Uitvoeringspraktijk (Muziek havo), les 2: Examentraining

LUISTEREN · UITVOERING

EXAMENTRAINING

Uitvoeringspraktijk: zo pak je examenvragen aan

1 / 20
suivant
Slide 1: Slide
newEditorMuziekMiddelbare schoolhavoLeerjaar 4,5

Cette leçon contient 20 diapositives, avec quiz interactifs et diapositives de texte.

time-iconLa durée de la leçon est: 45 min
Signaler cette leçon

Introduction

Examentraining uitvoeringspraktijk: speeltechniek, uitvoeringswijze, tekens in de partituur en stemgebruik herkennen, met acht vragen waarvan drie luistervragen.

Éléments de cette leçon

LUISTEREN · UITVOERING

EXAMENTRAINING

Uitvoeringspraktijk: zo pak je examenvragen aan

Les 2 van 3. Laat leerlingen in tweetallen overleggen bij de open vragen. Image credit: Tatiana El-Bakri / Wikimedia Commons, CC BY-SA 2.0

♪ LUISTEREN · UITVOERING

WAT GA JE KUNNEN?

Ik kan bij een luisterfragment of een partituurfragment het goede begrip kiezen.

Cet élément n'a pas d'instructions

♪ LUISTEREN · UITVOERING

ZO PAK JE EEN EXAMENVRAAG AAN

  • 1. Lees: wat wordt gevraagd: een techniek, een uitvoeringswijze of een teken?

  • 2. Luister: let eerst op één ding, zoals de klank, de articulatie of de bezetting.

  • 3. Luister opnieuw: controleer je eerste idee met een tweede kenmerk.

  • 4. Kies: het antwoord dat past bij wat je hoorde, niet bij wat je verwachtte.

Cet élément n'a pas d'instructions

Een gitarist speelt elektrische gitaar op het podium

♪ LUISTEREN · UITVOERING

VRAAGTYPE 1: SPEELTECHNIEK EN EFFECT

  • Je hoort welk effect of welke techniek wordt gebruikt.

  • Let op de klank van gitaar, strijkers en slagwerk.

Image credit: PattayaPatrol / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

Video: AC/DC: Highway to Hell (kanaal: AC/DC). Wat hoor je? Het hele fragment door klinken de elektrische gitaren ruw en vervormd, met een brede, rauwe klank. Dat is distortion. Er klinken geen getokkelde of geslagen snaren die de klank bepalen.

Welk effect hoor je in de gitaarklank?

A

Pizzicato: kort getokkelde snaren

B

Distortion: een ruwe, vervormde klank

C

Slappen: klapperende basgitaar

D

Glissando: glijden van toon naar toon

De gitaren zijn vervormd: distortion. Wie slappen kiest, luistert naar de bas en hoort de ruwe klank verkeerd.

Een celliste speelt eerst met de strijkstok, daarna pizzicato. Wat hoor je veranderen?

A

Van korte, ploppende noten naar lange, volle noten

B

Van hoge naar lage noten, met gelijke lengte

C

Van zacht naar hard, met dezelfde klankkleur

D

Van lange, volle noten naar korte, ploppende noten

Strijken geeft lange, volle noten; pizzicato korte, ploppende noten. Wie de volgorde omdraait, leest de vraag te snel.

Het Liepāja Symphony Orchestra speelt samen met een pianist, Letland

♪ LUISTEREN · UITVOERING

VRAAGTYPE 2: UITVOERINGSWIJZE

  • Je hoort hoe een stuk wordt uitgevoerd: met of zonder instrumenten, samen of alleen.

  • Let op wie er meespeelt.

Image credit: SintaBerzins / Wikimedia Commons, CC0

Video: Pentatonix: Hallelujah (kanaal: Pentatonix). Wat hoor je? Alle klanken komen van stemmen: een solostem op de melodie en andere stemmen die begeleiden. Er speelt geen instrument mee. Goede antwoord: a capella.

Hoe is dit fragment uitgevoerd?

A

A capella: alleen stemmen

B

Unplugged: een band zonder versterkers

C

Elektronisch: klank uit synthesizers

D

Tutti: het hele orkest speelt mee

Alleen stemmen is a capella. Wie unplugged kiest, denkt aan een band met akoestische instrumenten; die klinken hier niet.

In een partituur staat boven maat 9 bij de trompet 'solo'. Wat hoor je in maat 9?

A

Het hele orkest speelt samen met de trompet

B

De trompet zwijgt en het orkest speelt verder

C

De trompet speelt alleen, de rest begeleidt of zwijgt

D

De trompet speelt zacht op de achtergrond

Solo betekent dat één speler voorop gaat; de rest begeleidt of zwijgt. Wie het hele orkest kiest, bedoelt tutti.

♪ LUISTEREN · UITVOERING

VRAAGTYPE 3: TEKENS IN DE PARTITUUR

  • Je koppelt een teken aan wat je hoort of moet spelen.

  • Let op het teken boven de noot of op de dubbele streep.

Cet élément n'a pas d'instructions

Video: Beethoven: Symfonie nr. 5, eerste deel, Berliner Philharmoniker (kanaal: Berliner Philharmoniker). Wat hoor je? Het beroemde motief van drie korte noten en een lange noot. De lange noot wordt telkens langer aangehouden dan hij genoteerd staat: in de partituur staat daar een fermate. Goede antwoord: fermate.

Welk teken staat in de partituur boven de lange noot?

A

Herhalingstekens

B

Coda

C

Fermate

D

Dal segno

De lange noot na de drie korte noten wordt aangehouden: fermate. Herhalingstekens en coda gaan over de route door het stuk, niet over één noot.

Maat 1 tot en met 4 staan tussen herhalingstekens. Hoe vaak speel je maat 3?

A

Twee keer

B

Eén keer

C

Drie keer

D

Vier keer

Tussen herhalingstekens speel je het deel twee keer. Wie drie of vier kiest, telt de maten mee in plaats van de herhaling.

Een beatboxer maakt ritmes met een microfoon voor de mond

♪ LUISTEREN · UITVOERING

VRAAGTYPE 4: STEMGEBRUIK

  • Je benoemt hoe een stem wordt gebruikt.

  • Een stem kan zingen, ritmes maken of improviseren op klanken.

Image credit: Csnation240 / Wikimedia Commons, CC BY-SA 4.0

Vul in: stemgebruik

Zingen op klanken zonder betekenis heet scat. Een lichte schommeling in de toonhoogte van een lange toon heet vibrato.

scat
vibrato
melisme
a capella

Veelgemaakte fout: scat en melisme verwisselen. Bij een melisme heb je wel tekst, maar zing je meerdere tonen op één lettergreep.

Noor maakt met alleen haar mond de drumbeat en de bas. Welk stemgebruik is dit?

A

Rappen

B

Scat vocal

C

Vibrato

D

Human beatbox

Ritmes en drumgeluiden met de mond is human beatbox. Wie rappen kiest, denkt aan ritmisch praten; dat gebeurt hier niet.

Welk vraagtype vind jij het lastigst?

1

Speeltechniek en effect

2

Uitvoeringswijze

3

Tekens in de partituur

4

Stemgebruik

Bespreek de uitslag en laat leerlingen die iets lastig vinden het fragment nog een keer beluisteren.

♪ LUISTEREN · UITVOERING

TIPS VOOR OP HET EXAMEN

  • Luister eerst naar de klank: vervormd, getokkeld, gestreken of zonder instrumenten?

  • Een lange noot die langer duurt dan genoteerd is, heeft een fermate.

  • Tussen herhalingstekens speel je het deel twee keer.

  • Hoor je geen instrumenten, dan is het a capella.

Cet élément n'a pas d'instructions