basisstof 2,3. Spieren

1 / 69
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo lwoo, b, kLeerjaar 1

In deze les zitten 69 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Slide 2 - Tekstslide

Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Tekstslide

Slide 5 - Tekstslide

§ 4. Spieren

Slide 6 - Tekstslide

Even opfrissen...
Je hebt al geleerd wat een gewricht is in § 3. 

Je hebt geleerd in het vorige (eerste) hoofdstuk wat een Spierstelsel is. 

Slide 7 - Tekstslide

Gewrichten
Kogelgewricht


Rolgewricht


Scharniergewricht

Slide 8 - Tekstslide

Lesdoelen
Na deze les:
- Weet je wat pezen zijn.
- Weet je hoe spieren werken.
- Weet je dat je voor 1 beweging -> 2 spieren nodig hebt. 

Slide 9 - Tekstslide

Hoe noemen we het orgaanstelsel wat uit spieren bestaat?

Slide 10 - Open vraag

zelfstandig lezen
waar: in je leerboek( basisstof 2,3)
waar: blz: 87,90,93 
hoe: zelfstandig en in stilte
tijd:5min
klaar: luisteer je naar de docent voor extra uitleg

Slide 11 - Tekstslide

quiz
hoeveel spieren heeft een mens?
noem 5 spieren dat je kent
wat zijn antagonisten spieren?
wat is andere naam van buigspeieren
noem 2 spieren die niet moe worden

Slide 12 - Tekstslide

hoe werken je spieren
mens: 600 spieren
elke spier heeft eigen functie
zoals glimlachen
lopen

Slide 13 - Tekstslide

Leer de namen van de spieren

Slide 14 - Tekstslide

Spierstelsel
cellen maken spieren
spiervezels: maken spierbundel
spierbundel maakt spier
vast gebonden met pezen

Slide 15 - Tekstslide

Pezen
Elke spier zit vast aan het bot met pezen. 

Slide 16 - Tekstslide

hoe buig en strek je je arm

Slide 17 - Tekstslide

Een spier die aangespannen is, wordt korter en dikker. 


Slide 18 - Tekstslide

Spieren
hoe buig en strek je je spieren?

lees op blz 44
in stilte 
tijd: 3min

Slide 19 - Tekstslide

Een spier die ontspannen is, is langer en dunner.
Als je arm buigt, heb je je 'armbuigspier' (biceps) gespannen. 

Als je de arm weer wil strekken, dan is je 'armstrekspier' (triceps) gespannen

Slide 20 - Tekstslide

Slide 21 - Video

Ezelsbruggetje:
Biceps = Boven
Triceps= onder

Slide 22 - Tekstslide

zelfstandig lezen
waar: blz:53 t/m 54
hoe: alleen en zelfstandig
tIjd:7 min
klaar: begin met de opdrachten

Slide 23 - Tekstslide

practicum( kippenvleugel)
wat:lees de instructies goed door
klaar:  maak de opdrachten  af
Tijd: 15 min

Slide 24 - Tekstslide

vorige les herhalen
wat is een spierstelsel
welke andere spierstelsel werkt samen met het spierstel?

Slide 25 - Tekstslide

leerdoelen van vandaag
hoe buig en strek je je arm?

Slide 26 - Tekstslide

Slide 27 - Video

Slide 28 - Video

Biceps
Triceps

Slide 29 - Tekstslide

Basisstof 4 Spieren
Leerdoelen:
  • Je kunt de werking van spieren uitleggen
  • Je kunt uitleggen wat antagonistische spieren zijn
  • Je kunt uitleggen welke spieren bewust te gebruiken zijn en welke spieren onbewust gebruikt worden

Slide 30 - Tekstslide

antagonistisch spieren 
 De armbuigspier (biceps) en de armstrekspier (triceps) zijn elkaars antagonisten bij het buigen en strekken van de arm.

Slide 31 - Tekstslide

Antagonistisch paar
- Antagonistisch paar: twee spieren die tegen over gesteld werken.

- Bestaan altijd uit een buigspier en een trekspier.

Slide 32 - Tekstslide

Slide 33 - Tekstslide

Spieren 
bewegen door antagonistische werking

Slide 34 - Tekstslide

Trainen
Spieren kun je trainen. Door een spier veel te bewegen met kracht, wordt hij steeds dikker. 


Slide 35 - Tekstslide

De biceps is een .........
A
Spier
B
Bot
C
Gewricht
D
Pees

Slide 36 - Quizvraag

Een ander woord voor de biceps is.
A
Arm strekspier
B
Arm buigspier
C
Arm spanspier
D
Arm aanspanspier

Slide 37 - Quizvraag

opdrachten maken/ huiswerk
maak opdrachten 7 t/m 12 af

Slide 38 - Tekstslide

volgende les
na de vakantie

Slide 39 - Tekstslide

Herhaling
Gewrichten
Pezen
Wat zijn antagonistische spieren?
Voorbeeld?

Slide 40 - Tekstslide

Slide 41 - Tekstslide

welke spieren worden niet moe?

Slide 42 - Tekstslide

zelfstandig lezen
wat: welke spieren worden niet moe
hoe: alleen en in stilte
tijd: 3 min
klaar: begin met de opdrachten

Slide 43 - Tekstslide

welke spieren
  • je hart( hartspierweefsel)Het hart is een holle spier die een leven lang samentrekt
  • wanden van je slokdarm( kringspier & lengtespieren)

Slide 44 - Tekstslide

Slide 45 - Tekstslide

Slide 46 - Tekstslide

de wand van de slokdarm bevat kringspieren en lengtespieren

Slide 47 - Tekstslide

Wat wordt korter als je het aanspant?
A
Glad spierweefsel
B
Dwars gestreept spierweefsel
C
Antagonisten
D
Alle spieren

Slide 48 - Quizvraag

Waar zijn gladde spieren te vinden?
A
Botten en gewrichten
B
Huid en haar
C
Organen en bloedvaten
D
Hersenen en ruggenmerg

Slide 49 - Quizvraag

Welke soort spieren zijn te vinden in het hart?
A
Gladde spieren
B
Hartspieren
C
Skeletspieren
D
Huidspieren

Slide 50 - Quizvraag

Welke spieren zijn verbonden met botten?
A
Gladde spieren.
B
Skeletspieren.
C
Alle drie de soorten.
D
Hartspieren.

Slide 51 - Quizvraag

Welke spieren zijn te vinden in de wanden van interne organen en bloedvaten?
A
Gladde spieren.
B
Hartspieren.
C
Skeletspieren.
D
Alle drie de soorten.

Slide 52 - Quizvraag

spieren bewegen mijn ...?
A
gewrichten
B
botten

Slide 53 - Quizvraag

Het hart is een spier
A
Ja
B
Nee
C
altijd
D
a en b

Slide 54 - Quizvraag

Een spier wordt korter als deze aanspant
A
ja
B
nee

Slide 55 - Quizvraag

Slide 56 - Tekstslide

filmpje uit het boek 
onwilligespieren

Slide 57 - Tekstslide

maak opdrachten af /huiswerk 
13 t/m 19 

Slide 58 - Tekstslide

volgende les
lees in je boek over sprongkracht
hoe: alleen en in stilte
tijd:5 min
klaar: begin met de opdrachten

Slide 59 - Tekstslide

jacht luipaard
Jachtluipaarden kunnen heel goed sprinten.
 door  de groot en sterk spieren rond de schoudergordel 
Voor de aanhechting van deze grote spieren hebben de bovenste borstwervels een lang uitsteeksel. 
De spieren trekken met veel kracht samen, waardoor het dier ver kan springen.

Slide 60 - Tekstslide

Slide 61 - Video

opdrachten afmaken/huiswerk
welke: 20 t/m 22

Slide 62 - Tekstslide

je spieren zitten vast aan je skelet met
A
pezen
B
spierbundels
C
vliezen
D
spieren

Slide 63 - Quizvraag

Slide 64 - Video

Noem drie grote spieren

Slide 65 - Open vraag

opdrachten afmaken
maak opdrachten 1 t/m 18 af

Slide 66 - Tekstslide

Opdracht

BK: Lezen blz 29 en maken opdracht 1 t/m 6

KGT: Lezen 29-31 Maak op blz. 31 opdracht 1 t/m 8 (zie opdracht 4 op de volgende bladzijde)

Slide 67 - Tekstslide

Wat wil je nog meer weten over spieren of pezen?

Slide 68 - Open vraag

KGT opdracht 4:

Slide 69 - Tekstslide