Begrijpend lezen

Begrijpend lezen

1 / 10
volgende
Slide 1: Tekstslide
newEditorANT2ISK

In deze les zitten 10 slides, met interactieve quizzen en tekstslide.

Onderdelen in deze les

Begrijpend lezen

Vraag of onderwer

Sleepvraag











ski

slee

stamppot

want

schaats

sneeuwpop

de muts

glijden

het ijs

uitglijden

Wat past bij de foto?

A

De sneeuwpop maakt een jongen.

B

De jongen maakt een ijspop.

C

De jongen maakt een sneeuwpop.

D

De sneeuwpop glijdt uit.

Wat past bij de foto?

A

Het meisje maakt een sneeuwpop.

B

Het meisje glijdt uit.

C

De jongen maakt een sneeuwpop.

D

De sneeuwpop glijdt uit.

Wat past bij de foto?

A

De kinderen zitten op de slee.

B

De kinderen staan op de slee.

C

De kinderen zitten op het ijs.

D

De sneeuwpop zit op de slee.

Wat past bij de foto?

A

De vrouw zit op het ijs.

B

De vrouw schaatst op de sneeuw.

C

De vrouwen schaatsen op het ijs.

D

De vrouw schaatst op het ijs.

Wat past bij de foto?

A

De man maakt erwtensoep.

B

De mannen maken soep.

C

De man maakt chocolademelk.

D

De man eet erwtensoep.

Wat past bij de foto?

A

De man draagt een jas.

B

De man draagt een sjaal en een muts.

C

De man draagt wanten, een sjaal en een muts.

D

De man draagt wanten en een sjaal.

Wat past bij de foto?

A

De schaats hangt aan het dak.

B

De ski hangt aan het dak.

C

De ijspegels hangen aan het dak.

D

De ijspegels zitten op het dak.