Winkel: Klantvriendelijkheid

Winkel: Klantvriendelijkheid
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
Economie & HandelPraktijkonderwijsLeerjaar 3,4

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

Onderdelen in deze les

Winkel: Klantvriendelijkheid

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet / kun jij aan het einde van dit blok?
* Ik weet hoe ik klantvriendelijk  kan zijn;

* Ik weet hoe je de klant begroet en aanspreekt;

Je sluit dit blok af met een rollenspel dat je goed hebt uitgevoerd.




Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

timer
1:00
Hoe spreek jij een klant aan?

Slide 3 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

klanten begroeten en aanspreken. 
vriendelijk
aankijken

Slide 4 - Tekstslide

Komt een klant de winkel binnen, begroet deze dan vriendelijk. Begroeten betekent dat je de klant groet. Zeg op een vriendelijke manier “Goedemorgen”, “Dag meneer” of zoiets. En vergeet niet de klant aan te kijken. Als je met iemand praat, is het altijd prettig als je elkaar aankijkt. 
Let bij het begroeten en aanspreken van een klant op de volgende regels:  
- Je spreekt de klant altijd aan met ‘u’  
- Je kijkt de klant aan als je tegen hem praat en naar hem      luistert
- Je praat duidelijk en verzorgd Nederlands
- Je bent vriendelijk 

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 6 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Slide 7 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer ben je
klantvriendelijk?

Slide 8 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Wanneer ben je klantvriendelijk?
  1. klant begroeten
    2. aardig of netjes zijn naar de klanten
    3. zorg dat je een positieve uitstraling hebt
    4. blijf 'professioneel'
    5. probeer de klant altijd zo goed mogelijk te helpen


Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe ga je om met een vraag?

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Tekstslide

netjes aangeven dat je een vraag zelf niet kunt beantwoorden
vriendelijk aangeven dat je de klant doorverwijst naar een andere collega die de klant verder kan helpen met de vraag
met de klant mee te lopen naar de collega die de klant verder gaat helpen.
je collega vertellen wat de vraag van de klant is.
afscheid nemen van de klant door hem een fijne dag toe te wensen. 
Welke eigenschappen horen bij klantvriendelijk gedrag?
Klantvriendelijk
Niet 
klantvriendelijk
Geduldig
Vriendelijk
Haastig
Opdringerig
Behulpzaam
Egoïstisch

Slide 12 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat voor klacht zou een klant bij de Jumbo kunnen hebben.

Slide 13 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Klachten herkennen
  • Teleurgestelde klanten 

- Het product is nog niet geleverd.
- Het product is kapot.
- Een product voldoet niet aan de verwachting.
- De vorige keer ging het wel...
- slechte service.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Klachten herkennen
  • Boze klanten 
- onbeleefd
- schelden
- stem verheffen

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Klant met een klacht is een kans voor de winkel. Waarom?

Slide 16 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Klant met een klacht is een kans voor de winkel

  • om de klacht te verhelpen 
  • om de klant opnieuw blij maken 
  • om het vertrouwen van de klant herstellen 
  • om in de toekomst vergelijkbare klachten te voorkomen 

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Waarom is
klantvriendelijk zijn
dus belangrijk?

Slide 19 - Woordweb

Deze slide heeft geen instructies

Oefenen:
(2/3 tallen)
Klant begroeten en aanspreken


- NETJES
- AANKIJKEN
- SPREEK DUIDELIJK


Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oefenen:
(2/3 tallen)
Klant te woord staan.


- NETJES
- AANKIJKEN
- SPREEK DUIDELIJK


Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oefenen in (2/3)
Met de klant meelopen naar een collega.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oefenen:
(2/3 tallen)
Klant helpen.


- NETJES
- AANKIJKEN
- SPREEK DUIDELIJK


Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oefenen:
(2/3 tallen)
afscheid nemen

- NETJES
- AANKIJKEN
- SPREEK DUIDELIJK


Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat heb je geleerd vandaag?

Slide 25 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies