Examentraining polymeren en groene chemie

Examentraining polymeren en groene chemie

Learning objective

1 / 14
volgende
Slide 1: Slide
newEditorScheikundeMiddelbare schoolvmbo lwoo, havoLeerjaar 5

In deze les zitten 14 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

Examentraining polymeren en groene chemie

Learning objective

Wat is een polymeer

A

Een macromolecuul

B

Een legering

C

Een serie gekoppelde monomeren

D

Een alliage

Hoe wordt de binding tussen aminozuren genoemd?

A

Esterbinding

B

Condensatiebinding

C

Aminozuurbinding

D

Peptidebinding

Welke eigenschap moet een koolwaterstof hebben voor een additiereactie?

A

Een alcoholgroep (-OH)

B

Een zuurgroep (-COOH)

C

Hij moet onverzadigd zijn

D

Hij moet verzadigd zijn

Welke 2 karakteristieke groepen kunnen met elkaar reageren tot een ester-binding?

A

2 alcohol groepen (-OH)

B

Een aminogroep (-NH2) en een zuurgroep (-COOH)

C

Een alcohol groep (-OH) en een zuurgroep (-COOH)

D

Alle drie de mogelijkheden

Welke reactie is een condensatiereactie?

A

De vorming van een ester uit een alcohol en een zuur

B

De vorming van een dipeptide uit 2 aminozuren

C

De vorming van een disacharide uit 2 monosachariden

D

Alle 3 de reacties

Een bedrijf wil verpakkingsmateriaal maken dat meerdere keren gesmolten en opnieuw gevormd kan worden. Het onderzoekt daarvoor verschillende polymeersoorten.


Welke eigenschap is bepalend voor het feit dat een thermoplast meerdere keren kan worden omgesmolten?

A

Thermoplasten ontleden al bij relatief lage temperaturen, waardoor ze gemakkelijk vloeibaar worden.

B

Thermoplasten bestaan uit lineaire of licht vertakte ketens die door zwakke vanderwaalskrachten bij elkaar worden gehouden.

C

Thermoplasten bevatten veel crosslinks (dwarsverbindingen) die de ketens stevig aan elkaar vastmaken.

D

Thermoplasten hebben een kristalstructuur die niet verandert bij verhitting.

Een technicus onderzoekt twee kunststoffen: kunststof A en kunststof B. Wanneer hij kunststof A verhit, wordt deze zacht en kan hij het materiaal in een nieuwe vorm gieten. Kunststof B wordt bij verhitting niet zacht, maar verkleurt en verbrandt uiteindelijk.


Welk kenmerk van kunststof B verklaart het gedrag bij verhitting?

A

Kunststof B heeft een hoge dichtheid, waardoor de ketens niet kunnen bewegen bij verhitting.

B

Kunststof B bestaat uit lineaire ketens die slechts door zwakke vanderwaalskrachten worden bijeengehouden.

C

Kunststof B heeft een netwerk van crosslinks (dwarsverbindingen) tussen de polymeerketens, waardoor het niet kan smelten.

D

Kunststof B bevat monomeren met dubbele bindingen, waardoor het hard en bros blijft.

Een fabriek heeft een nieuw proces ontwikkeld om bioplastic te maken.
In het nieuwe proces worden bijna alle grondstoffen omgezet in het eindproduct, waardoor er veel minder afval ontstaat.

Welk principe van de 12 principes van groene chemie wordt hier vooral toegepast?


A

Gebruik van katalysatoren

B

Energie‑efficiënte synthese

C

Veiligere oplosmiddelen en hulpstoffen

D

Atoomeconomie

Een fabriek maakt het oplosmiddel ethylacetaat volgens onderstaand blokschema. Omdat het mengsel uit de reactor niet puur is, wordt een scheidingskolom (S1) gebruikt.






Welke functie heeft de scheidingskolom in dit productieproces?

A

De scheidingskolom zorgt dat de reactie sneller verloopt door warmte toe te voegen.

B

De scheidingskolom scheidt het reactie­mengsel op basis van verschillende kookpunten.

C

De scheidingskolom verwijdert alleen het water door middel van filtratie.

D

De scheidingskolom zorgt ervoor dat ongewenste bijproducten terug naar de reactor worden gestuurd.

Teken een blokschema voor het scheiden van een mengsel van droesem (=bezinksel) en alcohol uit rode wijn.

Ik wil overhouden: rode wijn zonder alcohol

Extra: de rode wijn ontkleuren met actieve kool








rode wijn

filtreren

destilleren

alcohol

heldere wijn

droesem

alcoholvrije wijn

BLOKSCHEMA: Scheiden van een mengsel van droesem (=bezinksel) en alcohol uit rode wijn.


Om het vet uit pinda's te halen kun je het proces volgen zoals hiernaast in een blokschema staat.

Welke scheidingsmethode is methode 3?

A

Filtratie

B

Extractie

C

Destilleren

D

Adsorptie