Rekenen vermenigvuldigen

Rekenen

Periode 1


Vermenigvuldigen



1 / 11
volgende
Slide 1: Slide
newEditorWiskundeMBOStudiejaar 1

In deze les zitten 11 slides, met tekstslides.

time-iconLesduur is: 45 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Rekenen

Periode 1


Vermenigvuldigen



https://d2o4qz7577m7zw.cloudfront.net/s/v/svo/mediaFiles/69/07/00/1897?response-cache-control=must-revalidate&response-content-disposition=inline%3Bfilename%3D%22VLE.vark.2.bolvmpmsl.ebo.300516.pdf%22%3Bfilename%2A%3DUTF-8%27%27VLE.vark.2.bolvmpmsl.ebo.300516.pdf&Expires=1631261022&Signature=JELVyuBk792yvOff2Ca76rnq51iQXP0r4g1dQyCtKB1-vnDIQSsF4Rvi85TPR2SIj0yTCZ7EC8gfIJ9dmyWxPoP6MZlrwxl2IKibjHhdrHROC5QB2jTkclBtj8KI7kioNBXhcxRA7sU7YgrpHbp0AgdRBiCndwi4trRFW4aZc0n~iLGBH4kfxcAW4dRH-x1wRbckoSWPbjyBvO0eOQhgkM~ekv6s-Dkq~8Eea1-vn7LxDtwFLpzWPUPcwfR3qoIGOQTsadVOkOo6aHD9wuQ8ekfiJHdC7el6dA~Qk~YiN3bd2J0dErQOq9OCiyOL2YHGtgVT6nlxr-jYiYpKtH4qXw__&Key-Pair-Id=APKAIPV4XDGTMH6T2VMA

Lesdoel

  • Je kunt sommen uitrekenen op de rekenmachine


Deze slide heeft geen instructies

Planning vandaag

Opwarmen


Theorie


Oefenen met vermenigvuldigen


Afsluiting

Deze slide heeft geen instructies

Opwarmen

Gooi met twee dobbelstenen.


Maak een som met deze twee getallen.

Deze slide heeft geen instructies

Vermenigvuldigen

Keer, maal, herhaald optellen

Vermenigvuldigen betekent dat je hetzelfde getal een paar keer bij elkaar optelt. Het is eigenlijk snel optellen.


8x5 is hetzelfde als 8 + 8 + 8 + 8 + 8

Deze slide heeft geen instructies

Even oefenen

6 x 16 =


19 x 3 =


5 x 24 =


32 x 7 =


4 x €10,50 =



Reken uit op je eigen manier. Dit mag ook met de rekenmachine.

Deze slide heeft geen instructies

Vermenigvuldigen met 10, 100 en 1000

Tel het aantal nullen van het getal waarmee je vermenigvuldigt:


14 x 10 = 140


14 x 100 = 1400


14 x 1000 = 14000


Deze slide heeft geen instructies

Kommagetallen

Als je een kommagetal vermenigvuldigt met 10, 100 of 1000, dan schuift de komma 1, 2 of 3 plaatsen op naar rechts.


2,15 x 10 = 21,5


Als je een getal deelt door 10, 100 of 1000, dan schuift de komma 1, 2, of 3 plaatsen op naar links.


12,5 : 10 = 1,25


Deze slide heeft geen instructies

Opgave 1

Thijmen rijdt elke dag met de auto naar zijn werk. Hij tankt 100 liter per maand.


Hoeveel betaalt hij nu meer per maand?


A €0,63

B €63
C €6,30

D €630

De prijs per liter is met €0,063 gestegen

Deze slide heeft geen instructies

Opgave 2

Filiz gaat met haar vriendengroep uit eten.

Ze zijn met tien personen.


Hoeveel euro moeten ze betalen?






SENSEI SUSHU


Sushi
10 x €19,99


Drankjes

10 x €2,25

Deze slide heeft geen instructies

Afsluiting

Lesdoelen behaald?


Volgende les:


Deze slide heeft geen instructies