Verdelende rechtvaardigheid - 1. Rawls

Tijd voor serieuze zaken...
... neem allen een plek in het lokaal, zo ver mogelijk uit elkaar. 

En neem een kladpapiertje mee. 

1 / 14
volgende
Slide 1: Tekstslide
FilosofieMiddelbare schoolvwoLeerjaar 3

In deze les zitten 14 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Tijd voor serieuze zaken...
... neem allen een plek in het lokaal, zo ver mogelijk uit elkaar. 

En neem een kladpapiertje mee. 

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

P3 toets 
verdeldende rechtvaardigheid
Filosofie is niet alleen maar theorie, maar ook doen. 

De eerste opdracht krijgen jullie nu. 


Overleg, op welke manier ook, is NIET toegestaan.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vier opties.
Welke kies jij? 
Wat is je argumentatie daarbij?
Absolute stilte.

Schrijf je argumenten per optie op papier.

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Op de eindtoets kun je maximaal een 9 halen.
De laatste punten verdelen jullie nu. Vandaag. In deze les.

Optie 1:
De hoogstscorende(n) krijgt 2 punten erbij.
De middelst scorende(n) krijgt 1 punt erbij.
De laagst scorende(n) krijgt 0 punten erbij.


Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Op de eindtoets kun je maximaal een 9 halen.
De laatste punten verdelen jullie nu. Vandaag. In deze les.

Optie 2:
De hoogstscorende(n) krijgt 1 punt erbij.
De middelst scorende(n) krijgt 1 punt erbij.
De laagst scorende(n) krijgt 1 punt erbij.


Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Op de eindtoets kun je maximaal een 9 halen.
De laatste punten verdelen jullie nu. Vandaag. In deze les.

Optie 3:
De hoogstscorende(n) krijgt 0 punten erbij.
De middelst scorende(n) krijgt 1 punt erbij.
De laagst scorende(n) krijgt 2 punten erbij.


Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Op de eindtoets kun je maximaal een 9 halen.
De laatste punten verdelen jullie nu. Vandaag. In deze les.

Optie 4:
De hoogstscorende(n) krijgt 1,5 punt erbij.
De middelst scorende(n) krijgt 1 punt erbij.
De laagst scorende(n) krijgt 0,5 punt erbij.


Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Optie 1
Optie 2
Optie 3
Optie 4
H: +2
M: + 1
L: 0
H: +1
M: +1
L: +1
H: 0
M: +1
L: +2
H: +1,5
M: +1
L: + 0,5
Heeft de hoogste meer dan Magister verwerken kan (11p)? Dan wordt de extra punt bij het cijfer van periode 1 opgeteld.

Zijn er twee of drie met precies hetzelfde cijfer? Dan tellen ze alle twee (of drie) voor het hoogste cijfer.  

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

John Rawls 
(1921-2002)
Context:
  • Politiek filosoof (Amerikaans)
  • Leefde in een tijd van wereldoorlogen en crises
  • Samenleving = loterij
  • Wat betekent rechtvaardigheid? 
  • Schreef Theory of Justice (1971)


Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Rawls
  • Hoe zou je in eigen woorden omschrijven wat we met het verdelen van punten deden?


  • Het is moeilijk om rechtvaardigheid te beoordelen als je wél weet welke positie je hebt in de samenleving.

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Oorspronkelijke positie en de sluier der ontwetendheid
  • Gedachte experiment begint in oorspronkelijke positie (original position): doen alsof we niet weten in welke situatie we terecht zullen komen. 

  • Er ontstaat een sluier van onwetendheid (veil of ignorance), waar we achter zitten.
     
  • Rawls: wat rechtvaardig is, heeft een neutraal standpunt nodig. 

  • Dit experiment leidt tot principes van rechtvaardigheid...


Slide 11 - Tekstslide

Veil: huidskleur, taal, iq, gezinssituatie berusten op toeval en zijn dus moreel irrelevant voor een samenleving. Je hebt ze niet verdiend en dus zouden ze niet moeten leiden tot vooroordelen.

Slide 12 - Tekstslide

Veil: huidskleur, taal, iq, gezinssituatie berusten op toeval en zijn dus moreel irrelevant voor een samenleving. Je hebt ze niet verdiend en dus zouden ze niet moeten leiden tot vooroordelen.
Twee rechtvaardigheidsprincipes
Twee rechtvaardigheidsprincipes: 

  1. Iedereen moet een basispakket aan rechten en vrijheden hebben, zoals stemrecht, recht op zorg en onderwijs, en vrijheid van meningsuiting

  2. Ongelijkheid mag alléén als die het leven van de minstbedeelden verbetert. Verschilprincipe (difference principle)





Slide 13 - Tekstslide

Sociale economische verschillen mogen
bestaan als deze in het voordeel zijn van de minst bedeelden in de samenleving
Gelijke fundamentele vrijheden
Verschil principe: ongelijkheid zolang het ten goede komt aan de minstbedeelden.

Optie 1
Optie 2
Optie 3
Optie 4
H: +2
M: + 1
L: 0
H: +1
M: +1
L: +1
H: 0
M: +1
L: +2
H: +1,5
M: +1
L: + 0,5
Welke optie zou Rawls gekozen hebben?

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies