beschrijven van stedelijk beleid voor de openbare ruimte.
- kun je uitleggen welke maatregelen de sociale veiligheid in een buurt kunnen verbeteren.
-kun je uitleggen welke ontwikkelingen de sociale veiligheid in een buurt zullen verslechteren.

Slide 2 - Slide

This item has no instructions

Bordaantekening Buurtprofiel
Keuze uit: meedoen OF aan de slag:
Opdrachten 4.5. 1-2-4-5
+ Maken examenopgave Het Honigcomplex in Nijmegen
+ Maken examenopgave Hitte in Amersfoort


Slide 3 - Slide

This item has no instructions

Woningkenmerken
1. Ouderdom (bouwjaar).
2. Eigendom (koop, huur of van een woningcorporatie).
3. Woningtype (vrijstaand, rijtjeshuis, portiekflat, galerijflat).



Slide 4 - Slide

This item has no instructions

Herenhuizen
1. 1800-begin 1900 (bouwjaar).
2. Koop of verhuurd in etages 
3. Vrijstaand of luxe rijtjeshuizen.
4. Goede staat van onderhoud
5. Welvarende buurten of studenten.

Slide 5 - Slide

This item has no instructions

Slide 6 - Map

This item has no instructions

 Arbeiderswijken
1. Begin 1900 (bouwjaar).
2. Koop of vaak huur 
3. Kleine rijtjeshuizen
4. Goede staat van onderhoud
5. Vroeger arme buurten, langzaam beter door gentrificatie

Slide 7 - Slide

This item has no instructions

Jaren '30 woningen
1. 1920-1945 (bouwjaar).
2. Koop 
3. Vrijstaand of luxe rijtjeshuizen/ twee onder een kap
4. Goede staat van onderhoud
5. Welvarende buurten

Slide 8 - Slide

This item has no instructions

Slide 9 - Map

This item has no instructions

Jaren '50 woningen
1. 1948-1960 (bouwjaar).
2. Koop maar vaak huur
3. Galerijflats of portiekflats, soms kleine rijtjeshuizen
4. Matige staat van onderhoud
5. Minder welvarende buurten

Slide 10 - Slide

This item has no instructions

Slide 11 - Map

This item has no instructions

Jaren '70 en 80 bloemkoolwijk
1. 1970-1980 (bouwjaar).
2. Koop soms huur.
3. Woonerven en rijtjeshuizen
4. Goede staat van onderhoud
5. Middenklasse

Slide 12 - Slide

This item has no instructions

Slide 13 - Map

This item has no instructions

Vinex-wijk
1. Vanaf begin jaar '90 (bouwjaar).
2. Koop soms huur.
3. Buurt met veel aandacht voor water.
4. Goede staat van onderhoud
5. Middenklasse en vooral jonge gezinnen

Slide 14 - Slide

This item has no instructions

Slide 15 - Map

This item has no instructions

Bewoners
kenmerken
  • Huishoudentype (alleenstaand, gezin)
  • Inkomen (hoogte van het inkomen)
  • Leeftijd bewoners

Slide 16 - Slide

This item has no instructions

Slide 17 - Slide

This item has no instructions

+ Inrichting van de openbare ruimte
  • onderhoud
  • overzichtelijkheid
  • toezicht
  • toegankelijkheid

Slide 18 - Slide

This item has no instructions

Onderhoud

Slide 19 - Slide

This item has no instructions

Overzichtelijkheid
Bij welke inrichting van de ruimte voel jij je veilig?

Fietspaden met bosjes? Slecht verlichte plekken? Tunnels?
Veilig?

Slide 20 - Slide

This item has no instructions

Slide 21 - Map

This item has no instructions

Toezicht
'Ogen op de straat'  

SOCIALE COHESIE!
  • Mate van verbondenheid tussen bewoners. Te vergroten door speelplekken, winkels, buurthuizen etc. Ontmoeting staat centraal! Men spreekt elkaar (eerder) aan.
Ogen op de straat?
<ul><li>Voordeur op de begane grond</li><li>Speeltuintjes - kinderen buiten, ouders ook</li><li>Cruyffcourts - jongeren sporten, geen vandalisme</li><li>Mix van functies - wonen, werken, recreëren.&nbsp;</li></ul><div>Zolang er mensen op straat zijn, is er meer toezicht.Men voelt zich daardoor veiliger.</div>
Sociale cohesie is ook beter voor elkaar te krijgen in een wijk met veel laagbouw. Staan er veel flats, dan is er meer anonimiteit omdat het grootschalig is. Dat is slecht voor de subjectieve veiligheid.<div>Ook: buurthuizen, buurtactiviteiten etc.</div>

Slide 22 - Slide

This item has no instructions

Toegankelijkheid
  • Is de ruimte voor iedereen toegankelijk?
  • Is de ruimte tussen bepaalde tijden verboden?
  • Bestemmingsverkeer?
  • Doodlopend, geïsoleerd?

Slide 23 - Slide

This item has no instructions

Verbanden tussen Woningkenmerken/bewonerskenmerken bijv:
Oudere, goedkopere, slecht onderhouden huurwoningen (flatwijken, vooroorlogse wijken) -> Lage inkomens (alleenstaande ouders, ouderen)

Duurdere, goed onderhouden koopwoningen (jaren '30, vinex, monumentale stadswoningen -> hoger inkomen (gezinnen met kinderen en autochtonen)


Slide 24 - Slide

This item has no instructions

Woonomgevingskenmerken
De openbare ruimte en de aanwezigheid van voorzieningen. 
hebben invloed op:
De sociale cohesie 
en 
de sociale veiligheid

En bepalen samen de Leefbaarheid van een wijk

Slide 25 - Slide

This item has no instructions

Slide 26 - Slide

This item has no instructions

Slide 27 - Slide

This item has no instructions

Slide 28 - Slide

This item has no instructions

Objectieve of subjectieve veiligheid?

Slide 29 - Slide

This item has no instructions

Slide 30 - Map

This item has no instructions

VINEX
Woningkenmerken?

Bewonerskenmerken?

Slide 31 - Slide

This item has no instructions

stadscentrum
arbeiderswijken
naoorlogse wijken
Vinex-wijken
jaren-`70-wijken

Slide 32 - Drag question

This item has no instructions

Kenmerken van 19e eeuwse arbeiderswijken zijn:
A
Slecht geïsoleerd, kleine kamers, wel centrale verwarming.
B
Kleine kamers, geen douches, aan de rand van de stad.
C
Kleine kamers, slecht geïsoleerd, tegen het centrum aan
D
Veel groen, grote woningen

Slide 33 - Quiz

This item has no instructions

Welke drie kenmerken zijn typisch voor nieuwbouwwijken (ook wel VINEX- wijken) in Nederland?
A dicht bij het centrum
B grote woningen
C kleine woningen
D veel groen
E ver van het centrum
F weinig groen
A
B, D, E
B
A, B, E
C
B, C, E
D
B, C, D

Slide 34 - Quiz

This item has no instructions

'Vorig jaar zijn in de wijk Velve 44 aangiften gedaan van autodiefstal. Het gaat hier om...
A
Subjectieve veiligheid
B
Objectieve veiligheid
C
Beide
D
Geen van beide

Slide 35 - Quiz

This item has no instructions

Welke fysieke maatregelen kunnen genomen worden om het gevoel van veiligheid te vergroten?

Slide 36 - Open question

This item has no instructions

Leefbaarheid
Wat is leefbaarheid?
  • Leefbaarheid geeft aan hoe goed je omgeving aansluit bij jouw wensen — dit verschilt per persoon
Drie aspecten spelen een rol:
  • Fysieke omgeving — schoon, groen, weinig verkeersoverlast
  • Sociale omgeving — wie wonen er, hoe voel je je erbij, contact met buren
  • Veiligheid — voel je je veilig, kunnen kinderen buiten spelen?
De Leefbaarometer maakt leefbaarheid meetbaar via 100 indicatoren en 5 dimensies:
  • Fysieke omgeving · Woningvoorraad · Voorzieningen · Sociale samenhang · Overlast & onveiligheid
Leefbaarheid is subjectief — iedereen ervaart zijn buurt anders

Slide 37 - Slide

This item has no instructions

Hoe leefbaar is de buurt? doe de check

Slide 38 - Slide

This item has no instructions

Leefbaarheid - wat kun je zelf doen? 
  • Vergroen je buurt samen met buren — geveltuintjes, groene daken, stadstuinen
  • Raap zwerfafval op, alleen of samen — of ga ploggen (joggen + afval rapen)
  • Doe vrijwilligerswerk in het wijkcentrum of help een oudere buurman/vrouw
  • Spreek je gemeente aan als de straat toch open gaat — vraag om een fietspad of meer groen 

Slide 39 - Slide

This item has no instructions

Leefbaarheid - wat doet de overheid?
  • Gemeenten leggen ontmoetingsplekken en buurtmoestuinen aan voor sociale cohesie
  • Steden geven de auto minder ruimte — meer ruimte voor fietsers, voetgangers en groen
  • Milieuzones in steden: oudere dieselauto's geweerd voor betere luchtkwaliteit
  • Provincies en gemeenten bieden subsidies aan voor initiatieven die de buurt leefbaarder maken

Slide 40 - Slide

This item has no instructions

Voorbeeld uit het verleden

Slide 41 - Slide

Korenmarkt Nijmegen
HW-opdracht (Veldwerk)
Korte instructie veldwerkopdracht
  • Werk in tweetallen.
  • Kies samen een openbare ruimte in de buurt van school of je wijk.
  • Beoordeel de ruimte op onderhoud, overzichtelijkheid, toezicht en toegankelijkheid.
  • Geef per onderdeel een score van 1 tot 5 en maak een foto als bewijs.
  • Vul ook het buurtprofiel in over de woningen en bewoners rondom de plek.
  • Bespreek met je partner: is dit een succesvolle openbare ruimte? Waarom wel of niet?

Slide 42 - Slide

This item has no instructions

Slide 43 - Slide

This item has no instructions

Slide 44 - Slide

This item has no instructions

Slide 45 - Slide

This item has no instructions

Persoonskenmerken

Slide 46 - Slide

This item has no instructions

Fysieke kenmerken van de buurt
Onderhoud
Toegankelijkheid
Overzichtelijkheid
Toezicht

Slide 47 - Slide

This item has no instructions

Sociale kenmerken van de buurt

Slide 48 - Slide

This item has no instructions

'Vorig jaar zijn in de wijk Velve 44 aangiften gedaan van autodiefstal. Het gaat hier om...
A
Subjectieve veiligheid
B
Objectieve veiligheid
C
Beide
D
Geen van beide

Slide 49 - Quiz

This item has no instructions

Welke fysieke maatregelen kunnen genomen worden om het gevoel van veiligheid te vergroten?

Slide 50 - Open question

This item has no instructions

Stadsvernieuwing; 

Slide 51 - Slide

This item has no instructions

Stadsvernieuwing
Stadsvernieuwing
De kwaliteit van de sociale huurwoningen wordt verbeterd. Dit gebeurt door:
Renovatie
Sanering
De bevolkingssamenstelling (wie er wonen) blijft hetzelfde (daarom ook vaak geen oplossing voor de andere problemen: segregatie en lage leefbaarheid

Slide 52 - Slide

This item has no instructions

Herstructurering

Slide 53 - Slide

This item has no instructions

Herstructurering
Vanaf de jaren 90 wordt er niet 
alleen stadsvernieuwing maar 
ook herstructurering toegepast. 
Vooral in 19 eeuwse arbeiderswijken, 
naoorlogse hoogbouwwijken en de
 voormalige industrie/haven terreinen

Slide 54 - Slide

This item has no instructions

Herstructurering betekent dat het gebied een nieuwe functie krijgt. Dit kan zijn: 
- van wijk met goedkope sociale huur naar wijk met duurdere (koop of private huur) woningen. 


- of van industrie/haven gebied naar woon/uitgaangsgebied 

Net als bij stadsvernieuwing kan dit via renovatie of sanering

Slide 55 - Slide

This item has no instructions

In het kantorenpark tussen de Amsterdam Arena en het AMC worden kantoren omgebouwd tot appartementen.
Van welk proces is hier sprake?
A
Segregatie
B
Stadsvernieuwing
C
Herstructurering
D
Sanering

Slide 56 - Quiz

This item has no instructions

De Holendrecht buurt ligt in de wijk Zuid Oost. Deze wijk staat bekend om zijn hoge aandeel Nederlanders met een migratie achtergrond en lagere inkomens.
De nieuwe appartementen zijn bedoeld voor personeel van het AMC en de kantoren rond de Arena. Welk gevolg valt hierdoor niet te verwachten?
A
de segregatie wordt minder
B
de leefbaarheid gaat omhoog
C
er komen nieuwe (hoogwaardigere) voorzieningen
D
het woon-werk verkeer neemt toe

Slide 57 - Quiz

This item has no instructions

Gentrificatie
Als herstructurering lukt dan komen komen er 
mensen met een hoger inkomen in de wijk wonen. 
Hierdoor zullen ook de voorzieningen zich op deze nieuwe bewoners aanpassen. 

Dit proces van verandering in de 
bevolkingssamenstelling en het 
voorzieningenniveau noemen we 
GENTRIFICATIE.

Slide 58 - Slide

This item has no instructions

Slide 59 - Slide

This item has no instructions

Huiswerk
Maken opdrachten 1,2 en 5 paragraaf 4.6

Slide 60 - Slide

This item has no instructions