Eerste hulp bij acute ziektegevallen

Eerste hulp bij acute ziektegevallen
1 / 36
volgende
Slide 1: Tekstslide
EHBOMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 36 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 90 min

Onderdelen in deze les

Eerste hulp bij acute ziektegevallen

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Doelen:
De student kan benoemen welke eerst hulp verleend moet worden bij acute ziektegevallen.
* Epilepsie
*Beroerte
*Vasovagale reactie
*Hyperventilatie
POB

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lees
Skills/ADL boek  Paragraaf 10.3 blz 358

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Epilepsie
Het is een tijdelijke stoornis in de hersenen, waarbij de hersencellen plotseling tegelijkertijd ontladen.

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Een  epileptische aanval
  • Wat zie /hoor je?
    Iemand raakt ineen bewusteloos en kan verkrampen. Daarna begint het schokken met het hele lichaam. Het slachtoffer kan kwijlen en schuim op de mond krijgen. Dit is soms bloederig, als hij op zijn tong heeft gebeten. Ook is de persoon soms incontinent van urine. Het slachtoffer kan blauw aanlopen omdat hij niet ademt. 

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Na een grote epileptische aanval:
A
Leg ik de cliënt in de stabiele zijligging
B
Controleer ik of hij zich heeft verwondt
C
Dek ik hem af met een deken wanneer hij koud of nat is.
D
Ik doe alle genoemde dingen

Slide 7 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Een beroerte
De hersenen werken niet meer goed doordat een bloedprop een hersenslagader afsluit (herseninfarct) of doordat een bloedvat in de hersenen is gesprongen (hersenbloeding) waardoor de hersenen onder druk komen te staan.

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Herkennen van een beroerte
  • Een afhangende mondhoek
  • Spraakproblemen
  • Een afhangende schouder of arm
  • Krachtsverlies
  • Hevige hoofdpijn
  • Dubbelzien 

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 10 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Je herkent een beroerte aan:
A
Een scheef gebit en een verlamde tong
B
vreemde spraak, een scheve mond en verlamde arm
C
Een vermoeide blik en hoofdpijn gedurende langere tijd
D
onsamenhangend gepraat en een alcohol lucht

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Flauwvallen 
Een plotselinge en voorbijgaand verlies van bewustzijn als gevolg van een afname van de bloedstroom naar de hersenen door een tijdelijk te lage bloeddruk. (Vasovagale reactie)

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oorzaken van flauwvallen
  • Te snel opstaan(lage bloeddruk)
  • Uitputting, zoals bij vermoeidheid, honger, zwakte na ziekte.
  • Uitdroging
  • Psychische oorzaken, zoals schrik en angst, heftige emoties(vasovagale reactie)
  • Bloedarmoede of medicijngebruik( bijv medicatie tegen hoge bloeddruk)
  •  Te lang staan in een te warme omgeving of een benauwde omgeving.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Symptomen

  • Duizeligheid 
  • Bleek zien
  • Dubbelzien 
  • Oorsuizen
  • Transpireren
  • Misselijkheid
  • Bewustzijnsverlies 

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Flauwvallen komt door:
A
Een tijdelijk tekort aan bloedsuikers
B
gebrek aan zelfbeheersing
C
Teveel aan vrouwelijk hormoon
D
een tijdelijk tekort aan zuurstof in de hersenen

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

EHBO bij flauwvallen
  • Probeer de val te breken en leg de persoon op de grond.
  • Controleer de ademhaling
  • Til de benen 45 tot 90 graden omhoog
  • Maak knellende kleding los en zorg voor frisse lucht
  • Leg de cliënt in de stabiele zijligging. 
  • Laat de persoon als hij bijkomt nog 10 minuten liggen, dan 5 minuten zitten en tenslotte gaan staan. Blijf bij hem.

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Hyperventilatie
Het koolzuurgehalte in het bloed wordt te laag door te snel en/of te diep ademhalen. 

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Symptomen
  • Te snel en te diep ademhalen
  • beklemmende pijn op de borst
  • Een licht gevoel in het hoofd
  • tintelingen in de handen
  • hartkloppingen 

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

EHBO bij hyperventilatie
  • Probeer gerust te stellen
  • Neem hem mee met jouw ademhaling
  • Laat de persoon 3 tellen door de neus in- en 3 tellen door de mond uit ademen. 
  • Probeer eventueelde persoon met een zakje over de neus en mond te laten ademen. 

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 22 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Bij hyperventilatie is sprake van te snelle en te diepe ademhaling:
Ja of nee

Slide 23 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Pijn op de borst

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Pijn thorax(pijn op de borst)

= pijn op de borst (pijn en drukkend, beklemmend)​

= pijn in de borst (pijn)​

= pijn, aan de voor en/of achterzijde van de thorax, met als ondergrens de heupen

Aandoeningen/ziektes:
  • pijn op de borst door het hart of de kransslagaderen​
  • hartinfarct (acuut coronair syndroom)​
  • angina pectoris​  
  • aneurysma​
  • pijn die vastzit aan ademhaling plus benauwdheid​
  • longembolie
  • pneumothorax​
  • slokdarmkramp (refluxoesofagitis)​
  • pijn op de borst door psychische oorzaken








Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Symptomen
  • een blijvende drukkende pijn op de borst. Het kan voelen als een strakke band om de borst. Of als een steen die op de borst ligt--> angina pectoris --> 112 melding 
  • pijn die uitstraalt naar de bovenarmen, kaken, rug en de maag.
  • zweten.
  • misselijk zijn of overgeven.

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

EHBO
  • Blijf bij de cliënt en probeer angst weg te nemen
  • Laat hem stoppen met inspanningsactiviteiten
  • Dien medicatie toe als hij bekend is met deze klachten
  • Waarschuw een arts, als de persoon niet bekend is met deze klachten en als medicatie niet helpt.
  • Start de reanimatie procedure als het slachtoffer bewusteloos raakt. 

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Paniekstoornis
Aanval komt onverwacht
lichamelijke klachten: pijn op de borst, zweten
oorzaak niet duidelijk

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Pijn op de borst kan een voorstadium zijn van een hartinfarct:
Ja of nee

Slide 29 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Diabetes Mellitus
Het lichaam kan het bloedsuikergehalte in het bloed niet goed op peil houden. De cliënt gebruikt er medicijnen voor en controleert regelmatig het bloedsuikergehalte en past de voeding er op aan

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

HYPO VS HYPER

Slide 31 - Tekstslide

Hypo (hypoglykemie)
Een te laag glucosegehalte kan veroorzaakt worden door na het spuiten van insuline niet of onvoldoende te eten. Het kan helpen om iemand een suikerklontje te laten eten of suikerwater te laten drinken. Bij een hypo mag je nooit insuline toedienen. Een hypo kan leiden tot een coma.
Hyper (hyperglykemie)
Een te hoog glucosegehalte ontstaat meestal geleidelijk. De cliënt heeft veel dorst en plast veel. Bij een hyper dien je extra insuline toe volgens een door de arts vastgesteld schema. Een hyper kan leiden tot een coma
Te hoog(Hyper)
  •  Veel plassen
  • Veel drinken
  • Droge of plakkerige tong
  • Lusteloosheid
  • Vermoeidheid of slaperigheid
  • Verlies van eetlust, misselijkheid en buikpijn
  • Vermageren zonder reden
  • Ongeveer 50% van de mensen me
Te laag (Hypo)
  • zweten
  • beven
  • plotse hevige honger
  • geeuwen
  • troebel zicht
  • hoofdpijn
  • hartkloppingen
  • Wisselend humeur
  • Bleekheid
  • Concentratiestoornissen
  • Niet adequaat reageren

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

EHBO bij suikerziekte
  • Bel of laat 1-1-2 bellen als het slachtoffer bewusteloos is en leg het slachtoffer op de zij (stabiele zijligging).
  • Bel (spoednummer) huisarts of huisartsenpost als diabeet erg zwak of suf wordt, moeilijk ademt (snel en/of diep) en steeds braakt. 

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  • Als slachtoffer in staat is om te slikken:
  • eerst een glas limonade of druivensuiker;
  • daarna bijvoorbeeld een boterham of 100 ml. vla.
  • Als slachtoffer in staat is medicijnen in te nemen, laat dat doen.
  • Neem contact op met de huisarts om eventueel medicijnen beter in te stellen. 

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Maken 
Theoriestudie 1 t/m  11 op Malmberg
Tijd voor verbandleer

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies