STEDEN EN BURGERS · 1602-1700
Quiz
Terugblik: Steden en burgers 1602-1700
STEDEN EN BURGERS · 1602-1700
Quiz
Terugblik: Steden en burgers 1602-1700
Les 3 van 3. Leerlingen beantwoorden individueel; bespreek na elke paar vragen kort de antwoorden. Image credit: Gerrit Berckheyde / Wikimedia Commons, publiek domein
Wat is een confederatie?
Een staat die door één vorst wordt bestuurd
Een bond van zelfstandige gewesten
Een bestuur door een kleine kring regenten
Een handelsbond van steden zonder gewesten
De Republiek was een bond van zelfstandige gewesten. Verwachte fout: confederatie met oligarchie verwarren.
Waar streefden de stadhouders naar?
Meer zelfstandigheid voor elke stad
Het afschaffen van de oorlogseconomie
Het verdrijven van de arbeidsmigranten
Meer eenheid en aanzien
Stadhouders wilden meer eenheid en aanzien en moesten de vrijheden van steden respecteren. Verwachte fout: dat zij particularisme wilden; dat was juist het streven van de regenten.
Vul in
Rijke kooplieden investeerden in droogmakerijen en lieten buitens bouwen om hun status te verhogen.
Droogmakerijen en buitens. Verwachte fout: stapelmarkt, een functie van Amsterdam en geen investering van individuele kooplieden.
Welke gewesten kregen een ring van steden met openbaar vervoer?
Zeeland en Friesland
Groningen en Drenthe
Gelderland en Overijssel
Holland en Utrecht
Syllabus: Holland en Utrecht. Verwachte fout: Zeeland; ook een zeegewest, maar de ring van steden met openbaar vervoer lag in Holland en Utrecht.
Zet op volgorde, van vroeg naar laat
Eerst de oorlogseconomie, dan de bloei van de tussenhandel, na 1648 het mercantilisme, in 1672 het Rampjaar en daarna de overname door Londen.
Wie vormden de grote markt voor kunstenaars als Rembrandt?
De Habsburgers
Rijke kooplieden
De stadhouders
Het gemeen
Onder rijke kooplieden vonden kunstenaars een enorme markt. Verwachte fout: het gemeen, dat minder profiteerde van de welvaart.
Wat is mercantilisme?
Het recht van burgers om vrij te geloven
Het opslaan en doorverkopen van goederen
Beleid dat de eigen handel beschermt
Bestuur door een kleine kring regenten
Engeland en Frankrijk beschermden hun eigen handel. Verwachte fout: stapelmarkt, omdat beide met handel te maken hebben.
Welke positie nam Johan de Witt in?
Staatsgezind: tegen de Oranjes
Oranjegezind: voor de stadhouder
Aanvoerder van het gemeen
Voorstander van een sterke vorst
Regenten als Johan de Witt waren staatsgezind. Verwachte fout: Oranjegezind, de positie van het gemeen.
Waarom trok de Republiek arbeidsmigranten aan?
Goed: door de welvaart en de groeiende steden was er werk en kansen. Verwachte fout: alleen 'vanwege de gewetensvrijheid'; die speelde mee, maar werk was de basis.
Wat deden veel regenten na 1648 met hun geld?
Zij investeerden het in extra droogmakerijen
Zij leenden het uit aan buitenlandse ondernemers
Zij gaven het aan het gemeen
Zij kochten er de stapelmarkt mee op
Veel regenten leenden hun geld uit aan buitenlandse ondernemers en machthebbers. Verwachte fout: dat zij juist meer investeerden in de eigen economie.
Vul in
Het Rampjaar luidde het einde in; daarna nam oligarchisering toe.
Rampjaar en oligarchisering. Verwachte fout: mercantilisme, dat al na 1648 speelde.
Hoe zeker voel je je over dit onderwerp?
Heel zeker
Redelijk zeker
Niet zo zeker
Helemaal niet zeker
Gebruik de uitslag om te bepalen of je een onderdeel herhaalt.
STEDEN EN BURGERS · 1602-1700
Goed gedaan!
Je kent nu de rol van de burgerij in de Republiek in de Gouden Eeuw, van oorlogseconomie tot het Rampjaar 1672. Zo beantwoord je de leidende vraag: in hoeverre bepaalde de burgerij de ontwikkelingen?
Cet élément n'a pas d'instructions