LICHAAM · ZINTUIGEN EN HUID
Examentraining
Zintuigen en huid: zo pak je examenvragen aan
LICHAAM · ZINTUIGEN EN HUID
Examentraining
Zintuigen en huid: zo pak je examenvragen aan
Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Rapidreflex / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0
LICHAAM · ZINTUIGEN EN HUID
Wat ga je kunnen?
Ik kan delen van oog, oor en huid aanwijzen en uitleggen wat ze doen.
Cet élément n'a pas d'instructions
LICHAAM · ZINTUIGEN EN HUID
Zo pak je een examenvraag aan
1. Lees: wat wordt er gevraagd, een naam, een taak of een oorzaak?
2. Kijk: zoek de letter of het deel op de tekening.
3. Denk: welk deel hoort bij de prikkel of de taak?
4. Controleer: past je antwoord bij de vraag?
Cet élément n'a pas d'instructions
LICHAAM · ZINTUIGEN EN HUID
Vraagtype 1: delen op een tekening
Kijk goed naar de tekening en de letters.
Lees welk deel wordt gevraagd.
Zoek eerst het deel dat je zeker weet.
Voorbeeld: de pupil is de opening in de iris.
Cet élément n'a pas d'instructions
Welke letter is de iris?
Letter B
Letter A
Letter C
Letter D
B is de iris, het gekleurde deel met de pupil als opening. A is het hoornvlies, C de lens en D het glasachtig lichaam. Verwachte fout: A kiezen, omdat het hoornvlies ook aan de voorkant zit. Image credit: Eigen tekening
Welke letter is het trommelvlies?
Letter A
Letter B
Letter D
Letter C
C is het trommelvlies, het vlies aan het einde van de gehoorgang. A is de oorschelp, B de gehoorgang en D de gehoorbeentjes. Verwachte fout: D kiezen, omdat de gehoorbeentjes eraan vastzitten. Image credit: Eigen tekening
LICHAAM · ZINTUIGEN EN HUID
Vraagtype 2: welk deel, welke taak?
Leer bij elk deel de taak met een eigen zin.
Gebruik de weg van de prikkel: zintuig, impuls, hersenen.
Let op delen die op elkaar lijken, zoals iris en pupil.
Bedenk wat er mis gaat als het deel niet werkt.
Cet élément n'a pas d'instructions
Welk deel van je oog verandert van vorm om scherp te zien?
De iris
De lens
Het netvlies
Het hoornvlies
Alleen KB/GT. De lens wordt dikker of platter bij accommoderen. Verwachte fout: de iris kiezen, die regelt alleen de grootte van de pupil.
Wat doen de gehoorbeentjes?
Ze geven de trillingen door aan het slakkenhuis
Ze zetten trillingen om in impulsen
Ze vangen geluid op uit de lucht
Ze zorgen voor je evenwicht
De gehoorbeentjes geven de trillingen van het trommelvlies door naar het slakkenhuis. Verwachte fout: impulsen kiezen. Dat doen de zintuigcellen in het slakkenhuis.
LICHAAM · ZINTUIGEN EN HUID
Vraagtype 3: een situatie uitleggen
Lees de situatie en bedenk welke prikkel er is.
Welk zintuig merkt die prikkel op?
Gebruik vaktaal zoals prikkel, impuls en waarneming.
Kies het antwoord dat past bij de situatie.
Cet élément n'a pas d'instructions
Je komt uit de zon in een donkere kamer. Wat doet je pupil?
De pupil wordt kleiner, zodat er meer licht binnenkomt
De pupil wordt groter, zodat er minder licht binnenkomt
De pupil wordt groter, zodat er meer licht binnenkomt
De pupil blijft even groot, de lens doet het werk
Alleen KB/GT. In het donker trekken de lengtespieren van de iris samen en wordt de pupil groter. Verwachte fout: denken dat een kleinere pupil meer licht binnenlaat.
Na een kwartier ruik je de koffie in de kamer niet meer. Welk begrip past?
Drempelwaarde
Gewenning
Adequate prikkel
Accommoderen
Alleen KB/GT. Bij gewenning merk je een prikkel die blijft steeds minder. Verwachte fout: drempelwaarde kiezen, dat is de zwakste prikkel die je nog waarneemt.
LICHAAM · ZINTUIGEN EN HUID
Vraagtype 4: de huid
Bedenk welke laag of welk deel bij de situatie hoort.
Bij temperatuur gaat het om bloedvaten, zweet en vet.
Bij zonlicht gaat het om pigment.
Lees goed wat er verandert en kies de oorzaak.
Cet élément n'a pas d'instructions
In de zon maak je meer pigment aan. Wat is het nut?
Het houdt je huid warm
Het maakt zweet
Het doodt bacteriën
Het beschermt tegen uv-straling
Pigment in de kiemlaag beschermt tegen uv-straling. Verwachte fout: denken dat de bruine kleur je warm houdt.
Je fietst hard en gaat zweten. Hoe helpt dat je lichaam?
Het zweet isoleert de huid tegen de warmte
Het zweet maakt de bloedvaten nauwer
Het zweet maakt de huid dikker
Het zweet verdampt en koelt de huid af
Zweet verdampt en neemt daarbij warmte op, zo koel je af. Verwachte fout: denken dat zweet isoleert.
Welk vraagtype vind jij het lastigst?
Delen op een tekening
Welk deel, welke taak?
Een situatie uitleggen
De huid
Bespreek het vraagtype met de meeste stemmen kort na.
LICHAAM · ZINTUIGEN EN HUID
Tips voor op het examen
Lees bij een tekening eerst welke letter wordt gevraagd.
Het zintuig maakt een impuls, de hersenen maken de waarneming.
Bij een situatie: noem eerst de prikkel, dan het deel dat reageert.
Warm: wijde bloedvaten en zweet. Koud: nauwe bloedvaten.
Cet élément n'a pas d'instructions