schrijf het lesdoel in jouw schrift bovenaan de pagina.
timer
3:00
5.1 Het skelet van de mens
Ik kan de botten benoemen in een afbeelding van het skelet.
Ik kan de functies van het skelet noemen.
Ik kan pijpbeenderen en platte beenderen onderscheiden en kenmerken ervan noemen.
Slide 1 - Tekstslide
Materiaal op orde?
Huiswerk gemaakt?
xxx = lesuur nablijven
Op vrijdag leveren jullie aantekeningen in. Niet op orde =maandag 8 uur melden
Slide 2 - Tekstslide
Je gedraagt je!
We begroeten elkaar bij de deur.
Je zit klaar voor de les -> werkboek, laptop, oortjes uit jouw oren deze gebruik je alleen tijdens de zelfstandige verwerking.
Je doet actief mee aan de les -> je luistert naar de instructie, je luistert naar elkaar, maakt de opdrachten op een serieuze manier. Dit doe je samenwerkend of zelfstandig.
Je hebt alleen applicaties openstaan die voor de les relevant zijn -> Muziek luisteren tijdens het zelfstandig verwerken mag -> Spotify of Soundcloud.
Je bent respectvol naar jouw klasgenoten -> je blijft van elkaar af, je bent aardig naar elkaar. Als je niet aardigs weet te zeggen, zeg je niets.
Je gaat in de pauze of tijdens de leswisselingen naar het toilet -> Dus tijdens de les is een toiletbezoek niet mogelijk.
Eten en drinken doen we in de pauze -> Dus tijdens de les wordt er niets gegeten of gedronken. Ook geen kauwgom.
Slide 3 - Tekstslide
Wanneer het lastig is om je te gedragen.....
Storend gedrag: waarschuwing, naam opschrijven, toch doorgaan? Volgende dag om 8.00 uur melden.
Andere applicaties open staan dan relevant voor de les, bijvoorbeeld gamen of Youtube? Volgende dag om 8.00 uur melden.
Telefoon? Inleveren
Kauwgom? Na schooltijd kauwgom krabben.
Ouders worden geïnformeerd
Slide 4 - Tekstslide
Leerdoelen
Ik kan de botten benoemen in een afbeelding van het skelet.
Ik kan de functies van het skelet noemen.
Ik kan pijpbeenderen en platte beenderen onderscheiden en kenmerken ervan noemen.
Slide 5 - Tekstslide
Agenda
Lezen en aantekeningen maken
Opdrachten maken
Nakijken
Exitticket
Slide 6 - Tekstslide
Het skelet van de mens
Het skelet (geraamte): Harde delen die een organisme stevigheid geven; bottenstelsel.
Het bot (been): stevig deel, orgaan van het botstelsel
De ledematen: armen en benen
De borstkas: borstwervels, ribben en borstbeen
De schouders (schoudergordel): schouderbladen en sleutelbeenderen
Het bekken (bekkengordel): heupbeenderen
Slide 7 - Tekstslide
Functies van het skelet
Het geeft stevigheid aan je lichaam.
Het geeft vorm aan je lichaam.
Het geeft bescherming aan tere organen.
Het maakt beweging mogelijk.
Slide 8 - Tekstslide
Pijpbeenderen
Langwerpig bot met een mergholte, bevat rood en geel beenmerg
Pijpbeenderen komen vooral voor in de ledematen.
Slide 9 - Tekstslide
Platte beenderen
Bot dat alleen rood beenmerg bevat en vooral voorkomt in hoofd en romp.
Slide 10 - Tekstslide
Beenmerg
de mergholte: holte in een pijpbeen tussen de koppen.
geel beenmerg: komt voor in de mergholte van de pijpbeenderen en er is vet in opgeslagen.
rood beenmerg: komt voor in de platte beenderen en in de koppen van pijpbeenderen en maakt bloedcellen aan.
Slide 11 - Tekstslide
Wat moet je doen?
Maak opdracht 1, 3 & 5
Klaar?
Maak Test jezelf 5.1
Flitskaarten 5.1
timer
10:00
Gedrag:
Je werkt samen aan de opdrachten met een fluisterstem.
Slide 12 - Tekstslide
Lesafsluiting
Wat hebben we vandaag geleerd?
Ik kan de botten benoemen in een afbeelding van het skelet.
Ik kan de functies van het skelet noemen.
Ik kan pijpbeenderen en platte beenderen onderscheiden en kenmerken ervan noemen.
Leg uit wat het verschil is tussen pijpbeenderen en platte beenderen.
Noem van beide soorten één kenmerk en één voorbeeld uit het menselijk skelet.