2.2 Europese wereldrijken

2.2 Europese wereldrijken
Tijd van burgers en stoommachines
1 / 12
volgende
Slide 1: Tekstslide
GeschiedenisMiddelbare schoolvmbo tLeerjaar 2

In deze les zitten 12 slides, met interactieve quizzen en tekstslides.

time-iconLesduur is: 50 min

Onderdelen in deze les

2.2 Europese wereldrijken
Tijd van burgers en stoommachines

Slide 1 - Tekstslide

Aan het einde van de les...
  • Kun je beschrijven dat er in de 19e eeuw Europese wereldrijken ontstonden.
  • Kun je de Nederlandse koloniën noemen en uitleggen hoe Nederlands-Indië ontstond.
  • Kun je drie oorzaken van het modern imperialisme noemen.
  • Kun je uitleggen wat nationalisme is (herhaling).

Slide 2 - Tekstslide

Wat is nationalisme?

Slide 3 - Open vraag

(Traditioneel) imperialisme
  • Vanaf 1500:  Europeanen beschikken over koloniën.
  • Plantages in Amerika.
  • Handelsposten in Afrika en Azië (handelswaar).

Slide 4 - Tekstslide

Modern Imperialisme

  • Vanaf 1800: situatie verandert.
  • Zoveel mogelijk land bezitten en besturen.
  • Europeanen richten zich nu ook op het binnenland van Azië en Afrika.
  • Modern imperialisme: Het willen veroveren en besturen van zoveel mogelijk gebied.

Slide 5 - Tekstslide

Wat is een wereldrijk?

Slide 6 - Open vraag

Maar waarom?
  1. Meer grondstoffen nodig (olie, rubber en katoen) door Industriële Revolutie.
  2. Behoefte aan een grotere afzetmarkt.
  3. Nationalisme (aanzien).

Slide 7 - Tekstslide

Racisme
  • Al vanaf 1500 voelde Europeanen zich beter dan volken in de koloniën (zijn niet christelijk en lopen achter op techniek)
  • Vanaf 1800 een stap verder: witte mensen zagen zichzelf als een beter 'ras' => racisme.
  • Later: 'The White Man's Burden'

Slide 8 - Tekstslide

Nederlandse Koloniën
  • Rond 1800: VOC en WIC failliet=> gebieden en handelsposten nu van de Nederlandse regering.
  • Ontstaan van de koloniën Suriname, de Antillen en Nederlands-Indië.

Slide 9 - Tekstslide

Welke koloniën bezat Nederland na 1800?
A
Suriname, de Antillen en Nederlands-Indië
B
Nederlands-Indië
C
Nederlands-Indië, Suriname en Congo
D
De Antillen en Suriname.

Slide 10 - Quizvraag

Nederlands-Indië
  • Rond 1800: de kolonie bestaat  uit een aantal eilanden. 
  • Inheemse bevolking en vorsten eromheen. 
  • Vanaf 1800: Nederland breidt gebied uit=> bang dat andere landen hen voor zijn + grondstoffen. 

Slide 11 - Tekstslide

Afsluiting: Noem een oorzaak van het Modern Imperialisme.

Slide 12 - Open vraag