Overheid en sociale zekerheid (Economie vmbo), les 3: Terugblik quiz

OVERHEID · TAKEN EN ZEKERHEID

Quiz

Terugblik: Overheid en sociale zekerheid

1 / 14
suivant
Slide 1: Slide
newEditorEconomieMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 3,4

Cette leçon contient 14 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 30 min
Signaler cette leçon

Introduction

Terugblikquiz met elf vragen over overheid, begroting, adviesorganen, volks- en werknemersverzekeringen, voorzieningen en inkomensverdeling voor vmbo GL/TL.

Éléments de cette leçon

OVERHEID · TAKEN EN ZEKERHEID

Quiz

Terugblik: Overheid en sociale zekerheid

Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Rijksoverheid / Wikimedia Commons, CC0

Wie is in formele zin de werkgever van een ambtenaar?

A

Een vakbond

B

Een commercieel bedrijf

C

De overheid

D

Een verzekeraar

Ambtenaren werken voor de overheid.

Welk orgaan bespreekt de rijksbegroting en controleert de regering?

A

Het CBS

B

Het parlement

C

De SER

D

Het CPB

Het parlement bespreekt de plannen en controleert. CBS, SER en CPB zijn adviesorganen.

Zet op volgorde, van eerst naar laatst

1

De overheid voert de plannen uit

2

Het parlement stemt over de plannen

3

De regering maakt de plannen

4

Het parlement bespreekt de plannen

Eerst maken, dan bespreken, dan stemmen, dan uitvoeren.

Wat is de miljoenennota?

A

Een lijst met alle uitkeringen in Nederland

B

Het jaarverslag van het CBS

C

Een wet over de sociale zekerheid

D

De plannen van de regering voor het komende jaar

De miljoenennota verschijnt op Prinsjesdag.

Vul in

Uit premies worden verzekeringen betaald, uit de algemene middelen sociale voorzieningen zoals bijstand.

premies
algemene middelen
belasting op tabak
subsidies

Verzekeringen: premies. Voorzieningen: algemene middelen.

Welke uitkering is een werknemersverzekering?

A

De AOW

B

De AKW

C

De bijstand

D

De WIA

WIA is een werknemersverzekering, AOW en AKW zijn volksverzekeringen en bijstand is een voorziening.

Wat is de secundaire inkomensverdeling?

A

De verdeling van het inkomen voor de uitkeringen

B

De verdeling nadat de overheid heeft herverdeeld

C

De verdeling van het inkomen tussen landen

D

De verdeling van de bezittingen

Secundair = na de herverdeling.

Noem één voorbeeld van een volksverzekering.

Goed: AOW of AKW. Verwachte fout: de WIA of de bijstand noemen.

Welk adviesorgaan verzamelt en publiceert cijfers over Nederland?

A

Het CPB

B

De SER

C

Het CBS

D

Het parlement

CBS = cijfers.

Welke sector is een gesubsidieerde sector?

A

Gezondheidszorg

B

Een supermarkt

C

Een bouwmarkt

D

Een bioscoop

Onderwijs, gezondheidszorg en welzijnswerk worden door de overheid betaald.

Wat zijn niet-actieven?

A

Mensen die hun werk niet goed doen

B

Mensen zonder betaald werk, zoals gepensioneerden

C

Ambtenaren van de gemeente

D

Bedrijven in de particuliere sector

Niet-actieven hebben geen betaald werk.

Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?

1

Heel zeker

2

Redelijk zeker

3

Niet zo zeker

4

Helemaal niet zeker

Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.

OVERHEID · TAKEN EN ZEKERHEID

Goed gedaan!

Je kent nu de taken van de overheid en de vormen van sociale zekerheid. Vraag bij elke casus: wie is verzekerd, wie betaalt en waarvoor?

Cet élément n'a pas d'instructions