Woorden over rechten en respect

Woorden over rechten en respect

1 / 32
volgende
Slide 1: Slide
newEditorGASVBuitengewoon secundair onderwijsType basisaanbod,Type 3,Type 9Opleidingsvorm 3Kwalificatiefase

In deze les zitten 32 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min
Dit is niet oké

Onderdelen in deze les

Woorden over rechten en respect

Deze slide heeft geen instructies

Lesdoel

Ik kan woorden over rechten, identiteit en respect begrijpen en correct gebruiken.

Deze slide heeft geen instructies

Welke woorden passen bij rechten en respect?

Gebruik de antwoorden als start: laat leerlingen enkele woorden kort uitleggen. Verwachte thema’s: eerlijk, regels, helpen, vrijheid, school, samenleven.

Rechten en plichten

  • rechten: dingen die je mag of krijgt

  • plichten: dingen die je moet doen

  • Rechten en plichten horen vaak samen

  • Voorbeeld: je hebt recht op onderwijs, en de plicht om regels te volgen

Houd het concreet met schoolvoorbeelden: recht op pauze, plicht om anderen niet te storen. Vermijd te moeilijke juridische uitleg.

Mensenrechten

mensenrechten zijn rechten voor alle mensen.

Ze gelden voor iedereen, waar je ook woont.

Voorbeelden zijn recht op leven, vrijheid en veiligheid.

Benadruk dat mensenrechten voor iedereen zijn, niet alleen voor volwassenen of voor mensen in één land.

Verdragen

  • verdragen zijn afspraken tussen landen

  • In verdragen staan vaak regels en rechten

  • Landen spreken af om zich eraan te houden

Je kunt zeggen: een verdrag is een officiële afspraak op papier tussen landen.

Vrijheid en meningsuiting

  • vrijheid: zelf kunnen kiezen binnen de regels

  • meningsuiting: zeggen of schrijven wat je denkt

  • Meningsuiting is belangrijk, maar je moet ook respect hebben

  • Vrijheid betekent niet dat alles mag

Leg eenvoudig uit dat vrijheid samen gaat met verantwoordelijkheid.

Kinderrechten

  • kinderrechten zijn speciale rechten voor kinderen

  • Een kind is minderjarig

  • Kinderen hebben recht op zorg, school en bescherming

Gebruik het woord minderjarig als: nog geen volwassene volgens de wet.

Wat zijn verdragen?

A

afspraken tussen landen

B

regels op school

C

meningen van mensen

D

kaarten met gegevens

Toetst het kernwoord uit de eerste woordenschatblok. Distractors komen uit andere woorden uit de les: regels, meningsuiting, identiteitskaart.

Vul de juiste woorden in

Je hebt rechten en plichten. Mensenrechten zijn voor alle mensen. In verdragen maken landen afspraken. Vrijheid betekent niet dat alles mag.

rechten
plichten
verdragen
Vrijheid
respect
diversiteit
identiteit
passief

Alle woorden komen uit slides 2 tot 6 en hebben elk maar één logische plaats in de tekst.

Passief en actief

  • passief: je doet weinig of niets

  • actief: je doet mee of onderneemt iets

  • Voorbeeld: passief toekijken of actief helpen

  • Beide woorden beschrijven gedrag

Deze slide heeft geen instructies

Identiteit

  • identiteit is wie je bent

  • Dat gaat over naam, gevoelens, taal, familie en interesses

  • Ook uiterlijk kan bij identiteit horen, maar identiteit is meer dan alleen hoe je eruitziet

Maak duidelijk dat identiteit persoonlijk is en uit meerdere delen bestaat.

Identiteitskaart

  • Een identiteitskaart is een officieel document

  • Daarop staan gegevens zoals naam en geboortedatum

  • Met een identiteitskaart kan je tonen wie je bent

Zeg erbij dat identiteit en identiteitskaart niet hetzelfde zijn: de kaart is een document, identiteit is wie je bent.

Discriminatie

discriminatie is iemand anders behandelen op een oneerlijke manier.

Dat kan gebeuren door huidskleur, geloof, taal, geslacht of uiterlijk.

Discriminatie is niet respectvol.

Gebruik eenvoudige, veilige voorbeelden zonder leerlingen persoonlijk in een ongemakkelijke positie te brengen.

Respect en diversiteit

  • respect: goed omgaan met anderen

  • diversiteit: verschillen tussen mensen

  • In een groep kan iedereen anders zijn

  • Respect helpt om goed samen te leven

Leg de link met de klasgroep: verschillen in taal, hobby's, geloof of uiterlijk.

Wie is minderjarig?

A

een kind

B

een soldaat

C

een land

D

een volwassene

Koppelt kinderrechten aan het woord minderjarig.

Wat betekent actief?

A

niets doen

B

meevechten

C

oneerlijk zijn

D

meedoen

Plausibele verwarring met passief en met andere leswoorden. Houd het concreet: actief = meedoen of iets ondernemen.

Kies de passende woorden

Je identiteit is wie je bent. Je uiterlijk hoort daarbij, maar het is niet alles. Een identiteitskaart is een officieel document met je gegevens.

identiteit
uiterlijk
identiteitskaart
diversiteit
respect
mensenrechten
stereotype

Laat duidelijk het verschil zien tussen identiteit en identiteitskaart.

Stereotype

  • Een stereotype is een vast idee over een groep

  • Zo'n idee is vaak te simpel

  • Niet iedereen in een groep is hetzelfde

Verbind stereotype met discriminatie: stereotypes kunnen leiden tot oneerlijke behandeling.

Objectief en subjectief

  • objectief: gebaseerd op feiten

  • subjectief: gebaseerd op je mening of gevoel

  • Voorbeeld: 'De jas is blauw' is objectief

  • 'De jas is mooi' is subjectief

Kies extra voorbeelden uit de klas als dat helpt: temperatuur, smaak, muziek.

Kinderarbeid

  • kinderarbeid is werk door kinderen dat niet goed is voor hen

  • Het kan school, rust en veiligheid afnemen

  • Kinderarbeid gaat in tegen kinderrechten

Houd de uitleg eenvoudig en feitelijk. Benadruk het verband met bescherming en onderwijs.

Kindsoldaat

  • Een kindsoldaat is een kind dat moet meevechten in een oorlog

  • Dat is gevaarlijk en fout

  • Kinderen hebben recht op bescherming, niet op oorlog

Wees voorzichtig met dit zware onderwerp; houd het kort en duidelijk op A1-niveau.

Strafbaar

  • strafbaar betekent: verboden volgens de wet

  • Als iets strafbaar is, kan er een straf volgen

  • Sommige vormen van discriminatie of geweld zijn strafbaar

Geef geen ingewikkelde juridische details; focus op de betekenis van het woord.

Wat is objectief?

A

een gevoel

B

een feit

C

een grap

D

een keuze

Sluit aan bij het contrast objectief-subjectief.

Vul de woorden aan

Als je iemand oneerlijk anders behandelt, is dat discriminatie. Respect tonen helpt in een groep met diversiteit. Een stereotype is een te simpel idee over een groep. Sommige daden zijn strafbaar volgens de wet.

discriminatie
diversiteit
stereotype
strafbaar
subjectief
vrijheid
verdragen
actief

Controleert de kernwoorden uit het laatste blok en de link tussen stereotype, discriminatie en strafbaar.

Waarom past kinderarbeid niet bij kinderrechten?

Verwachte elementen: kinderarbeid is schadelijk werk voor kinderen; het neemt school, rust of veiligheid af; het gaat in tegen kinderrechten. Bespreek in eenvoudige woorden.

Welk woord uit de les onthoud jij het best?

Reflectievraag zonder fout antwoord. Mogelijke antwoorden: rechten, respect, identiteit, objectief/subjectief, discriminatie.

Wat hielp jou vandaag het meest om te leren?

Reflectievraag over het leren. Laat leerlingen kort en eenvoudig antwoorden, bv. 'voorbeeld', 'uitleg', 'oefening'.

Woordenlijst

rechten - dingen die je mag of krijgt

plichten - dingen die je moet doen

mensenrechten - rechten voor alle mensen

verdragen - officiële afspraken tussen landen

vrijheid - zelf kunnen kiezen binnen de regels

meningsuiting - zeggen of schrijven wat je denkt

discriminatie - iemand oneerlijk anders behandelen

Deze slide heeft geen instructies

Woordenlijst

passief - weinig of niets doen

actief - meedoen of iets ondernemen

kinderrechten - rechten die kinderen beschermen

identiteit - wie je bent

kindsoldaat - kind dat moet meevechten in oorlog

minderjarig - nog geen volwassene volgens de wet

kinderarbeid - schadelijk werk door kinderen

Deze slide heeft geen instructies

Woordenlijst

uiterlijk - hoe iemand eruitziet

identiteitskaart - officieel document met persoonlijke gegevens

respect - goed omgaan met anderen

diversiteit - verschillen tussen mensen

stereotype - vast en te simpel idee over een groep

objectief - gebaseerd op feiten

subjectief - gebaseerd op mening of gevoel

Deze slide heeft geen instructies

Woordenlijst

strafbaar - verboden volgens de wet

Deze slide heeft geen instructies