Thema 4 Sporten

SPORTEN
Thema 5
1 / 38
volgende
Slide 1: Tekstslide
Biologie / VerzorgingMiddelbare schoolvmbo lwoo, b, kLeerjaar 1

In deze les zitten 38 slides, met tekstslides en 7 videos.

Onderdelen in deze les

SPORTEN
Thema 5

Slide 1 - Tekstslide

Basisstof 1           Een sport kiezen 

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Redenen om te sporten: 

– ontspannen
- hobby
– gezelligheid
– gezond lichaam
– als beroep 

Slide 4 - Tekstslide

 Individuele sporten​

Fitness​
 Hardlopen​
Judo
Tennis


alleen
Teamsporten​

 Voetbal​
Volleybal​
Hockey
Rugby


groep

Slide 5 - Tekstslide

Voordelen van sporten 

  • Je kunt er een gezonder gewicht van krijgen
  • Je krijgt meer spieren
  • Je uithoudingsvermogen wordt beter
  • Je wordt leniger
  • Je reageert sneller

Slide 6 - Tekstslide

Kiezen van een sport
  • Lichamelijke eigenschappen​
  • Karaktereigenschappen​
  • Wat je zelf belangrijk vindt​
  • Wat andere mensen doen en vinden​
  • Kosten​
  • Locatie​

Slide 7 - Tekstslide

AAN HET WERK!!
Lezen en maken 5.1
blz 8
Opdracht 1 t/m 7

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

skelet​ 

Alle botten samen noem je het skelet​

(geraamte)

Slide 10 - Tekstslide

Functies van je skelet:​

  • Stevigheid​
  • Maakt beweging mogelijk​
  • Vorm​
  • Geeft bescherming aan bepaalde organen​

Slide 11 - Tekstslide

Je lichaam bestaat uit verschillende delen​ 

  • Een hoofd​
  • Een romp​
  • Ledematen 

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Slide 15 - Tekstslide

Slide 16 - Tekstslide

BEEN EN KRAAKBEEN​

Been: erg stevig, geen beweging mogelijk​
- Botten​

Kraakbeen: erg bewegelijk​
- Oorschelp​
- Je neus​
- Tussen ribben en borstbeen​
- Tussen de wervels van de wervelkolom​
- Tussen de gewrichten​

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Video

Slide 19 - Tekstslide

Slide 20 - Video

GEWRICHT
Verbinding tussen twee botten

Botten gemakkelijk bewegen

Bijvoorbeeld:
KOGELGEWRICHT
SCHARNIERGEWRICHT

Slide 21 - Tekstslide

KOGELGEWRICHT
Gewrichtskogel kan in de gewrichtskom draaien

Bijvoorbeeld
* Schoudergewricht
* heupgewricht


Slide 22 - Tekstslide

Slide 23 - Video

KOGELGEWRICHT
Bestaat uit:
– gewrichtskogel:
   het bolle uiteinde van een bot
– gewrichtskom:
   het holle uiteinde van een bot
– kraakbeen:
  hierdoor kunnen botten soepel
  bewegen en slijten ze niet zo snel


Slide 24 - Tekstslide

SCHARNIERGEWRICHT
Gewricht dat alleen heen en terug kan bewegen

Bijvoorbeeld:
vingers/tenen
Elleboog gewricht

Slide 25 - Tekstslide

Slide 26 - Video

Slide 27 - Tekstslide

Slide 28 - Video

Spierstelsel
Alle spieren in het lichaam

Spieren zorgen voor bewegingen van botten

Slide 29 - Tekstslide

Spieren kunnen zich samentrekken 

– Een spier die zich samentrekt, wordt korter en dikker

– De spier trekt de botten dan naar elkaar toe

Slide 30 - Tekstslide

Om een bot te bewegen zijn twee samenwerkende spieren nodig

Met de buigspier in de bovenarm kun je de arm buigen
Met de strekspier in de bovenarm kun je de arm strekken.

Slide 31 - Tekstslide

Slide 32 - Video

0

Slide 33 - Video

Je Lichaamshouding
Basistof 5

Slide 34 - Tekstslide

Lichaamshouding
De manier waarop je staat of zit

- verkeerde lichaamhoudiing = gevolg rugpijn en/of nekpijn

- goede lichaamshouding heeft de wervelkolom een dubbele-S-vorm

Slide 35 - Tekstslide

- goede lichaamshouding heeft de wervelkolom een 

dubbele-S-vorm

Slide 36 - Tekstslide

zithouding
Bij een goede zithouding:
1.  heeft de wervelkolom een dubbele-S-vorm
2. staan je voeten plat op de grond;
3. maken je onderbenen en bovenbenen een rechte hoek (90°)
4. rust je rug tegen de leuning van je stoel
 

Slide 37 - Tekstslide

zithouding

5. maken je bovenarmen en onderarmen een rechte hoek
6. buigt je nek niet, je houdt je nek recht

Slide 38 - Tekstslide