9.6 DNA-technieken

9.6 DNA-technieken
1 / 25
volgende
Slide 1: Tekstslide
Biologie / VerzorgingMiddelbare schoolhavoLeerjaar 5

In deze les zitten 25 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 15 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

9.6 DNA-technieken

Slide 1 - Tekstslide

Begrippen
DNA-analyse
Sequencen
PCR
Verwantschap
Biotechnologie
Genetische modificatie
Transgeen
Recombinant DNA-techniek

Slide 2 - Tekstslide

Genetische modificatie
* recombinant-DNA-techniek: nieuwe erfelijke informatie aanbrengen in het DNA van een ander organisme
* het maken van een transgeen organisme


Slide 3 - Tekstslide

Recombinat-DNA Techniek 

Met behulp van de gentechnologie zijn genen te identificeren, te isoleren en te kloneren. Daardoor is het mogelijk om DNA-fragmenten opnieuw te combineren. De techniek maakt gebruik van plasmiden en restrictie-enzymen (knipenzymen) en ligases (plakenzymen)

Slide 4 - Tekstslide

Recombinant-DNA technieken
Recombinant-DNA-technieken: DNA overbrengen van de ene naar de andere soort.
--> bacteriën krijgen gen ingebracht dat verantwoordelijk is voor de productie van insuline --> maken daardoor insuline voor medicijn suikerziekte (diabetes).






Slide 5 - Tekstslide

-> recombinant DNA techniek
b.v. insuline

Slide 6 - Tekstslide

Genetische modificatie



  • Eigenschappen van organismen wijzigen.
  • Recombinant-DNA-techniek = nieuwe erfelijke informatie aanbrengen in het DNA van een ander organisme.
  • Organisme transgeen: gen van een organisme van een andere soort inbrengen.
  • Organisme cisgeen: gen van een organisme van dezelfde soort inbrengen.
  • GGO = genetisch gemodificeerd organisme

Slide 7 - Tekstslide

Restrictie enzymen
  • enzymen die stukjes van 4-8 nucleotiden kunnen herkennen en vervolgens het DNA daar knippen
  • afkomstig uit bacteriën 
  • gebruikt in de researchlab's op PCR fragmenten voor het kloneren, samenstellen van genen

Slide 8 - Tekstslide

PCR
(Polymerase Chain Reaction)
  • Het DNA dat uit cellen van een organisme wordt geïsoleerd, is meestal te weinig voor vervolganalyse
  • Met PCR (Polymerase Chain Reaction) kunnen een of meer specifieke gedeelten uit het DNA in een PCR-machine worden gekopieerd:
  1. Dubbelstrengs DNA wordt enkelstrengs DNA.
  2. Aanhechting primer aan DNA  door daling temperatuur. Speciaal ontworpen primers binden alleen rond het specifieke deel van het DNA dat moet worden gerepliceerd (bijvoorbeeld een gen).
  3. Hittebestendige DNA-polymerase synthetiseert de nieuwe strengen m.b.v. de vrije nucleotiden.
  • Tijdens een PCR wordt dit meestal zo’n dertig keer herhaald, DNA neemt exponentieel toe.

Slide 9 - Tekstslide






Stap 4 = stap 1
Zie BINAS: 71M2


PCR

Slide 10 - Tekstslide

PCR (polymerase chain reaction) = kunstmatige DNA replicatie
doel: DNA
vermeerderen

Slide 11 - Tekstslide

-techniek waarmee je DNA fragmenten op grootte kunt scheiden.

Slide 12 - Tekstslide

Slide 13 - Tekstslide

Biochemie en verwantschap
  • bouw van verschillende organismen
  • fossielen vergelijken
  • overeenkomst in DNA of eiwitten 

Slide 14 - Tekstslide

Stamboom aflezen
Met een stamboom kunnen wij de verwantschap tussen soorten bekijken.

Slide 15 - Tekstslide

Wat hoort NIET bij de grote risico's van biotechnologie?
A
Dat er schadelijke bacteriën vrijkomen
B
Door inbouwen genen => dieren misvormd
C
Gezondheidsproblemen bij gebruik GM voedsel
D
Dat het te duur wordt.

Slide 16 - Quizvraag

Je ziet hier een aantal begrippen die horen bij deze basisstof. Zet ze bij de juiste definitie.
Het veranderen van het genotypen van organismen door de mens.
Organisme waarbij het DNA is veranderd
Het DNA van het ene organisme kunstmatig inbouwen in een plasmide van een bacterie
een verzamelnaam voor technieken waarbij organismen worden gebruikt om producten te maken voor de mens
Transgeen
Biotechnologie
Recombinant-DNA-technieken
Genetische modificatie

Slide 17 - Sleepvraag

Wat beschrijft DNA-sequentie?
A
Volgorde van de basen in het DNA
B
Gekopieerd stukje DNA
C
Het maken van een eiwit in een cel
D
Tot uiting komen van een gen

Slide 18 - Quizvraag


Wat wordt er gedaan bij recombinant-DNA-techniek?
A
Met behulp van bacteriën wordt van melk yoghurt gemaakt.
B
Nieuwe klonen worden gemaakt van gunstige organismen.
C
Door het gebruik van gisten wordt brood, bier en wijn bereid.
D
In het DNA van een organisme wordt nieuwe erfelijke informatie aangebracht.

Slide 19 - Quizvraag

Het coderende DNA molecuul heeft de volgende code: TGCAAA
wat is de bijbehorende mRNA sequentie?
A
UGCAAA
B
TGCAAA
C
ACGUUU
D
ACGTTT

Slide 20 - Quizvraag

Hoe wordt een organisme genoemd dat genetisch gemodificeerd is?
A
Mutant
B
Genvariant
C
Crispr-Cas
D
Transgeen

Slide 21 - Quizvraag

Door welke eigenschap van DNA kan plasmide-DNA van een bacterie worden ingebouwd in het DNA van de aardappelplant?
A
Beide soorten DNA hebben dezelfde genetische informatie.
B
Beide soorten DNA hebben dezelfde structuur bestaande uit nucleotiden.
C
Beide soorten DNA hebben evenveel complementaire basenparen A-T als C-G.
D
Beide soorten DNA liggen los in het cytoplasma van de cel.

Slide 22 - Quizvraag

Wat begrijp ik al van deze basisstof?

Slide 23 - Open vraag

Wat vind ik nog moeilijk van deze bassistof?

Slide 24 - Open vraag

Wat ga ik doen om de stof nog beter te begrijpen/eigen te maken?

Slide 25 - Open vraag