Weerstanden met kleurcode, 2018 (foto: Evan-Amos, publiek domein)
EXAMENSTOF · G1 · STROOMKRINGEN
Quiz
Terugblik: Stroomkringen
Weerstanden met kleurcode, 2018 (foto: Evan-Amos, publiek domein)
EXAMENSTOF · G1 · STROOMKRINGEN
Quiz
Terugblik: Stroomkringen
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Evan-Amos / Wikimedia Commons, publiek domein
In welke richting bewegen de elektronen in een stroomkring?
Van de pluspool naar de minpool
Van de minpool naar de pluspool
Alleen van de bron naar de lamp
Heen en weer, zonder vaste richting
Elektronen zijn negatief: de minpool stoot ze af, de pluspool trekt ze aan. De stroomrichting is afgesproken van plus naar min. Syllabus G1.1.
Vul in
In een serieschakeling is de stroom overal gelijk; in een parallelschakeling is de spanning over elke tak gelijk.
Serie: één weg, dus dezelfde I. Parallel: elke tak zit aan dezelfde twee punten, dus dezelfde U. Syllabus G1.2.
Zet van kleinste naar grootste Rtot
Rtot is de vervangingsweerstand. Drie parallel: 20/3 = 6,7 Ω. Twee parallel: 10 Ω. Eén: 20 Ω. Twee in serie: 40 Ω. Parallel zetten verkleint Rtot, serie vergroot Rtot. Syllabus G1.2.
Een stroom van 2,5 A loopt 4,0 s. Hoeveel lading gaat er door de draad?
0,63 C
1,6 C
10 A
10 C
Q = I·t = 2,5 × 4,0 = 10 C (twee significante cijfers). Afleiders: I/t (0,63), t/I (1,6) en de verkeerde eenheid A. Controle: 10/4,0 = 2,5 A. Syllabus G1.1.
Lamp en weerstand in serie op 9,0 V. Over de lamp staat 5,5 V. Spanning over de weerstand?
3,5 V
14,5 V
5,5 V
1,6 V
Utot = U1 + U2, dus U2 = 9,0 − 5,5 = 3,5 V (één decimaal). Afleiders: optellen (14,5), de spanning van de lamp overnemen (5,5) en delen (9,0/5,5 = 1,6). Syllabus G1.2.
Parallel: I1 = 0,40 A en I2 = 0,25 A. Wat meet de stroommeter in de toevoer?
0,15 A
0,40 A
0,65 A
0,10 A
Itot = I1 + I2 = 0,40 + 0,25 = 0,65 A (twee decimalen). Afleiders: aftrekken (0,15), alleen de grootste tak (0,40) en vermenigvuldigen (0,10). Syllabus G1.2.
Welk apparaat schakelt uit bij een aardlek?
Een aardlek is stroom die via een andere weg, bijvoorbeeld een mens, naar aarde lekt. Antwoord: de aardlekschakelaar. Verwachte fout: zekering; die reageert op een te grote stroom, niet op een lek naar aarde. Syllabus G1.2.
Hoe sluit je een spanningsmeter aan om de spanning over een lamp te meten?
In serie met de lamp
In serie met de bron
Parallel aan de lamp
Parallel aan de zekering
Een spanningsmeter meet het verschil tussen twee punten en staat dus parallel aan het onderdeel. Een stroommeter staat juist in serie. Syllabus G1.2.
Wat doet een diode in een schakeling?
Laat stroom in één richting door
Verandert R met het licht
Verandert R met de temperatuur
Smelt door bij een te grote stroom
Een diode geleidt maar in één richting. De afleiders zijn LDR, NTC/PTC en zekering. Syllabus G1.2.
Een LDR zit in een kring met constante spanning. Het wordt donker. Wat gebeurt er?
R wordt kleiner en I wordt groter
R wordt groter en I wordt groter
R blijft gelijk en I wordt kleiner
R wordt groter en I wordt kleiner
Minder licht geeft een grotere R; bij gelijke U geeft een grotere R een kleinere I (I = U/R). Syllabus G1.2.
10 Ω staat in serie met twee parallelle weerstanden van 20 Ω. Bereken Rtot.
50 Ω
20 Ω
30 Ω
5,0 Ω
De twee parallelle weerstanden: 1/Rv = 1/20 + 1/20 = 2/20, dus Rv = 10 Ω. Serie: Rtot = 10 + 10 = 20 Ω. Afleiders: alles optellen (50), maar één parallelle tak meetellen (30) en alles parallel (5,0). Syllabus G1.2: gemengde schakeling, eenvoudige berekening.
Twee lampen staan parallel aan een bron. Lamp 2 brandt door. Wat gebeurt er met lamp 1?
Lamp 1 blijft even fel branden
Lamp 1 gaat ook uit
Lamp 1 gaat feller branden
Lamp 1 gaat minder fel branden
Lamp 1 zit nog steeds aan dezelfde spanning, dus dezelfde I. Alleen Itot wordt kleiner. Afleiders: denken dat alles in serie staat, of dat de stroom zich opnieuw verdeelt. Syllabus G1.2.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
EXAMENSTOF · G1 · STROOMKRINGEN
Goed gedaan!
Sterk gedaan. Je weet nu hoe lading, spanning en weerstand samenhangen en hoe je serie- en parallelschakelingen doorrekent.
Cet élément n'a pas d'instructions