T&G periode 7 les 5 UHV 5 Optimale hartfrequentie

Trainen en gezondheid
Trainen en gezondheid
Periode 7
Les 5
1 / 20
volgende
Slide 1: Tekstslide
Trainen en GezondheidMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 20 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 2 videos.

time-iconLesduur is: 45 min

Onderdelen in deze les

Trainen en gezondheid
Trainen en gezondheid
Periode 7
Les 5

Slide 1 - Tekstslide

Huiswerktoppers

Slide 2 - Tekstslide

Inhoud
  • Trainingsmethoden
  • Optimale hartfrequentie
  • Gezondheid

Slide 3 - Tekstslide

Herhalingsmethode
Het is een intervalmethode:

Hoge intensiteit wordt afgewisseld met pauzes van volledig herstel

Let op het aantal herhalingen!

Slide 4 - Tekstslide

Variaties op bestaande methodes
  • Tempotraining
  • Fartlektraining
  • Heuveltraining

Slide 5 - Tekstslide

Tempotraining
Ligt tussen extensieve interval en intensieve interval in




Prikkelduur relatief lang, prikkelpauze relatief kort (geen volledig herstel)
Fysiek zware methode (veel lactaat, HF max zeker bereikt)

Slide 6 - Tekstslide

Fartlektraining
Komt uit Zweden (heuvelachtig). Op de heuvels intensief en op de bosgrond weer extensief (herstel).

De truc is dat het speels is, omdat
het ongestructureerd is.

Slide 7 - Tekstslide

Slide 8 - Video

Heuveltraining
Forse inspanning van je strekspieren:
Enkel ( triceps surae)
Knie ( quads)
Heup ( gluteus)

Toename van specifiek UHV
Toename van aerobe UHV

Slide 9 - Tekstslide

Slide 10 - Video


Wat zijn de kenmerken van herhalingstraining?
A
Lage intensiteit en korte actieve pauzes
B
Hoge intensiteit en korte actieve pauzes
C
Hoge intensiteit en pauzes met volledig herstel
D
Lage intensiteit en pauzes met volledig herstel

Slide 11 - Quizvraag


Wat train je - in het bijzonder- met heuveltraining?
A
Je strekspieren in armen, romp en nek worden verbeterd
B
De maximale kracht in de onderste extremiteit wordt verbeterd
C
Je strekspieren in enkel, knie en heup worden verbeterd
D
Toename van het specifieke en aerobe UHV

Slide 12 - Quizvraag


Wat is Fartlek?
A
Heuveltraining in Zweden
B
Speelse manier van hardlopen: een vaartspel
C
Gestructureerde intervaltraining
D
Keiharde bostraining

Slide 13 - Quizvraag

Optimale HF
Er zijn vuistregels die belangrijk zijn om een schatting te doen van het tempo

DUS


Uitkomsten zijn globale richtlijnen (wel handig voor een trainer i.v.m. beginsituatie en doelstelling)

Slide 14 - Tekstslide

Optimale HF
Vuistregel HF max:


Vuistregel Anaerobe drempel:

220-leeftijd (variatie van 10 slagen)
170-leeftijd (variatie van 10 slagen)

Slide 15 - Tekstslide

HF max
Sportspecifiek:
Bij zwemmen is de HF max bijvoorbeeld lager i.v.m. de weerstand en druk van het water.

Bij rennen is de HF max weer hoger dan bij fietsen.

Slide 16 - Tekstslide

HF max-training
HF-training = (% intensiteit * HF reserve) + HF rust

Henk is 20. Zijn HFmax wordt dan geschat op 200 (vuistregel = 220-leeftijd). HF rust is 58. De HF reserve is dan 142. Hij gaat in de avond op 70% trainen.

Welke hartslag moet hij dan trainen?

Slide 17 - Tekstslide


Hartslag van HENK op training = ?
HF training = (%intensiteit * HF reserve) + HF rust
A
(70% * 142) + 58 = 157
B
70% * 142 +58 = 140
C
70% * 58 + 142 = 140
D
(70% * 58) +142 = 182

Slide 18 - Quizvraag

Henk is 40. Zijn HFmax wordt dan geschat op 180 (vuistregel = 220-leeftijd). HF rust is 62. De HF reserve is dan 138. Hij gaat in de avond op 60% trainen.

Welke hartslag moet Henk dan gaan trainen?

HF training = (%intensiteit * HF reserve) + HF rust
Goed
Fout
100
144
122
132

Slide 19 - Sleepvraag

En nu?
timer
15:00

Slide 20 - Tekstslide