Lezen 3 | argumentatieschema's

Doel + programma
  • Huiswerk bespreken: opdracht 3
  • Korte herhaling argumentatieschema's
  • Afsluiten 


Doel: Je kunt de argumentatie uit een tekst in een schema zetten.
1 / 13
volgende
Slide 1: Tekstslide
NederlandsVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 3

In deze les zitten 13 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Doel + programma
  • Huiswerk bespreken: opdracht 3
  • Korte herhaling argumentatieschema's
  • Afsluiten 


Doel: Je kunt de argumentatie uit een tekst in een schema zetten.

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Welke 4 argumentatieschema's hebben we?

Slide 2 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Huiswerk bespreken
Opdracht 3 - Lezen blok 5
Blz. 230

Pak het erbij!

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Antwoorden opdracht 3
  1. Aanleiding noemen
  2. Welvaart leidt niet automatisch tot hogere kwaliteit onderwijs.
  3. Nog meer geld garandeert geen hogere kwaliteit.
  4. Demografie, ambitie, zelfde thuis- en schooltaal
  5. a. Leerlingen zelfde niveau bij elkaar zetten. b. Ze twijfelt.
  6. Door de hoge prestatiedruk van tijgermoeders en tijgerscholen.
  7. Moeders of scholen die hoge/de beste prestaties eisen.
  8. a. De kinderen zijn doodmoe. b. E.A. c. Ironisch: de kinderen hebben geen discipline op school, maar gaan wel naar sport, feestjes, etc. 

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Antwoorden opdracht 3
  • 9a. Aan de ene kant wel: Oost-Aziatische landen scoren hoog. Maar de V.S. is ook prestatiegericht en scoort juist laag. 
  • 9b.  Cultuur bepaalt in beperkte mate het resultaat. (r.38)
  • 10. Nee, in laag scorende scholen zijn leerlingen ook gelukkig.
  • 11. Met cijfers kun je het verband aangeven tussen geluk en school.
  • 12a. De PISA-resultaten
  • 12b. Cijfers uit onderzoeken zijn betrouwbare gegevens.
  • 12c. Nee, omdat er voor elke mening wel bewijs te vinden is.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het doel van de schrijver in deze tekst?


Slide 6 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Argumentatieschema's/soorten
Tekst 1 op bladzijde 226. 

Mening schrijver: 'Er is niets mis met gamen.'
Argumenten:
1. Gamen is hetzelfde als twee uur of de hele nacht tv-kijken.
2. Voetballers krijgen ook miljoenen betaald, zo dus ook professionele gamers van de e-divisie van Nederlandse voetbalclubs.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Argumentatieschema's/soorten
Er is niets mis met gamen.
Gamen is hetzelfde als twee uur of de hele nacht lang tv-kijken.
Voetballers krijgen ook miljoenen betaald, dus ook professionele gamers van de voetbalclubs.
want
en

Slide 8 - Tekstslide

Vraag: welke soort is dit?
Hoe noemen we dit soort argumentatie(schema)?
A
Enkelvoudig
B
Nevenschikkend
C
Onderschikkend
D
Combinatie ns + os

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

'Welk soort argumentatie(schema) herken je hier?'
Stappenplan 
  1. Haal de mening/het standpunt uit de tekst. 
  2.  Verzamel de argumenten uit de tekst, ga langs elke alinea. Let op signaalwoorden als: 'want' , 'namelijk' en 'daarom'.
  3. Bedenk of en welke argumenten los staan van elkaar: kun je er 'en' tussen zetten? Nee ->
  4. Bedenk of er subargumenten zijn, kun je er 'want' tussen zetten? 

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Titel
Inleiding
Hier staat vaak het standpunt.
Kern - alinea
Nieuw hoofdargument
(Subargument)
Kern - alinea
Hoofdargument
(Subargument)

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is het verschil tussen nevenschikkende en onderschikkende argumentatie?

Slide 12 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Huiswerk maandag
  • Maak opdracht 6 - Lezen blok 5  
Vraag 1 t/m 16a -> schema maken.
Lever hem in via Teams!


+ boek 4 kiezen!

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies