Internationale handel – Les 1 | Nederland als handelsland

Internationale handel – Les 1 Welkom bij het keuzevak Internationale handel

1 / 32
volgende
Slide 1: Slide
newEditorEconomie & OndernemenMiddelbare schoolvmboLeerjaar 4

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 60 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Internationale handel – Les 1 Welkom bij het keuzevak Internationale handel

Open rustig en professioneel. Benoem kort dat deze eerste les gaat over wat internationale handel is en waarom Nederland daarin belangrijk is.

Wat gaan we vandaag doen?

  • Kennismaken (10 min)

  • Uitleg keuzevak en beoordeling (5 min)

  • Uitleg wat is Internationale handel (5 min)

  • Uitleg paragraaf Nederland als handelsland(10 min)

  • Zelfstandig werken (20 min)

  • Korte pauze (15 min)

  • Uitleg presentatie (5 min)

  • Zelfstandig werken (10 min)

  • Stukje kijken van aflevering. Kopen we ons arm. (30 min)

  • Afsluitende quiz (10 min)

Deze slide heeft geen instructies

Wat gaan we leren?

Ik kan in eigen woorden uitleggen wat internationale handel betekent.


Ik kan met voorbeelden herkennen of sprake is van import of export.


Ik kan minimaal twee redenen benoemen waarom Nederland veel importeert en exporteert.


Ik kan Nederland herkennen als belangrijk handelsland en dit toelichten.

Lees de doelen hardop voor. Koppel ze aan wat leerlingen aan het eind van de les moeten kunnen uitleggen.

Welke woorden passen volgens jou bij internationale handel?

Gebruik dit als activering van voorkennis. Verwachte woorden: kopen, verkopen, landen, vrachtwagens, haven, import, export, Schiphol, Rotterdam, producten.

Kennismaken

Stel jezelf ongeveer 30 seconden voor in een taal naar keuze, behalve Nederlands.


Vertel:

  • je naam

  • je leeftijd

  • je woonplaats

  • je hobby

  • je favoriete land

Perfect hoeft niet. Durven en proberen is genoeg.

Geef eerst zelf een kort voorbeeld. Noem daarna het Engelse voorbeeld mondeling: Hi, I’m Alex. I’m 16 years old. I live in Tilburg. I like football and my favourite country is Spain.

Hoe krijg je een cijfer?

  • schriftelijke toets --> 60 minuten, geen herkansing, telt 40%.

  • verslag/portfolio bestaat uit --> een cijfer van de volgende onderdelen, telt 60% mee.


  • --> Taak 1 t/m 5 de boekjes.

  • --> Presentatie van je handelsland.


Eindcijfer = toets × 40% + portfolio × 60%; moet minimaal voldoende zijn.

Neem dit exact over, zoals gevraagd. Licht vooral toe dat P5ih3 geen cijfer is, maar wel een harde voorwaarde.

Dagelijkse spullen reizen ver

Veel producten die je gebruikt, komen niet uit Nederland.


Denk aan:

  • een telefoon

  • schoenen

  • fruit

  • vrachtwagens met goederen uit andere landen


Internationale handel zie je dus elke dag om je heen.

Gebruik deze slide als inhoudelijke opmaat naar de open vraag over welk product de langste reis heeft afgelegd.

Internationale handel

Internationale handel betekent dat landen goederen en diensten kopen en verkopen over de grens.


Voorbeelden uit het dagelijks leven:

  • een iPhone met onderdelen uit meerdere landen

  • Nike-schoenen die in het buitenland zijn gemaakt

  • bananen die van ver naar Nederland komen

  • buitenlandse vrachtwagens op Nederlandse wegen

Houd het eenvoudig: handel is grensoverschrijdend kopen en verkopen. Je kunt benoemen dat één product vaak al een internationale route heeft gehad.

Wat wordt in Nederland geproduceerd en wat niet?

In Nederland (nationaal)

In het buitenland (internationaal)

Deze slide heeft geen instructies

Welk product binnen handbereik heeft de langste reis gemaakt? (van grondstof naar jou)

Bespreek kort een paar antwoorden. Goede antwoorden noemen een product dat echt van ver kan komen, zoals telefoon, schoenen, fruit of kleding. Het gaat hier om inschatten en koppelen aan dagelijkse spullen.

Maak de zinnen compleet

Bij internationale handel worden goederen over de grens gekocht en verkocht. Als Nederland bloemen naar Praag stuurt, is dat export. Sinaasappels uit Marokko zijn voor Nederland juist import.

grens
export
import
doorvoer
Schiphol
haven
Europa

Controleer of leerlingen letten op de richting: naar buitenland = export, uit buitenland = import.

Nederland koopt sinaasappels uit Marokko. Wat is dat?

A

Doorvoer

B

Import

C

Export

D

Uitvoerroute

Kernbegrip checken: Nederland koopt uit buitenland = import.

Import en export

  • Export / uitvoer = Nederland verkoopt aan het buitenland

  • Import / invoer = Nederland koopt uit het buitenland


Voorbeelden:

  • bloemen naar Praag = export

  • sinaasappels uit Marokko = import

Gebruik steeds dezelfde termen: import/invoer en export/uitvoer. Laat leerlingen vooral letten op de richting van de goederen.

Een Nederlander gaat op vakantie naar Frankrijk. Wat is dit vanuit Nederlands oogpunt?

A

Doorvoer

B

Import

C

Export

D

Uitvoerroute

Kernbegrip checken: Nederland koopt uit buitenland = import.

Waarom zou Nederland een belangrijk handelsland zijn?

Deze slide heeft geen instructies

Waarom Nederland veel handelt

Nederland is een belangrijk handelsland door:

  • een gunstige ligging in Europa

  • de Rotterdamse haven

  • Schiphol

  • goede wegen, spoor en digitale verbindingen

Leg kort uit dat ligging en bereikbaarheid samen zorgen dat goederen snel ons land in en uit kunnen.

Handel met Europa en doorvoer

Nederland handelt veel met andere landen in Europa.


Een deel van de goederen blijft in Nederland, maar een deel gaat weer door naar een ander land.


Dat noem je doorvoer:

goederen komen binnen in Nederland → gaan verder naar het buitenland.

Benadruk dat Nederland niet alleen zelf koopt en verkoopt, maar ook een doorgeefland is.

Bloemen van Nederland naar Praag zijn...

A

Doorvoer

B

Import

C

Export

D

Opslag

Herkenbaar voorbeeld uit de les. Naar het buitenland verkopen = export.

Waarom handelt Nederland veel met andere landen?

A

Veel bergen

B

Weinig wegen

C

Gunstige ligging

D

Klein internet

Laat leerlingen de link leggen met ligging in Europa en goede bereikbaarheid.

Vul de begrippen in

Nederland is een belangrijk handelsland door de haven van Rotterdam, Schiphol en goede verbindingen. Goederen die via Nederland verder gaan naar een ander land noem je doorvoer.

handelsland
doorvoer
import
export
Praag
toets

Twee kernwoorden uit dit blok: handelsland en doorvoer.

Aan het werk

  • Pak je boekje Taak 1

  • Ga naar de paragraaf Nederland als handelsland

  • Maak vraag 1 t/m 4

  • Maak ook de Korte check import of export

  • Werk zelfstandig

  • Overleg mag, maar zachtjes

  • De docent controleert

20

minute

00

second

Noem eventueel waar leerlingen de paragraaf kunnen vinden en hoeveel tijd ze krijgen.

5

minute

00

second

Deze slide heeft geen instructies

Je gaat een presentatie maken

--> Aan het einde van elke taak ga je opdrachten maken voor je presentatie.

--> Deze presentatie ga je aan het einde geven en wordt beoordeeld.

--> Je kiest een eigen handelsland.


Deze slide heeft geen instructies

Aan het werk

  • Pak je boekje Taak 1

  • Ga naar de paragraaf Nederland als handelsland

  • Maak vraag 1 t/m 4

  • Maak ook de Korte check import of export

  • Pak je boekje Taak 1 en ga naar blz. 21 en 22.

  • Ga naar de paragraaf Praktische opdracht taak 1 - Inzoomen op een handelsland

  • Maak onderdeel A

  • Werk zelfstandig

  • Overleg mag, maar zachtjes

  • De docent controleert

Noem eventueel waar leerlingen de paragraaf kunnen vinden en hoeveel tijd ze krijgen.

Wat noem je goederen die via Nederland verder reizen?

A

Invoer

B

Uitvoer

C

Doorvoer

D

Voorraad

Ondubbelzinnige afsluitende quizvraag over een nieuw begrip uit deze les.

Welke plek is belangrijk voor handel via zee?

A

Schiphol

B

Rotterdamse haven

C

Praag

D

Marokko

Toetst verschil tussen zeehaven en andere begrippen.

Wat betekent export?

A

Kopen uit buitenland

B

Opslaan in haven

C

Verkopen aan buitenland

D

Vervoer binnen stad

Basisbegrip uit de les. Eén duidelijk goed antwoord.

Welke route past bij import voor Nederland?

A

van Praag naar Nederland

B

van Nederland naar Praag

C

van Rotterdam naar Schiphol

D

van Nederland naar Rotterdam

Laat leerlingen kijken naar de richting naar Nederland toe.

Welke route past bij een nationale route?

A

van Praag naar Nederland

B

van Nederland naar Praag

C

van Rotterdam naar Schiphol

D

van Peking naar Rotterdam

Laat leerlingen kijken naar de richting naar Nederland toe.

Wat heb je geleerd vandaag?

Exit-ticket. Laat leerlingen één inzicht noemen, bijvoorbeeld over import/export of waarom Nederland een handelsland is, en één open vraag voor vervolglessen.

Begrippenlijst

internationale handel - kopen en verkopen van goederen en diensten tussen landen

import / invoer - Nederland koopt uit het buitenland

export / uitvoer - Nederland verkoopt aan het buitenland

handelsland - land dat veel koopt en verkoopt met andere landen

doorvoer - goederen gaan via Nederland door naar een ander land

Rotterdamse haven - grote haven die belangrijk is voor handel

Schiphol - luchthaven die belangrijk is voor vervoer van mensen en goederen

Deze slide heeft geen instructies

Deze slide heeft geen instructies