Les: groente-fruit en vruchten-zaden LR5 lj1-2

Groente en fruit - vruchten en zaden
1 / 45
volgende
Slide 1: Tekstslide
GroenVoortgezet speciaal onderwijsLeerroute 5

In deze les zitten 45 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 3 videos.

Onderdelen in deze les

Groente en fruit - vruchten en zaden

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Nodig

zakjes
papieren doekjes
permanent marker
bakjes


Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerlijnen

1-Ik onderscheid groenten en fruit (5)
1-Ik weet dat niet alle vruchten/besjes eetbaar zijn (5)
2-Ik benoem de functie van vruchten aan plant/boom (10)
2-Ik wijs meeldraden aan en benoem de bestuivingsfunctie (10)
3-Ik benoem de functies van vruchten (13)
3-Ik weet hoe een vrucht ontstaat (14)

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe gaat het met jullie?

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

  Lesdoelen
Ik weet het verschil tussen 
-groente en fruit
-vruchten en zaden
Ik benoem de functie van vruchten en zaden.
Ik weet hoe vruchten en zaden ontstaan

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoe ziet de les eruit?
Terugblik: vorige les
Instructie: groente vs fruit
                     vruchten en zaden
Actie: vruchten/zaden verzamelen

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Terugblik

  • Wat hebben we vorige les geleerd en gedaan?

  • Hoe heeft dit te maken met het onderwerp van deze week?


Slide 7 - Tekstslide

Wie wil er uitstromen in de groene sector?
Kennen je dit nog?

Slide 8 - Tekstslide

Nodig: grond, pot/bak, zaden, water
Manieren:
- in rijen, uitstrooien (breedwerpig) of in individuele potjes.
- na het zaaien de grond goed aandrukken en vochtig maken. 
De goede volgorde van de levenscyclus van een plant is:
A
Zaad-kiemplant-volwassen plant-bloem-vrucht-zaad
B
Kiemplant-zaad-volwassen plant-bloem vrucht-zaad
C
Zaad-bloem-vrucht-kiemplant-volwassen plant-zaad
D
Kiemplant-zaad-bloem-vrucht-volwassen plant-zaad

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Voorkennis

  • Wat is verschil tussen groente en fruit?
  • Wat zijn vruchten? Functie?
  • Wat zijn zaden? Functie?
  • Hoe ontstaan ze?

Slide 10 - Tekstslide

Nodig: grond, pot/bak, zaden, water
Manieren:
- in rijen, uitstrooien (breedwerpig) of in individuele potjes.
- na het zaaien de grond goed aandrukken en vochtig maken. 
Groente en Fruit
Groente en fruit

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Noem de groenten en fruit in bovenstaande afbeelding.

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is groente?
Botanische definitie
Alle eetbare delen van een plant. 
Bv bladeren, stengels en wortels
Culinaire definitie:
Voedsel als gewas en maaltijd
(gekookt en rauw)

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is fruit?
Botanische definitie:
Vruchtdelen die het zaad omringen.Onstaan vanuit de bloem.  
Culinaire definitie:
Producten die rauw als maaltijd of gewas gegeten kunnen worden.

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Hoeveel stukken fruit moet je per dag eten om gezond te leven
A
1 of meer
B
2 of meer
C
3 of meer
D
4 of meer

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Kun je ook teveel fruit eten?
A
Ja dan zit je de hele avond op de wc
B
ja dat is ongezond zeker als je ook veel melk drinkt
C
nee, eet maar zoveel je wilt!

Slide 16 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Je bent in de winkel en hebt zin in fruit. Welke keuze is het best voor het milieu?
A
Aardbeien uit Frankrijk
B
Peren uit Nederland
C
Appels uit Belgie
D
Bevroren aardbeien uit Nederland

Slide 17 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat hebben deze vruchten hetzelfde?
A
een fluwelen velletje
B
het zijn allemaal citrusvruchten
C
een grote pit in het midden

Slide 18 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies


Waar zitten de zaadjes bij een aardbei?
A
In het midden
B
aan de buitenkant
C
de hele aardbei is een zaadje

Slide 19 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

een aardbei is een zomervrucht. in de winter eten we ze ook vanuit het buitenland. Waarom is dat eigenlijk niet zo goed?
A
het is slecht voor het milieu
B
Ze zijn dan veel duurder

Slide 20 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Waarom groeien er geen sinaasappels en bananen in Nederland?
A
het is hier te koud en in een kas is te duur omdat ze langzaam groeien
B
We hebben hier te weinig zon.

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Fruit en Vruchten
Het verschil tussen fruit en een vrucht is dat vrucht een onderdeel van de plant is, het deel van de plant waar het zaad zich in bevind.

Slide 22 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vruchten en zaden

Slide 23 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Vruchten en zaden

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Noem vruchten
met 1 zaad?

Slide 25 - Woordweb

Avocado
Eikel
Olijf
Pruim
Abrikoos
Vruchten met één  zaad

Avocado
Eikel
Olijf
Pruim 
Abrikoos
Kokosnoot

Vruchten met meer zaden

Appel
Druif
Meloen
Paprika
Pinda
Aardbei

Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

vruchten met één zaad
Vruchten met meer zaden

Slide 27 - Sleepvraag

Deze slide heeft geen instructies

Drie overeenkomsten van zaden
  • Ze bevatten een kiem voor een nieuwe plant.
  • Zijn voorzien van reservevoedsel om de kiemplant te voeden als die groeit.
  • Bezitten een taai zaadvlies (de zaadhuid), dat kiem en voedsel beschermt.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Functie vrucht en zaad
  • Uit de vrucht groeit het zaad (één of meerdere per vrucht).
  • Vruchten dingen als voedsel voor mens en dier.

  • Uit het zaad groeit weer een nieuwe plant.
  • Zaden zorgen voor vermeerdering van de plant.

Slide 29 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Ontstaan vruchten en zaden
door bestuiving

Slide 30 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 31 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Onderdelen van de bloem

Slide 32 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Meeldraden, mannelijk
Meeldraad=mannelijk voortplantingsorgaan 

Slide 33 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stamper
vrouwelijke voortplantingsorgaan
stempel, stijl,vruchtbeginsel

Slide 34 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Bestuiving
Bestuiving
Wanneer stuifmeel op de stempel van een stamper terechtkomt,
heet dit bestuiving.

Bestuiving door insecten->insectenbloem
Bestuiving door de wind-> windbloem

Slide 35 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat doen de meeldraad en de stamper?

Slide 36 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Kiem en zaad
Bevruchte eicel ->kiemplantje 

Zaadbeginsel -> zaad

In zaad zit dus een kiemplantje

Slide 37 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Zaadbeginsel is uitgegroeid tot zaadjes/pitten
Vruchtbeginsel is uitgegroeid tot de vrucht

Slide 38 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Van bestuiving naar vrucht en zaad

Slide 39 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 40 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Actie
Naar de moestuin: zaden verzamelen

  • Wat: tomaat, bonen, radijs, ...
  • Hoe: - als ze droog zijn, direct in zakje
  • - als ze nat zijn drogen op een stukje keukenrol oid
  • Tip: zakje/papier goed labelen

Slide 41 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Thuiswerk

Slide 42 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat vonden jullie van de les?


Wat ging goed?
Wat ging niet zo goed?
Tips en tops voor mij?

Slide 43 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat heb je geleerd?

Slide 44 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 45 - Video

Liedje van 1 minuut.