popconcert les 3

popconcert 
het weer 
1 / 17
volgende
Slide 1: Tekstslide
Natuurkunde / ScheikundeMiddelbare schoolmavo, havo, vwoLeerjaar 3

In deze les zitten 17 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

popconcert 
het weer 

Slide 1 - Tekstslide

vandaag
terugblik vorige les
temperatuur meten
luchtdruk

Slide 2 - Tekstslide

wat doet een luidspreker?

Slide 3 - Open vraag

welke onderdelen vind je in een microfoon
A
membraan
B
spoel
C
magneet
D
conus

Slide 4 - Quizvraag

De thermometer
Om de temperatuur te meten, gebruik je een thermometer
Deze bestaat uit een reservoir, een stijgbuis en een schaalverdeling

Slide 5 - Tekstslide

De thermometer
Wanneer de temperatuur stijgt, zet de vloeistof in het reservoir uit. Dit zorgt ervoor dat de vloeistof in de stuigbuis omhoog gaat. Met behulp van de schaalverdeling kan je de temperatuur aflezen. 

Slide 6 - Tekstslide

De thermometer
Het meetbereik (verschil tussen laagste en hoogste temperatuur) geeft aan hoe nauwkeurig je thermometer is. Een weerthermometer is minder nauwkeurig dan een koortsthermometer

Slide 7 - Tekstslide

Temperatuur
De grootheid temperatuur meet in je in de eenheid graden Celsius. 
In de natuurkunde wordt ook vaak gebruik gemaakt van de schaal van Kelvin. Hiermee wordt de temperatuur bepaald ten opzichte van het absolute nulpunt. -273 graden Celsius. 
-273 graden Celsius is 0 graden Kelvin
20 graden Celsius is dus 293 graden Kelvin. 

Slide 8 - Tekstslide

Luchtdruk 
De luchtdruk wordt veroorzaakt door alle lucht die boven ons zit. Om de aarde zit een laag lucht van ongeveer 100 km hoog. 
Dit is op 1 m2 ongeveer 10.000 kg lucht. 

Slide 9 - Tekstslide

Luchtdruk

Slide 10 - Tekstslide

Slide 11 - Video

Luchtdruk meten
De luchtdruk kan je meten met een barometer. 
De gemiddelde luchtdruk is
1013 millibar (of 1,0 bar)
(Of 1013 hPa) 

Slide 12 - Tekstslide

Hoge en lagedruk

Slide 13 - Tekstslide

Hoe ontstaat wind

Slide 14 - Tekstslide

Hogedrukgebied
Dalende lucht
Daardoor vaak geen wolken, dus mooi weer
De lucht stroomt weg van het hogedrukgebied

Slide 15 - Tekstslide

Lagedrukgebied
Stijgende lucht
Daardoor vaak wolken, dus slechter weer
De lucht stroomt naar het lagedrukgebied

Slide 16 - Tekstslide

Welke onderdelen zitten in een thermometer?

Slide 17 - Open vraag