04 VWO2 les 3 periode 3 pag. 77 t/m 87

godsdienst VWO2
22 mei 2026
1 / 18
volgende
Slide 1: Tekstslide
GodsdienstMiddelbare schoolvwoLeerjaar 6

In deze les zitten 18 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Onderdelen in deze les

godsdienst VWO2
22 mei 2026

Slide 1 - Tekstslide

Deze les
  • pagina's 77 tot en met 87


  • Vrijdag 29 mei 2026 (week 22): toets godsdienst via Dugga.com
  • Toetsstof: Hoofdstukken 5 en 6 (t/m pagina 87)
  • boek & aantekeningen & gemaakte opdrachten

Slide 2 - Tekstslide

We nemen door in deze les:

- opdrachten 1 tot en met 7 uit het werkboek

Slide 3 - Tekstslide

Hoofdstuk 6 Verhalen aan het woord
gelijkenissen van Jezus

Slide 4 - Tekstslide

Nakijken
Opdrachten 
1 t/m 7
klassikaal nakijken

Slide 5 - Tekstslide

belangrijk voor het proefwerk...

Slide 6 - Tekstslide

Farizeeën 
Belangrijke uitleggers van de Tora.
Groot gezag onder het volk.

Ommekeer: 
Strikt de geboden van God naleven om zo deze ommekeer bij God afdwingen.

Slide 7 - Tekstslide

In wat voor tijd Jezus leefde? (2)

De Farizeeën.

De Sadduceeën



De Zeloten


Politiek: De Herodianen
Wie waren de geestelijke leiders?

Geboden van God strikt naleven, dan krijg je vrede met God.

Priesterpartij, meerderheid in Sanhedrin. 
Doel: leiding over zelfstandig land.
Samenwerken met en geen opstand tegen de Romeinen. 

Radicale Farizeeën. Geen omgang Romeinen, streden tegen volksgenoten die met de vijand omgingen.

Steunden de familie Herodes.




Slide 8 - Tekstslide

6. Wat zijn de Farizeeën?
A
Iemand die veel kennis had van de wet, ook wel wetsleraren genoemd.
B
Een belangrijke religieuze groepering in de tijd van Jezus
C
Iemand die het 'goede nieuws' over Jezus verder vertelt
D
Een leerling van Jezus

Slide 9 - Quizvraag

Thora betekend
A
Profeten
B
Onderwijzing van regels
C
Geschriften
D
Opdrachten

Slide 10 - Quizvraag

1. Jezus had leerlingen die hem volgden. Hij noemde die leerlingen zijn vrienden. Wat is een andere naam voor deze leerlingen?
A
Discipelen
B
Farizeeërs
C
Priesters
D
Schriftgeleerden

Slide 11 - Quizvraag

Wat wil Jezus bereiken met zijn gelijkenissen?
A
dat wij de verhalen geloven
B
dat wij anders gaan leven
C
dat wij in hem gaan geloven
D
alle drie zijn waar

Slide 12 - Quizvraag

Wat is het doel van de gelijkenissen?
A
Jezus wil graag geheimzinnig doen
B
alleen wie het écht wil, vindt de betekenis
C
Jezus houdt van verhalen vertellen
D
alle drie zijn waar

Slide 13 - Quizvraag

Parabel
Parabel komt van het Griekse woord parabolè. Het betekent vergelijking of gelijkenis.
Het zijn Bijbelse verhalen  (vooral NT) om ideeën concreet (wat je kunt zien/aanraken) te maken zodat iedereen aanvoelt waar het Hem over te doen is. Ze zijn bedoeld als illustratie van Gods Koninkrijk. Ze laten je nadenken en het is een oproep om anders te gaan leven.

Maar je hebt ook niet-Bijbelse parabels. Dit zijn verhalen die mensen vertellen om daardoor een waarheid duidelijk te maken, om deze concreet te maken en beter te begrijpen en ook om daarna de betekenis van deze parabel toe te passen in het dagelijks leven.

Slide 14 - Tekstslide

De verloren zoon, wat was het gewone of alledaagse aan dit verhaal?
A
dat de jongste zoon niet meer thuis wil blijven
B
dat hij al zijn geld opmaakt
C
dat hij in de problemen komt en honger lijdt
D
alle drie zijn 'normaal'

Slide 15 - Quizvraag

De verloren zoon, wat is het gewone of alledaagse aan dit verhaal?
A
dat de jongste zoon niet meer thuis wil blijven
B
dat hij al zijn geld opmaakt
C
dat hij in de problemen komt en honger lijdt
D
alle drie zijn 'normaal'

Slide 16 - Quizvraag

Wat wil het verhaal van de verloren zoon ons leren over God?
A
Dat Hij blij is als mensen spijt hebben en willen terugkomen bij Hem
B
Dat als je het verprutst hebt je niet bij Hem hoeft aan te kloppen
C
Dat je hard moet werken om het weer goed te maken.

Slide 17 - Quizvraag

De verloren zoon, wat is de bijzondere wending in dit verhaal?
A
dat zijn geld op raakt en hij honger krijgt
B
dat hij weer naar huis wil
C
dat zijn vader zo blij is met zijn terugkomst
D
dat de oudste broer er nu niet bij wil horen

Slide 18 - Quizvraag