cross

HAVO3: Do. 20/2/20: trappen van vergelijking

Beantwortet folgende Fragen in deinem Heft!

1. Wat zijn de uitgangen van de zwakke ww's in de verleden tijd?
2. Wat weet jij van de trappen van vergelijking?

Wir fangen gleich an. 

1 / 10
volgende
Slide 1: Tekstslide
DuitshavoLeerjaar 3

In deze les zitten 10 slides, met tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 35 min

Onderdelen in deze les

Beantwortet folgende Fragen in deinem Heft!

1. Wat zijn de uitgangen van de zwakke ww's in de verleden tijd?
2. Wat weet jij van de trappen van vergelijking?

Wir fangen gleich an. 

Slide 1 - Tekstslide

Herzlich Willkommen H3C!
Donnerstag den 20. Februar 2020

Slide 2 - Tekstslide

Die Planung und die Lernziele 
1. Grammatik Notiz gestern übergenommen?
2. Grammatik Notiz 2
3. Hör und seh-Übung Urlaub
  • Je kunt zwakke werkwoorden vervoegen in de verleden tijd. 
  • Je kunt mensen, dieren en dingen vergelijken met elkaar en aangeven in een zin.

Slide 3 - Tekstslide

Grammatik Notiz: zwakke werkwoorden in de verleden tijd
'Gewone' zwakke ww's Stappenplan
1. Neem de stam van het werkwoord.
2. Leer de uitgangen van de verleden tijd uit je hoofd:
ich + te
du + test
er/sie/es + te
wir + ten
ihr + tet
sie/Sie + ten

zwakke ww's met stam eindigend op -s, -ss, -ß, -z 
Zie stappenplan hiernaast.


zwakke ww's met stam eindigend op -d, -t 
stam krijgen vóór de uitgang een extra ‘e’.
Voorbeeld:
ich antwort e te
du antwort e test



Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Video

Grammatik Notiz: trappen van vergelijking
Hoofdregel is: klein - kleiner – kleinst
vergrotende trap -er, overtreffende trap –st

Net als de stellende trap, kunnen de vergrotende en overtreffende trap als bijvoeglijk naamwoord worden vervoegd.
ST: kleines Mädchen
VT: kleineren Kuchen
OT: kleinste Hund
Woord eindigt op -d/-t of s-klank (s, z, ß, sch)
overtreffende trap wordt dan + -est
Even een voorbeeld:
laut – lauter – lautest
heiß – heißer – heißest
wild – wilder – wildest


Slide 6 - Tekstslide

Grammatik Notiz: trappen van vergelijking
Sommige woorden krijgen in de VT en OT een Umlaut. (Meestal een tegenstelling). 
Nog een voorbeeldje:
stark – stärker – stärkst
Maar ook nog uitzonderingen :(
voorbeeldje:
viel – mehr - meist




Slide 7 - Tekstslide

Grammatik Notiz: trappen van vergelijking
Tot slot :D
Het grootst, het mooist, het snelst in het Duits:
am + overtreffende trap + en
Bij een vergelijking (groter dan)
'dan' in NL -> 'als' in DU
Bij een vergelijking (net zo groot als)
'als' in NL -> 'wie' in DU



Slide 8 - Tekstslide

Kapitel 14: Hören
Aufgaben: 4.2 (8.4)
Wie: selbstständig
Zeit: 10 Minuten

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video