Thema 4.4_Gedrag Samen leven

§ 4.4 Samen leven
1 / 42
volgende
Slide 1: Tekstslide
BiologieMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 1

In deze les zitten 42 slides, met interactieve quizzen, tekstslides en 5 videos.

time-iconLesduur is: 30 min

Onderdelen in deze les

§ 4.4 Samen leven

Slide 1 - Tekstslide

Leerdoelen
  • Ik weet wat groepsdieren zijn 
  • Ik kan uitleggen waarom groepsdieren samenwerken
  • Ik kan uitleggen waarom een taakverdeling belangrijk is bij groepsdieren

Slide 2 - Tekstslide

Hoe werken dieren samen in een groep?
Dieren in groepen werken samen.
  • Samenwerking gaat het best als er een taakverdeling is, dus als het duidelijk is wie wat doet.
  • Bij een taakverdeling is het ook belangrijk dat iedereen zich aan de regels houdt. 





Slide 3 - Tekstslide

Slide 4 - Video

WOLVEN
Een groep wolven heet ROEDEL.
Als wolven op een prooi jagen hebben ze een taakverdeling.

Door samen te werken, hebben ze een grotere kans om een prooi te vangen; dus een grotere kans om te overleven!

Slide 5 - Tekstslide

Slide 6 - Video

Wat is gedrag?
A
Alles wat een mens of dier doet
B
Een verandering in de omgeving of in het lichaam
C
Opmerken van een verandering in de omgeving
D
Veranderen van gedrag na een prikkel

Slide 7 - Quizvraag

Een klein stukje gedrag noem je een
A
uitwendige prikkel
B
reactie
C
inwendige prikkel
D
handeling

Slide 8 - Quizvraag

Waarom vliegen de spreeuwen zo massaal bij elkaar?
A
Dan blijven ze warm
B
Dan raken ze de weg niet kwijt
C
Kunnen ze ontsnappen aan roofvogels
D
Hebben ze wat te doen

Slide 9 - Quizvraag

Wanneer gaat samenwerken het best?
A
Als er afspraken zijn
B
Als er een duidelijke taakverdeling is
C
Als de dieren bij dezelfde familie horen
D
Als dieren honger hebben

Slide 10 - Quizvraag

Waarom werken dieren samen?
A
Dat vinden ze gezellig
B
Dat zijn ze gewend
C
Zo kunnen ze beter overleven
D
Anders voelen ze zich alleen

Slide 11 - Quizvraag

Hoe heet een groep wolven?
Een groep wolven heet een ...

Slide 12 - Open vraag

Opdrachten
Hoofdstuk 4.4, opdracht 3-7

Slide 13 - Tekstslide

Slide 14 - Tekstslide

Leerdoelen

Slide 15 - Tekstslide

Wie is de baas in een groep?
Een groep dieren heeft vaak een leider. 

De leiders in een groep zijn DOMINANT over de rest van de groep. 

De rest van de groep is ONDERDANIG aan de leiders.

Slide 16 - Tekstslide

RANGORDE
RANGORDE: als er in een groep dominante en onderdanige dieren zijn en elk dier zijn plaats kent.


Kippen hebben ook een duidelijke rangorde, de zogenaamde PIKORDE.

Slide 17 - Tekstslide

Slide 18 - Video

Ruzie: vechten?
Dreigen: bepalen wie de sterkste is zonder dat je gaat vechten.
  

Overspronggedrag: gedrag dat heel normaal is alleen past het niet bij het moment.
Vaak als je niet kunt kiezen wat je wilt doen: bijv. vechten of vluchten...

Slide 19 - Tekstslide

OVERSPRONGGEDRAG
Ook mensen hebben overspronggedrag!

Bijvoorbeeld op je hoofd krabben als je niet weet wat je moet doen...

Slide 20 - Tekstslide

Opdrachten
K  Hoofdstuk 4.4, opdracht (3-6) 8, 9
TL Hoofdstuk 4.4, opdracht (3-7) 8-13
Klaar? Starten met Samenvatten blz 39-40!

Slide 21 - Tekstslide

Hoe heet een dier dat de baas is?
A
Dominant
B
Onderdanig

Slide 22 - Quizvraag

Welke hond is hier onderdanig?
A
De zwarte hond
B
De bruine hond

Slide 23 - Quizvraag

Waarom gaat een hond op zijn rug liggen als hij verliest in een gevecht?
A
Dan wordt hij niet gebeten
B
Dan kan hij zich beter verdedigen
C
Dan doet hij alsof hij dood is

Slide 24 - Quizvraag

Hoe heet de rangorde bij kippen?

Slide 25 - Open vraag

Wat is de functie van dreigen?
A
Zo laat je weten dat je wilt vechten
B
Zo bepaal je wie de sterkste is, zonder te vechten

Slide 26 - Quizvraag

Wat is oversprong gedrag?
A
Niet passend gedrag
B
Gedrag om te laten zien wie de baas is
C
Gedrag om te laten zien dat je onderdanig bent
D
Gedrag om de rangorde te bepalen

Slide 27 - Quizvraag

Welke kat vertoont oversprong gedrag?
A
Links boven
B
Rechts boven
C
Links onder
D
Rechts onder

Slide 28 - Quizvraag

Slide 29 - Tekstslide

Hoe vinden dieren een partner?
Het gedrag waarmee dieren een partner lokken en 'versieren' heet baltsgedrag.
Bij baltsgedrag is ook sprake van overdreven prikkels.

De functie van balts is voorbereiding op de paring. Mensen baltsen ook, al noem je dat meestal versieren. 

Slide 30 - Tekstslide

Slide 31 - Video

Slide 32 - Video

Waarom danst deze spin?
A
Om indruk te maken
B
Om te versieren
C
Om niet opgegeten te worden
D
Alle antwoorden zijn goed

Slide 33 - Quizvraag

Hoe heten de watervogels die je net in het filmpje zag?
A
Meerkoeten
B
Waterhoentjes
C
Aalscholvers
D
Futen

Slide 34 - Quizvraag

Hoe heet "versieren" in de dierenwereld?
A
Oversprong gedrag
B
Balts gedrag
C
Dominant gedrag
D
Onderdanig gedrag

Slide 35 - Quizvraag

Wat is het doel van de balts?
A
Gezellige tijd hebben
B
Kennis maken
C
Voorbereiding op paren

Slide 36 - Quizvraag

Bij de balts maken dieren gebruik van ....................... signalen

Slide 37 - Open vraag

Schrijf 1 ding op dat je
in deze les hebt geleerd!

Slide 38 - Woordweb

Waar wil je meer uitleg over?

Slide 39 - Woordweb

Wat vond je van deze uitleg-les?
😒🙁😐🙂😃

Slide 40 - Poll

Slide 41 - Tekstslide

En nu aan de slag...

Slide 42 - Tekstslide