15.1 Bewegingen onderzoeken

Beweging!
      15.1 Bewegingen onderzoeken
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
NatuurkundeMiddelbare schoolvmbo g, tLeerjaar 4

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Beweging!
      15.1 Bewegingen onderzoeken

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
Na deze les kun je:

  • twee manieren beschrijven om bewegingen op beeld vast te leggen
  • uit foto's of videobeelden gegevens halen over de tijd en de afstand
  • gegevens uit een afstand-tijdtabel verwerken tot een (s,t)-diagram
  • berekeningen maken met gemiddelde snelheid, afstand en tijd
  • snelheden omrekenen van m/s naar km/h en omgekeerd

Slide 2 - Tekstslide

Twee manieren om bewegingen vast te leggen:
  • Een video-opname maken: Dit is een reeks foto's gemaakt met hele korte tussenpozen (vaak 30 fps). Deze foto's zijn aan elkaar geplakt tot filmpje

  • Een stroboscopische foto 
Stroboscoop

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Stroboscoop foto
Een stroboscoop is een felle lamp, die een instelbaar aantal lichtflitsen per seconde geeft.

Slide 5 - Tekstslide

Beweging in de stroboscopische foto

Slide 6 - Tekstslide

Een afstand-tijdtabel van een stroboscopische foto, wat moet je onthouden?

1. De afstand weet je door de foto langs een meetlat te houden
2. De tijd weet je, omdat je de tijd tussen de lichtflitsen weet. 

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Tekstslide

Slide 9 - Tekstslide

Gemiddelde snelheid
Totale afgelegde weg delen door totale tijd. 



Vgem=ts

Slide 10 - Tekstslide

San rent met een snelheid van 3 m/s. Hoever komt hij in 15 minuten?
gev: s = ?
geg: v = 3 m/s,    t = 15 min = 900 s
for: s = v*t
inv: s = 3 m/s * 900 s
anw: s = 2700 m

Slide 11 - Tekstslide

Trajectcontrole
De gemiddelde snelheid bereken je door de totale afstand die je hebt afgelegd te delen door de totale tijd die je daarover hebt gedaan. 

Bij trajectcontroles langs de snelweg wordt hetzelfde principe gebruikt, bekijk het volgende plaatje maar. 

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Beweging betekent snelheid.
Wat is het symbool voor snelheid? Wat is de eenheid van snelheid?
A
symbool: v eenheid: m/s
B
symbool: s eenheid: m/s
C
symbool: v eenheid: km/h
D
symbool: s eenheid: km/h

Slide 14 - Quizvraag

Reken om.
10 m/s = ... km/h
18 km/h = ... m/s

A
10 m/s = 10000 km/h 18 km/h = 0,018 m/s
B
10 m/s = 36 km/h 18 km/h = 5 m/s
C
10 m/s = 2,78 km/h 18 km/h = 65 m/s
D
10 m/s = 10 km/h 18 km/h = 18 m/s

Slide 15 - Quizvraag

Wat voor soort beweging zie je hier?!
A
Een eenparige beweging
B
Een versnelde beweging
C
Een vertraagde beweging

Slide 16 - Quizvraag

Wat voor soort beweging zie je hier?!
A
Een eenparige beweging
B
Een versnelde beweging
C
Een vertraagde beweging

Slide 17 - Quizvraag

Slide 18 - Video

Slide 19 - Video

Leerdoelen gehaald?
je kunt nu:

  • twee manieren beschrijven om bewegingen op beeld vast te leggen
  • uit foto's of videobeelden gegevens halen over de tijd en de afstand
  • gegevens uit een afstand-tijdtabel verwerken tot een (s,t)-diagram
  • berekeningen maken met gemiddelde snelheid, afstand en tijd
  • snelheden omrekenen van m/s naar km/h en omgekeerd

Slide 20 - Tekstslide