EHBO

Z&W P2
Deel A

EHBO
Eerste hulp bij ongelukken
  
 
1 / 28
volgende
Slide 1: Tekstslide
Zorg en WelzijnBasisschoolVoortgezet speciaal onderwijsSpeciaal OnderwijsBeroepsopleidingGroep 2

In deze les zitten 28 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 1 video.

time-iconLesduur is: 60 min

Onderdelen in deze les

Z&W P2
Deel A

EHBO
Eerste hulp bij ongelukken
  
 

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesplanning
.

Slide 2 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

EHBO-Periode: Wat staat jullie te wachten?

.

Slide 3 - Tekstslide


De komende 8 weken zal ik de lessen verzorgen.
Ik benadruk dat samenwerking (aanraking).
Voor vragen sta ik na de les ter beschikking, en je kunt altijd bij mij of mevrouw Van de Laar terecht.
De oefentoets!
We werken naar een thorietoets

Verwachtingen & regels 
RESPECT! 
!

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen
.

Slide 5 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

De begrippen van deze les

1.Verwonding
2.Preventie
3.Preventieve maatregel
4.Verbranding
5.Vergiftiging
6.Koolmonoxide
7.Voedselvergiftiging
8.Risicogroepen

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het voorkomen van verwondingen en brandwonden.

Een verwonding is een beschadiging van het lichaam. Bij een verbranding is de huid in aanraking gekomen met een hoge temperatuur. Hierdoor is de huid verbrand.

Verwondingen kunnen vaak voorkomen worden. Het voorkomen van een ongeval noemen we: Preventie. Mensen verwonden zichzelf vaak doordat ze niet goed uitkijken.

Preventieve maatregel toe te passen kan je deze kans verkleinen. bijvoorbeeld het verwijderen van een drempel. Zo kan iemand minder snel struikelen.

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Het voorkomen van een vergiftiging

Het lichaam kan op verschillende manieren vergiftigd worden. Bij een vergiftiging is er een schadelijke stof in het lichaam terecht gekomen.

De twee meest voorkomende vergiftigingen:

Koolmonoxide is zeer giftig gas dat kan vrijkomen bij de verbranding van bepaalde stoffen. Het gas dat vrijkomt, kun je niet zien, ruiken of voelen. Door het gas kun je wel heel erg ziek worden. En in het ergste geval dood gaan.

Voedselvergiftiging komt vaak in de zomer voor. Een voedselvergiftiging kun je vaak voorkomen door voorzichtig te zijn. Zorgvuldig omgaan met voedsel, regelmatig handen wassen en het vermijden van bederfelijke producten ideale omgeving voor de groei van bacteriën op voedsel!

Videovraag: Waarom wordt koolmonoxide een 'stille moordenaar' genoemd?

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat is een mogelijke preventieve maatregel om het risico op voedselvergiftiging te verminderen?
A
Voedsel in onhygiënische omstandigheden bewaren
B
Het vermijden van handen wassen voor het eten
C
Het koken van voedsel zonder aandacht voor hygiëne
D
Zorgvuldig omgaan met voedsel en regelmatig handen wassen

Slide 9 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat maakt koolmonoxide extra gevaarlijk, zoals beschreven in de tekst?
A
Het is zichtbaar in de lucht
B
Het heeft een aangename geur
C
Het is onzichtbaar, reukloos en niet te voelen
D
Je kunt het voelen als het aanwezig is

Slide 10 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Slide 11 - Video

Deze slide heeft geen instructies

Videovraag: Waarom wordt koolmonoxide een 'stille moordenaar' genoemd?
A
Omdat het geluidloos en onzichtbaar is, waardoor het onopgemerkt gevaar kan veroorzaken
B
Omdat het lawaai maakt als het vrijkomt
C
Omdat het een aangename geur heeft
D
Omdat het alleen 's nachts actief is

Slide 12 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Risicogroepen
Risicogroepen zijn groepen mensen die meer kans hebben om ziek te worden of gewond te raken, vooral als er iets onverwachts gebeurt, zoals vergiftiging. Het zijn eigenlijk mensen die extra voorzichtig moeten zijn in bepaalde situaties omdat ze gevoeliger zijn voor bepaalde gevaren

Kinderen/baby’s: Kinderen zijn gevoeliger omdat hun lichaam nog in de groei is en hun afweersysteem nog niet zo sterk is.

Gehandicapten: Mensen die afhankelijk zijn van anderen ook meer risico omdat ze misschien niet snel kunnen reageren op gevaarlijke situaties.

Slide 13 - Tekstslide

zwangere
Formuleer in eigen woorden de betekenis van risicogroepen

Slide 14 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Wie behoort tot risicogroepen en waarom moeten ze extra voorzichtig zijn in bepaalde situaties
A
Alleen kinderen, omdat hun afweersysteem nog niet zo sterk is
B
Alleen gehandicapten, omdat ze afhankelijk zijn van anderen
C
Zowel kinderen als gehandicapten, omdat ze gevoeliger zijn voor bepaalde gevaren
D
Volwassenen, omdat ze meer ervaring hebben in het omgaan met risico's

Slide 15 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

De 5 stappen van EHBO

1.Verwonding
2.Preventie
3.Preventieve maatregel
4.Verbranding
5.Vergiftiging
6.Koolmonoxide
7.Voedselvergiftiging
8.Risicogroepen

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 1. 
Let op gevaar

Zorg eerst voor je eigen veiligheid!
Zorg dan voor de veiligheid van het slachtoffer

-Een verkeersongeluk waarbij de auto in hetzelfde tempo blijven doorrijden.
-Brand, waardoor er kans is op instortingsgevaar.
-Paniek of een vechtpartij die gewoon doorgaat.  

bij zulke voorbeelden is het beter dat je niks doet en je gelijk 112 belt. Als dit niet het geval is ga je vervolgens veiligheid bieden voor de slachtoffer.


Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 2. 
Ga na wat er is gebeurd en wat het slachtoffer mankeert.

Spreek het slachtoffer aan

Wat is er gebeurd?
Vraag aan het slachtoffer wat er precies is gebeurd. Was het een val, een ongeluk of iets anders?

Wat mankeert het slachtoffer?
Vraag het slachtoffer naar eventuele pijn, klachten of symptomen. Luister aandachtig.

Slide 18 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 3. 
Stel het slachtoffer gerust en zorg voor beschutting.

Het geruststellen van het slachtoffer draagt bij aan het kalmeren van de situatie. 
Hoe zou jij dit doen?

Hoef je iemand niet te verplaatsen zorg dat de omgeving zo goed mogelijk is bijvoorbeeld:  
1.Bescherm tegen de zon
2.tegen de wind
3.tegen de regen

Gebruik bijvoorbeeld een jas of deken om het slachtoffer warm te houden.

Slide 19 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Stap 4. 
Zorg voor professionele hulp/ bel zelf of laat iemand 112 bellen.

Je zorgt ervoor dat professionele hulp wordt gebeld. deze bestaan niet alleen uit ambulance maar ook politie of brandweer.

Soms moet er gebeld worden als jij eerste hulp biedt. dan laat je iemand anders bellen. je laat dus niet het slachtoffer alleen.

Ben je alleen? Maak gebruik van de luidsprekerfunctie tijdens het bellen zodat je beide handen vrij zijn om eerste hulp te verlenen.

Slide 20 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Wat moet je doen als je alleen bent en eerste hulp moet verlenen?
A
Schakel de camera van je telefoon in
B
Maak gebruik van de luidsprekerfunctie tijdens het bellen zodat je beide handen vrij zijn
C
Het sturen van een tekstbericht naar hulpdiensten
D
Je laat de persoon alleen

Slide 21 - Quizvraag

Deze slide heeft geen instructies

Wat weet jij nog van de les in de LOB week?

Slide 22 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Noem de vijf stappen van EHBO in de juiste volgorde.

Slide 23 - Open vraag

Deze slide heeft geen instructies

Stap 5. 
Laat het slachtoffer liggen op de plaats waar hij/zij ligt. 

Over het algemeen is het beter om het slachtoffer niet te verplaatsen, tenzij er direct gevaar dreigt. Het verplaatsen van een slachtoffer kan het letsel verergeren. Laat het slachtoffer liggen op de plaats waar hij/zij zich bevindt en wacht op professionele hulp.

je mag een slachtoffer niet onnodig verplaatsen. Dit mag alleen als er gevaar dreigt.
wanneer wel?
-Bij brand
-Om gevaarlijke omgeving bijvoorbeeld drukke snelweg.  

 
Het verplaatsen van een slachtoffer doe je met een rautek-greep. 

Slide 24 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Complete instructie

WAT:De opdachten maken.
MAAK: Maak opdracht 1 t/m 14 (blz 1 t/m 6) van het boek.
WANNEER: Tijdens deze les
Met Wie: Alleen of (rustig) met je buurman/buurvrouw
Tijd: 40 min HULP:
1.Lees de tekst goed!
2.vraag je buurman/vrouw om hulp
3.Docent ( steek je vinger op)
KLAAR: steek je vinger op

Slide 25 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Creatieve opdracht

Opdracht: Maak een strip waarin je de 5 stappen van EHBO verwerkt, of creëer een poster met deze stappen.

Met wie: Je kunt dit alleen doen of in een groepje.

Tijd: Je hebt 30 minuten om de opdracht te voltooien.

Regels: Denk aan je volume, steek je vinger op bij vragen en heb respect voor elkaar!

Klaar? Steek je vinger op!



Slide 26 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Leerdoelen bespreken

1.Ik kan na afloop van de les de 5 stappen van EHBO in de juiste volgorde benoemen.

2.Ik kan na afloop van de les benoemen wat de twee meest voorkomende vergiftigingen zijn en het verschil ertussen uitleggen.

3.Ik kan na afloop van de les zelfstandig uitleggen wat 'risicogroepen' betekent en twee voorbeelden van risicogroepen noemen.

Slide 27 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Lesweek 2 

Handelen in nood situaties.

Inhoud van de verbanddoos.

Rautekgreep.

Slide 28 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies