- Heb je wel eens ander imitatieschilderwerk hebben gezien?
Op de volgende 4 slide's staan voorbeelden van ander imitatie-schilderwerk.
Slide 3 - Tekstslide
Waarvan is deze muur gemaakt?
Van gewone gestukte bakstenen; eroverheen is een imitatie van verschillende soorten marmer geschilderd.
Slide 4 - Tekstslide
Zelfs de liftdeur is hier van "marmer"!
Slide 5 - Tekstslide
Hoe is dit plafond gemaakt?
imitatie van hout op het plafond (Italië) geschilderd
Net zoals jullie vorige week in het museum hebben gedaan op je karton
Slide 6 - Tekstslide
Detail van de houtimitatie:
Over het geschilderde hout is nog weer een versierende schildering gezet.
Jullie gaan volgende les ook op jullie eigen houtimitatie borden schilderen.
2. Wat schilder jij op je naambord?
Slide 7 - Tekstslide
De leerlingen hebben de achtergrond van hun naambord beschilderd met hout-imitatie. Nu gaan ze het tot een echt naambord maken. De leerlingen morgen ook een naambord voor iemand anders maken of bijvoorbeeld voor een bedrijfje (dat ze later willen beginnen).
Laat de leerlingen nadenken over welke afbeelding en tekst op hun naambord komt.
En vooral ook hoe ze het bord gaan indelen.
Laat hen minstens 6 verschillende snelle indelingsschetsjes maken.
Stap 1. Oefen de technieken
Schilderen met penseel
Sjabloneren
Slide 8 - Tekstslide
In het museum krijgen de leerlingen een workshop decoratief schilderen. De letters worden geschilderd met een penseel (of stift). De afbeelding wordt gemaakt met een sjabloon.
Leg uit wat een sjabloon is. Laat leerlingen oefenen met sjablonen, verf en rollers of sponsjes op papier.
Stap 2. Maak een ontwerp voor jouw naambord:
tekst & afbeelding.
De tekst maak je met een penseel.
De afbeelding maak je met een sjabloon.
Maak eerste een ontwerp voor je sjabloon.
Tip: Kies een eenvoudige vorm,
die je gemakkelijk kunt uitknippen.
Slide 9 - Tekstslide
De leerlingen maken een ontwerp voor hun naambord. Dit kan gewoon met (kleur)potlood.
Benadruk dat de vorm voor de sjabloon heel eenvoudig moet zijn omdat ze die uit gaan knippen. De lijnen moeten niet te dun zijn en er kunnen geen losse binnen- vormen in zitten, want die verdwijnen met het knippen. Alles moeten dus aan elkaar zitten.
Het is nog een ontwerp: in het museum gaan ze het echte sjabloon tekenen.
Ze kunnen voor in het ontwerp ook een sjabloon herhalen of verschillende kleine sjablonen gebruiken.