Onbegrepen gedrag bij mensen met dementie (inleiding en probleemgedrag)

Onbegrepen gedrag bij mensen met dementie
1 / 36
volgende
Slide 1: Tekstslide
Verpleging en verzorgingMBOStudiejaar 2,3

In deze les zitten 36 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

Onderdelen in deze les

Onbegrepen gedrag bij mensen met dementie

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Dementie betekent letterlijk
A
Geestelijke aftakeling
B
Psychische aftakeling
C
Somatische aftakeling
D
Sociale aftakeling

Slide 2 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel mensen in Nederland hebben dementie?
A
Minder dan 100.000
B
Meer dan 200.000
C
Minder dan 200.000
D
Meer dan 1.000.000

Slide 3 - Quizvraag

270.000 mensen hebben dementie, verwachte stijging naar meer dan een half miljoen in 2040 (door vergrijzing)
Bij welk percentage van dementie is er sprake van Alzheimer?
A
30 %
B
50 %
C
70 %
D
90 %

Slide 4 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De meest in het oog springende klacht bij de ziekte van Alzheimer is:
A
Hallucineren
B
Vergeetachtigheid
C
Wanen
D
Decorumverlies

Slide 5 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waar of niet waar: bewegen kan bijdragen aan het vertragen van dementie?
A
Waar
B
Niet waar

Slide 6 - Quizvraag

Bewegen helpt geestelijks achteruitgang te vertragen.
De symptomen bij Lewy body - dementie vertonen vaak overlap met:
A
De ziekte van Parkinson
B
De ziekte van Alzheimer
C
De ziekte van Korsakov
D
Alle antwoorden zijn goed.

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel mensen met dementie hebben onbegrepen gedrag?
A
40 tot 50 %
B
60 tot 70 %
C
70 tot 80 %
D
80 tot 90 %

Slide 8 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kunnen mensen met dementie nog nieuwe dingen leren?
A
Ja
B
Nee

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waar of niet waar: het eten van een rood bord zorgt ervoor dat mensen met de ziekte van Alzheimer beter eten?
A
Waar
B
Niet waar

Slide 10 - Quizvraag

Onderzoek heeft aangetoond dat mensen met de ziekte van Alzheimer 25 procent meer voedsel tot zich nemen wanneer tafelgerei een meer opvallendere kleur heeft
Hoe vaak komt depressie voor bij mensen met dementie?
A
1 0 op de 20
B
1 op de 3
C
1 op de 10
D
1 op de 5

Slide 11 - Quizvraag

Een op de vijf mensen met dementie hebben last van een depressie. Bij mensen met dementie komt depressief gedrag en somberheid regelmatig voor. Deze signalen vaak niet herkend. Zo’n 40 tot 50 procent van de mensen met dementie vertoont wel eens depressief gedrag (bron: Verenso 2018) 
De behandeling bij dementie richt zich vooral op het verbeteren van de kwaliteit van leven
A
Waar
B
Niet waar

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Welk signaal past NIET in het rijtje voor het herkennen van dementie
A
Jezelf niet meer herkennen
B
Er onverzorgd uitzien (vroeger niet)
C
Niet goed meer kunnen bedienen van apparaten
D
Achterdochtig zijn (vroeger niet)

Slide 13 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Bij validation gaat het onder andere om ruimte maken voor iemand zijn/haar gevoelens
A
Waar
B
Niet waar

Slide 14 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een goeie benadering als een demente oudere iets kwijt is?
A
Overleggen met een collega
B
Zoeken naar het voorwerp
C
Iemand de tijd geven om zijn verdriet te uiten
D
Overleggen met een naaste

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat is de goede volgorde?
A
Verdwaalde ik, bedreigde ik, verzonken ik, verborgen ik
B
Bedreigde ik, verdwaalde ik, verzonken ik, verborgen ik
C
Verdwaalde ik, bedreigde ik, verborgen ik, verzonken ik
D
Bedreigde ik, verdwaalde ik, verborgen ik, verzonken ik.

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

In welke fase is voorzichtig lichamelijk contact extra belangrijk?
A
Het verdwaalde ik
B
Het verzonken ik
C
Het verborgen ik
D
Het bedreigde ik

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Als een cliënt vraagt of jij zijn moeder wil zijn, kun je het beste 'ja' zeggen
A
Dat is waar
B
Dat is niet waar

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Onbegrepen gedrag

Slide 19 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Probleemgedrag = Onbegrepen gedrag
Alle gedrag dat gepaard gaat met lijdensdruk of gevaar voor de persoon met dementie of voor mensen in zijn of haar omgeving

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Gedragscategorieën 
  • Psychotisch gedrag
  • Depressief gedrag
  • Angstig gedrag
  • Geagiteerd gedrag
  • Apathisch gedrag 

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Psychotisch gedrag
  • Wanen en hallucinaties 
  • Lijdensdruk hangt samen met inhoud
  • Zeer belastend en beangstigend
  • Kan leiden tot ontregeld gedrag 
  • Gevaar veroorzaken

Slide 25 - Tekstslide

Psychotisch gedrag bestaat uit wanen en/of hallucinaties. Wanen zijn overtuigingen en aannames die niet op waarheid berusten en niet te corrigeren blijken. Bij hallucinaties ziet, voelt, hoort, proeft of ruikt iemand dingen die er niet zijn.
Depressief gedrag
  • Onderscheid depressief gedrag (40-50%)  en depressieve stemmingsstoornis (10-20 %)
  • Moeilijke diagnose door overlap depressie en dementie
  • Mensen kunnen moeilijk aangeven wat ze voelen
  • Vermindert kwaliteit van leven, zelfverwaarlozing, doodswensen, belasting verwanten en begeleiders

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Angstig gedrag
  • Meest voorkomende problemen 
  • Komt vaak voor in combinatie met andere vormen van probleemgedrag
  • Gaat samen met ernstige functionele beperkingen
  • Verminderd sociaal functioneren
  • Verhoogt kans op opname verpleeghuis
  • Verlaagt kwaliteit van leven 
  • Belastend voor naasten, mantelzorgers en begeleiders

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Geagiteerd gedrag
  • Naam voor verschillende soorten rusteloos of prikkelbaar gedrag. 
  • Fysiek of verbaal
  • Agressief of niet-agressief
  • Nachtelijke onrust
  • Verschillende factoren (aard en ernst dementie, pijn, fysiek ongemak, delier, psychose, angst of depressie. onvoldoende aansluiting bij specifieke behoefte)
  • Lagere kwaliteit van leven
  • Meer psychofarmaca/ vrijheidsbeperkende maatregelen 
  • Grotere belasting zorgverleners en verwanten

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nachtelijke onrust
  • Leidt tot uitputting mantelzorg waardoor versnelling opname
  • Cognitieve, affectieve en fysieke negatieve gevolgen 

Slide 29 - Tekstslide

Affectieve = stemming en emoties
Apathisch gedrag
  • Verminderd initiatief
  • Verminderde bereidheid tot deelname activiteiten
  • Minder interesse 
  • Emotionele afvlakking
  • Leidt tot conditieverlies, sociale isolatie en zelfverwaarlozing 
  • Verminderde kwaliteit (niet in laatste fase)

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Opdracht
  • Ga naar de website patiënteninformatietool
  • Hier vindt je veel informatie over gedragsproblemen bij dementie.
  • Ga naar de officiële kwaliteitsstandaard
  • Lees de richtlijn probleemgedrag
  • Schrijf op welke aanbevelingen jij meeneemt naar de praktijk 
timer
30:00

Slide 31 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Intervisie (intercollegiale bevraging)
  1. Kies een voorzitter, deze bewaakt het intervisieproces
  2. Lees de casus: 'Het zingen van Johanna' (individueel) - de vraag is: welke interventies kun je bedenken bij deze casus?
  3.  Analyseer het probleem
  4. Bedenk een plan van aanpak en presenteer deze aan elkaar
  5. Voer een discussie over meest geschikte interventie
  6. Voorzitter schrijft uitkomsten op en sluit discussie af door samenvatting geschikte interventies

Zie: link bij thema

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat vond je van deze bijeenkomst?
😒🙁😐🙂😃

Slide 33 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

Geef een cijfer voor deze eerste bijeenkomst
0100

Slide 34 - Poll

Deze slide heeft geen instructies

TOPS en TIPS naar aanleiding van deze bijeenkomst

Slide 35 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Volgende keer
  • Week 10 periode 1
  • Bekijk de filmpjes over het thema
  • Verdiep je alvast in de bronnen
  •  Lees het examen en de formatieve toets goed door en neem vragen mee naar de les.
  • Vragen tussendoor: maak een afspraak of laat een bericht achter in de chat van teams. 

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies