V4_LA_H15(1)

1 / 21
volgende
Slide 1: Tekstslide
LatijnMiddelbare schoolvwoLeerjaar 4

In deze les zitten 21 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 70 min

Onderdelen in deze les

Slide 1 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

              Startklaar
  • Op je plek zitten 
  • Telefoon in het Zakkie in je tas
  • Jas over de stoel, oortjes in de tas, tas op de grond
  • Schoolspullen op tafel: Boeke, JdW-map/schrift, pen 
timer
3:00

Slide 2 - Tekstslide

1. Startklaar
Bij de start van iedere les verwelkomt de docent de leerlingen bij de ingang van de deur, noemt leerlingen bij naam, maakt oogcontact en besteedt aandacht aan hun welbevinden. De docent geeft het goede voorbeeld en spreekt hoge verwachtingen uit voor het verloop van de les door succescriteria op gewenst gedrag, schooltaal en effectief leren te benoemen. De leerlingen zijn startklaar: ingelogd in LessonUp, telefoons opgeborgen in het Zakkie, en JdW-map op tafel.
Latijn MINERVA
Hoofdstuk 15

Slide 3 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

Slide 4 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Voorkennis activeren
1. Ik kan de Latijnse uitgangen van zelfstandige naamwoorden uit groep 3 opschrijven

Opdracht: Schrijf de rijtjes van rex en nomen op je wisbordje.


Slide 5 - Tekstslide

4. Inclusieve didactiek
De docent past diverse strategieën toe om de betrokkenheid van alle leerlingen te garanderen. Door regelmatig het begrip van de lesstof te controleren en zo nodig de uitleg aan te passen, blijft de stof toegankelijk voor iedereen. Flexibele en heterogene differentiatie ondersteunt dit proces. Interactie in de klas wordt versterkt door het gebruik van thuistalen. Verder creëert de docent een contextrijke en inclusieve leeromgeving door (culturele) achtergronden in de lesstof te integreren. Door positief en proactief op leerlinggedrag te reageren, wordt het voor leerlingen makkelijker om gewenst gedrag te tonen en actief deel te nemen aan de les.


       Lesdoelen
  1. Ik kan vormen van het deelwoord (participium) in het Latijn herkennen.
  2. Ik kan het participium in het Latijn op drie verschillende manieren vertalen.

Slide 6 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Het participium
Wat is het?
- Een deelwoord: tegenwoordig deelwoord (lachend) of voltooid deelwoord (gelachen)
- Een combinatie van een werkwoord en een bijvoeglijk naamwoord.

Welke soorten zijn er?
- tegenwoordig deelwoord: ppa = participium praesens actief
- voltooid deelwoord: ppp = participium perfectum passief

Slide 7 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Checkvraag
Opdracht: onderstreep het deelwoord en geef aan of het tegenwoordig (lachend) of voltooid (gelachen) deelwoord is:

1. Lachend gaat Samson op weg.
2. Uit Timna teruggekeerd bezoekt hij zijn ouders.
3. Toen Samson was vastgebonden, rukte hij zich los.
4. Delilah zei, het haar van Samson knippend:
5. De Filistijnen komen er rennend aan.
Schrijf op pag. 28 van je oefenboek

Slide 8 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Het participium
Hoe ziet het eruit?
- ppa: stam + (e)ns/nt- > ama-ns, ama-nt-is
- ppp: stam + tus > amatus (soms onregelmatig)

Hoe worden ze verbogen?
- ppa: volgens groep 3
- ppp: volgens groep 1/2
Kijk mee op pag. 37 van je tekstboek

Slide 9 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Checkvraag 1
Opdracht: vertaal de volgende ppp's

1. auditus                      
2. datus
3. missus
4. quaesitus
5. scriptus 
Schrijf op pag. 29 van je oefenboek

Slide 10 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Checkvraag 2
Opdracht: maak van de volgende werkwoorden een ppa in de nominativus en vertaal ze. 

1. rego (regere)             
2. custodio (custodire)
3. excerceo (excercere)
4. ludo (ludere)
5. fugio (fugere)
Schrijf op pag. 29 van je oefenboek
Let op: bij welke stammen heb je een plakletter (e) nodig?

Slide 11 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Het participium - in de zin
Waar moet je op letten?

Het ppa vertaal je gelijktijdig met de persoonsvorm:
> Terwijl ze lacht, komt Leen het lokaal binnen.
> Terwijl ze lachte, kwam Leen het lokaal binnen.
Het ppp vertaal je voortijdig aan de persoonsvorm:
> Nadat ze gelachen hebben, komen Sharif en Adham binnen.
> Nadat ze gelachen hadden, kwamen Sharif en Adham binnen.

Kijk mee op pag. 38 van je tekstboek

Slide 12 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Het participium - in de zin
Hoe kun je het vertalen?

1. Bijvoeglijk:
a. Deelwoord
Leen ridens = de lachende Leen
Pueri vocati = de geroepen jongens
b. Betrekkelijk
Leen ridens = Leen, die lacht
Pueri vocati = de jongens, die geroepen zijn
Kijk mee op pag. 38 van je tekstboek
Geen nominativus? Gebruik dan hij/zij!
Bijv. Zij die lacht
Zij, die geroepen zijn

Slide 13 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Het participium - in de zin
Hoe kun je het vertalen?

2. Predicatief (met een bijzin)
a. Van tijd > terwijl, wanneer, toen, nadat
b. Van reden > omdat, doordat
c. Van toegeving > hoewel, ook al
d. Van voorwaarde > als, indien
Kijk mee op pag. 39 van je tekstboek

Slide 14 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Het participium - in de zin
Hoe kun je het vertalen?

3. Zelfstandig
> Pugnans = strijdend > de strijder
> Victi = overwonnen > de overwonnenen 

Dit kan niet bij ieder werkwoord, het is afhankelijk van de betekenis
Kijk mee op pag. 40 van je tekstboek

Slide 15 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Het participium - in de zin
Hoe kun je het vertalen? Alle opties op een rij!
1.a. De kletsende Amani komt luid het lokaal binnen
1.b. Amani, die kletst, komt luid het lokaal binnen
2.a. Terwijl Amani kletst, komt ze luid het lokaal binnen
2.b. Omdat Amani kletst, komt ze luid het lokaal binnen
2.c. Hoewel Amani kletst, komt ze rustig het lokaal binnen
2.d. Als Amani kletst, mag ze niet het lokaal binnen
3. De kletstante Amani komt luid het lokaal binnen

Slide 16 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

       Checkvraag
Opdracht: vertaal de volgende zinnen predicatief. Gebruik steeds verschillende voegwoorden (vertaal dus zinnen dus meerdere keren op verschillende manieren).

1. Servus clamans dimittitur.
2. Samson in templum ductus moritur.
3. Victi hostes interfeciebantur.
Schrijf op pag. 35 van je oefenboek

Slide 17 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies

         Aan de slag
Maak taaloefening B en C (1-7) op pagina 35 van je oefenboek.

Dit is tevens het huiswerk voor volgende week!

Slide 18 - Tekstslide

6. Actieve verwerking
De docent maakt expliciet hoe de leerstof actief verwerkt dient te worden. De docent start met modelleren en laat leerlingen vervolgens actief inoefenen. Volgens het 'ik-wij-jullie/jij-wij' principe wordt de ondersteuning geleidelijk afgebouwd. Er wordt gevarieerd in oefentypes en het leerproces wordt zichtbaar gemaakt, bijvoorbeeld met hardop denken opdrachten. Effectieve leerstrategieën zoals zelftesten, gespreid leren, schema’s maken, en samenvatten volgens de Cornell-methode worden expliciet aangeleerd. Dit herkneden van de lesstof helpt bij het bewerken van het lange termijn geheugen
       Doelen behaald?
  1. Ik kan vormen van het deelwoord (participium) in het Latijn herkennen.
  2. Ik kan het participium in het Latijn op drie verschillende manieren vertalen.

Slide 19 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 

       Doelen behaald?
1. Ik kan vormen van het deelwoord (participium) in het Latijn herkennen. Opdracht: onderstreep alle participia uit tekst 15a en schrijf erboven of het een ppa of ppp is.
2. Ik kan het participium in het Latijn op drie verschillende manieren vertalen. Opdracht: vertaal op drie verschillende manieren:
Laborantes regem non audiunt.
- Bijvoeglijk:
- Predicatief:
- Zelfstandig:

Slide 20 - Tekstslide

8. Afsluiting
De docent controleert in de slotfase van de les of de leerdoelen door alle leerlingen behaald zijn en plaatst de les in de context van de betreffende periode. De docent evalueert samen met de leerlingen het leren en het gedrag en blikt vooruit aan de hand van de JdW-planner. 

Huiswerk

Dinsdag 16 december
- Taaloefening B+C
- Woorden les 14 herhalen

Slide 21 - Tekstslide

Deze slide heeft geen instructies