De Tweede Wereldoorlog

Learning objective

De Tweede Wereldoorlog

1 / 11
volgende
Slide 1: Slide
newEditorGeschiedenisMBOStudiejaar 4

In deze les zitten 11 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Learning objective

De Tweede Wereldoorlog

Open breed: veel leerlingen kennen de naam al, maar nog niet goed waarom de oorlog begon en hoe het leven van een soldaat was.

Welke woorden denk je bij de Tweede Wereldoorlog?

Gebruik dit als voorkennis. Verwacht woorden zoals oorlog, soldaat, Hitler, angst, Duitsland, bommen. Vraag kort door op een paar woorden.

Het Verdrag van Versailles

  • In 1919 kwam het Verdrag van Versailles

  • Duitsland kreeg de schuld van de oorlog

  • Duitsland moest geld betalen

  • Duitsland moest ook minder soldaten hebben

Benadruk het gevoel van boosheid en oneerlijkheid bij veel Duitsers. Dat helpt later om de opkomst van Hitler te begrijpen.

Hitler komt aan de macht

  • Adolf Hitler was de leider van de nazi's

  • Hij beloofde Duitsland sterk te maken

  • In 1933 kwam hij aan de macht

  • Hij wilde meer land en meer macht

  • Tegenstanders kregen weinig vrijheid

Noem alleen de kern: leider, macht, propaganda, weinig vrijheid. Vermijd te veel details op dit niveau.

Van spanning naar oorlog

Duitsland wilde steeds meer macht.


Verdrag van Versailles + crisis + Hitler → meer spanning in Europa


In 1939 viel Duitsland Polen binnen.

Toen begon de Tweede Wereldoorlog.

Noem eventueel dat Groot-Brittannië en Frankrijk daarna Duitsland de oorlog verklaarden, maar houd de hoofdlijn centraal: inval in Polen = begin van de oorlog.

Waardoor begon de Tweede Wereldoorlog in 1939?

A

Inval in Polen

B

Verdrag van 1919

C

Grote crisis

D

Hitler werd leider

De andere opties zijn oorzaken of stappen ervoor. De directe start in de les is: Duitsland viel Polen binnen.

Het leven van een soldaat

Maak hier de overgang van ontstaan van de oorlog naar het dagelijks leven van mensen in de oorlog, vooral soldaten.

Dagelijks leven aan het front

  • Soldaten leefden vaak in kou, modder en regen

  • Er was weinig rust

  • Ze moesten lang wachten en soms plots vechten

  • Eten en slaap waren niet altijd genoeg

Niet elk front zag er hetzelfde uit, maar deze slide geeft een eenvoudig algemeen beeld van zware omstandigheden.

Gevaar en angst

  • Soldaten waren bang voor kogels en bommen

  • Ze konden gewond raken of sterven

  • Ze misten hun familie en huis

  • Veel soldaten voelden stress en verdriet

Je kunt benoemen dat oorlog niet alleen lichamelijk zwaar is, maar ook mentaal.

Contact met thuis

  • Sommige soldaten schreven brieven

  • Zo hielden zij contact met thuis

  • Toch duurde nieuws vaak lang

Sluit hier mooi aan op persoonlijke verhalen. Dit maakt het onderwerp menselijk en concreet.

Niet alleen vechten

Een soldaat vocht niet de hele dag.


  • wachten

  • lopen

  • spullen dragen

  • eten zoeken

  • posten bewaken


Het leven was vaak zwaar en saai tegelijk.

Dit doorbreekt het beeld dat soldaten alleen maar in gevecht waren. Juist wachten en volhouden hoorde er ook bij.