Ster in Lezen - Alfa C
Les 1.2
Ster in Lezen - Alfa C
Les 1.2
Gebruik een afbeelding van de voorkant van het boek van uitgeverij Boom, zoals door de gebruiker gevraagd.
Lesdoel
Weet je wie Malala is.
Weet je waarom zij beroemd is.
Leer je nieuwe woorden over onderwijs.
De gebruiker gaf meerdere doelen. Volgens de instructie is één doel leidend. Hier is gekozen voor het hoofddoel dat het best past bij de leesles.
tekst 1.1 en 1.2
App-gesprek Informatieve tekst
Benadruk dat leerlingen bij appberichten vaak eerst naar afzender, onderwerp en belangrijke woorden kunnen kijken.
Begintaak
Kies 3 woorden uit de woordenlijst en maak een zin
Deze slide heeft geen instructies
Woordenlijst
de regel - een afspraak over wat wel of niet mag.
erg - erger - ergste - veel/niet goed
gelijk - hetzelfde
straffen - iemand een straf geven als hij iets verkeerds heeft gedaan.
belangrijk - iets met veel waarde
rechten - dingen die je van de wet mag.
sommige mensen - niet alle mensen, een paar mensen.
hij weet genoeg - hij begrijpt het, hij heeft alle informatie.
dichtbij - niet ver
het wonder - iets wat bijzonder is.
Deze slide heeft geen instructies
Lezen
We lezen de tekst 2x door:
de docent leest - onderstreep onbekende woorden
Jullie lezen zelf in stilte.
Deze slide heeft geen instructies
woorden
het onderwijs = school
het pistool
de Taliban
redden: De dokter redt mijn leven.
Toen kwamen de leerlingen naar de klas.
De rechten van de mens.
Dichtbij <-> ver weg
Deze slide heeft geen instructies
Een leven zonder school
Deze slide heeft geen instructies
Een leven met school
Deze slide heeft geen instructies
Werkwoorden in het nu
gebeuren nu
vaak in een appgesprek
Wat is het huiswerk.
We moeten schrijven over de toekomst.
Deze slide heeft geen instructies
Werkwoorden in het verleden
zijn eerder gebeurd
je leest dan iets over vroeger of eerder vandaag
Waar was je?
Ik moest met mijn moeder mee naar het ziekenhuis.
Houd het eenvoudig: focus op het verschil in tijd, niet op volledige grammaticaregels.
Nu en verleden
Verleden
Als ze komen dan pak ik mijn schoen.
Wie is Malala?
Ik snap het.
Nu
Toen kwamen de Taliban.
Tot ze 11 jaar was.
De artsen konden haar leven redden.
Ze werden boos en maakten nieuwe regels
Laat leerlingen vooral het verschil zien en horen: ga/ging, snap/snapte.
Wat heb jij vandaag geleerd?
Reflectie zonder goed of fout. Laat leerlingen kort benoemen wat ze geleerd hebben, bijvoorbeeld appgesprek lezen, woorden begrijpen of nu/verleden zien.
Wat hielp jou het meest vandaag?
Reflectie op leerproces. Mogelijke antwoorden: voorbeeldzinnen, verschil nu/verleden, woordspin, afbeeldingen.