In deze les zitten 16 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.
Lesduur is: 10 min
Onderdelen in deze les
Hoofdstuk 3 & 4 toets oefening
Slide 1 - Tekstslide
PODER
Slide 2 - Tekstslide
Escribe las conjugaciones del verbo PODER.
Por ejemplo: hablo, hablas, habla hablamos, habláis, hablan.
Let op! schrijf geen persoonsvormen voor de vervoeging.
Slide 3 - Open vraag
Schrijf de bijhorende vervoeging van PODER
_____ tomar el ascensor o las escaleras? (nosotros)
Slide 4 - Open vraag
Schrijf de bijhorende vervoeging van PODER
¿_____ quedarse para cuántas noches? (ellos)
Slide 5 - Open vraag
Escribe las conjugaciones del verbo QUERER. Por ejemplo: hablo, hablas, habla hablamos, habláis, hablan. Let op! schrijf geen persoonsvormen voor de vervoeging.
Slide 6 - Open vraag
Schrijf de bijhorende vervoeging van PODER
¿_____ tomar desayuno? (u)
Slide 7 - Open vraag
Schrijf de bijhorende vervoeging van PODER
_____ quieren una habitación doble. (jullie)
Slide 8 - Open vraag
Meewerkend v.w.
Slide 9 - Tekstslide
Schrijf de meewerkend persoonsvormen in het Nederlands
Slide 10 - Open vraag
Traduce esta frase
Puedo ayudarle.
Slide 11 - Open vraag
Traduce esta frase
Puede ayudarnos.
Slide 12 - Open vraag
GUSTAR= bevallen, leuk vinden, lekker vinden en houden van
Slide 13 - Tekstslide
Geef minimaal 3 betekenis van het werkwoord GUSTAR.